jul 4, 2019
BLOG – In Noord-Holland en Utrecht mogen ganzen de komende jaren vergast worden. Animal Rights en Fauna4Life stapten naar de rechter, maar deze stelde hen in het ongelijk. Campagneleider Jessica Smit geeft een reactie: “Ganzen doden helpt de vliegveiligheid niet en is even barbaars als onnodig.”
Vanaf eind mei worden elk jaar duizenden ganzen met hun jongen [vergast](https://www.animalrights.nl/ganzenvergassingen-nederland). Dit wordt vooral gedaan uit het oogpunt van vliegveiligheid: in de omgeving van Schiphol zouden de dieren het vliegverkeer hinderen. Helaas is het besluit om ganzen te vergassen gebaseerd op weinig steekhoudende argumenten.
Neem Schiphol. In het Ganzenbeheerplan omgeving Schiphol van de provincie Noord-Holland staat dat slechts 3 procent van alle in de omgeving gesignaleerde ganzen zich binnen tien kilometer van de luchthaven genesteld heeft. De overige 97 procent komt het gebied binnen om te foerageren. Rond zonsopkomst en zonsondergang komen deze ganzen af op de stoppelvelden, het gelegerd graan en het graszaad in de Haarlemmermeer. Omdat er in de omgeving van de luchthaven aantrekkelijk voedsel verbouwd wordt, zijn er dus ganzen.
De provincie wil maximaal duizend ganzen in de omgeving van Schiphol toestaan; de rest wordt vergast. Maar ook die duizend ganzen kunnen in een vliegtuigmotor vliegen. In plaats van zich op aantallen blind te staren, zou de provincie er goed aan doen om na te denken wat de Haarlemmermeer voor ganzen zo aantrekkelijk maakt. En of daar structureel iets aan te doen valt.
Want zoals poolonderzoeker Maarten Loonen van de Rijksuniversiteit Groningen opmerkt in de Leeuwarder Courant: het doden van ganzen is een heilloze weg.1 ‘Als in ons land ganzen worden afgeschoten, trekken er minder naar de broedgebieden. Daar hebben ze dan minder concurrentie, dus hebben ze de beste plekken met het meeste voedsel voor het uitzoeken. Met een beter broedresultaat als gevolg. Zo komen er weer meer naar de overwinteringsgebieden terug.’
1:Leeuwarder Courant – Afschot ganzen is een heilloze weg.
In de afgelopen jaren nam zowel het aantal ganzen als het aantal vliegbewegingen fors toe. Toch worden er jaarlijks slechts enkele ganzen door een vliegtuig geraakt. Dit is op zichzelf geen risico voor de vliegveiligheid. Dit benadrukt ook de Civil Aviation Authority (CAA) van het Verenigd Koninkrijk in een disclaimer bij het rapport Reported birdstrikes 2012-2016. De CAA waarschuwt voor conclusies op basis van uitsluitend kwantitatieve gegevens. Begrijpelijk, want in het Verenigd Koninkrijk werden er in 2016 maar liefst 1.834 vogels door vliegtuigen geraakt. Dit leidde tot geen enkel ongeluk.
Het vergassen gaat er niet zachtzinnig aan toe. De ganzen houden zich gedurende de ruiperiode vooral op in stroken grasland nabij water. De volwassenen staan op de uitkijk en de jongen kunnen zich te goed doen aan het gras. Bij het minste onraad springen alle ganzen in het water en wanen ze zich veilig van roofdieren. Het bedrijf Duke Faunabeheer drijft tijdens de ruiperiode grote groepen ganzen bijeen.
In een uitgekozen gebied wordt er een grote fuik opgebouwd. De fuik bestaat uit een hekwerk dat aan het begin tientallen meters breed is, geleidelijk smaller wordt en uitkomt in een vangkraal. De ganzen worden op het water met bootjes bijeengedreven en in de fuik op het land gejaagd. Wanneer er genoeg ganzen in de fuik zitten, worden ze in de gaskar geladen. De ganzen vertrappen elkaar, proberen in blinde paniek te ontsnappen en eenmaal in de kar worden de dieren in grote groepen tegelijk met koolstofdioxide (CO2) vergast.
Arie den Hertog, eigenaar van Duke Faunabeheer, ziet het vergassen van ganzen als een spel. In een korte documentaire van De Correspondent noemt hij het een ‘eerlijke strijd’: ‘Ik vind het leuk. Die ganzen zijn slim. Ik probeer een plan te trekken hoe ik ze wil gaan vangen en zij proberen een plan te trekken hoe ze kunnen ontsnappen. Dat is eigenlijk een hartstikke leuk spel met zijn allen. Ik probeer slimmer te zijn dan die ganzen en die ganzen proberen slimmer te zijn dan ik. Het is net een schaakspel eigenlijk.’
Deze dieren en hun jongen sterven een bijzonder stressvolle en pijnlijke dood. Maar het vergassen van ganzen is niet alleen barbaars, het is ook onnodig en zelfs contraproductief. Het is hoog tijd om over alternatieven na te denken. Beweeg boeren in de regio met regels, ruimtelijke instrumenten en subsidies tot het verbouwen van gewassen die ganzen niet lusten. Zet de bedragen die nu uitgegeven worden aan de zinloze bestrijding van een beschermde diersoort in voor innovatie, preventie en diervriendelijke maatregelen. Dat is beter voor de ganzen, maar ook voor ons, want ganzen doden helpt geen mens.
Jessica Smit, campagneleider Ban de Jacht Animal Rights
De provincie wil maximaal duizend ganzen in de omgeving van Schiphol toestaan.
jul 2, 2019
Deze week is Japan begonnen aan de eerste commerciële walvisjacht in 30 jaar. Ook gedurende de laatste drie decennia vermoorde Japan walvissen voor de handel, maar al die tijd verschool de economische supermacht zich achter wetenschappelijk onderzoek. Sinds Japan in december aankondigde de Internationale Walvisvaart Commissie IWC te verlaten is dat niet meer mogelijk. Voortaan ‘vist’ Japan in eigen wateren; dit betekent het einde van walvisvangst rondom Antarctica en is voor het eerst in de geschiedenis alle walvisvangst verdreven van de open oceaan en beperkt tot de kustwateren van een paar dissidente staten.
Op maandag vertrokken vijf harpoenjagers uit de noordelijke haven Kushiro. Ze mogen tot december 52 dwergvinvissen, 150 Brydevinvissen and 25 Noordse vinvissen doden.
De commerciële walvisvaart bracht de grote walvissen op de rand van uitsterven. Vooral na de Eerste Wereldoorlog bracht nieuwe technologie – stoom- en daarna diesel-aangedreven jagers, fabrieksschepen met koel- en vriesinstallaties en explosieve harpoenen – zelfs de verste regionen en snelste walvissen binnen bereik.
Na de Tweede Wereldoorlog, die de walvissen een paar jaar respijt had geboden, werd de Internationale Walvisvaart Commissie (IWC) opgericht met als doel om de walvisvaart – en dus slechts indirect de walvissen – te beschermen die werd bedreigd door het teruglopen van de walvisstand.
Na jaren van incompetentie ging de IWC er in de jaren ’60 van de vorige eeuw eindelijk toe over om bepaalde walvissoorten volledig te beschermen, gebieden aan te wijzen als walvisreservaten, quota vast te stellen voor het aantal te vangen walvissen, seizoenen vast te stellen waarin op walvissen mocht worden gejaagd en de vangst van walviskalveren en van moeders met kalveren te verbieden. Door verregaande corruptie van onder andere de USSR en Japan bleken deze maatregelen onvoldoende om de terugloop van de walvisstand te stoppen. Toen meer en meer, vooral Europese, landen de walvisvangst opgaven en onder invloed van een groeiende bewustwording onder de jaren ’70 bevolking, ontstond er een meerderheid binnen de commissie voor echte bescherming van walvissen. Dit leidde in 1982 tot een moratorium op de walvisvangst met ingang van 1986.
Dit moratorium is Japan altijd een doorn in het oog geweest, maar om visserij-belangen in Alaska veilig te stellen, stemde het land onder grote Amerikaanse druk er uiteindelijk toch mee in. Terwijl IJsland en Noorwegen bezwaar aantekenden tegen het moratorium en doorgingen met het vangen van walvissen in eigen wateren, was er voor Japan een maas in de regeling opengelaten om door te gaan met commerciële walvisvangst, alleen moesten ze het dan wetenschappelijk onderzoek noemen. Sindsdien heeft Japan walvissen gevangen in de Grote Oceaan, relatief dicht bij huis, en in de Zuidelijke Oceaan rondom Antarctica. In feite is Japan nooit gestopt met commerciële vangsten.
In 2014 besloot het Internationaal Gerechtshof (ICJ) in Den Haag echter, in een zaak aangespannen door Australië en gesteund door Nieuw Zeeland, dat Japan’s JARPA II Antarctische walvisvangst programma onwetenschappelijk was.
De Japanse walvisvloot bleef het seizoen 2014/2015 in de haven, maar keerde het jaar daarop terug met een aangepast 12-jarig programma met het sterk gereduceerde aantal van 333 dwergvinvissen als doelwit, ongeboren baby’s niet meegeteld.
Ook in 2018 vertrokken de Japanse walvisvaarders in de tweede week van november weer naar het zuiden en keerde begin dit jaar weer terug met een volle buit.
Dit was echter de laatste keer. Na jaren van pogingen om het moratorium op te laten heffen, heeft Japan besloten de handdoek in de ring te werpen en uit de IWC te vertrekken. De laatste druppel was mogelijk de IWC conferentie van september 2018 in Brazilië. Daar werd de niet-bindende ‘Florianopolis Declaration’ met meerderheid van stemmen aangenomen – 40 tegen 27 – die verklaart dat commerciële walvisvangst niet langer een geldige economische activiteit is of nodig voor wetenschappelijk onderzoek, en dat de taak van de IWC voortaan het beschermen van walvissen is en er niet verder over hervatting van commerciële walvisvangst gediscussieerd zal worden.
De Japanse kabinetssecretaris Yoshihide Suga bevestigde op 25 december 2018 dan eindelijk na maanden van speculatie en tientallen jaren van dreigementen dat Japan zich zou terugtrekken uit het lidmaatschap van de IWC per 30 juni 2019, en over te gaan tot commerciële walvisvangst in eigen territoriale wateren en Exclusieve Economische Zone (EEZ).
Dit is misschien een nederlaag voor de diplomatie, maar niet noodzakelijk voor de walvissen, omdat dit het einde inhoudt van walvisvangst rondom Antarctica. Alle walvisvarende landen zijn nu teruggedrongen naar hun eigen wateren en dat is voor het eerst in de geschiedenis.
De beslissing heeft grote voordelen voor de Japanse regering. De nationalisten zien het besluit als middelvinger naar inmenging uit het ‘Westen’, terwijl ze zonder al te veel gezichtverlies richting organisaties als Sea Shepherd, de kosten van de zwaar gesubsidieerde reis van de walvisvloot naar Antarctica kunnen besparen.
Daarnaast hoeft er geen duur nieuw zuidpool-bestendig fabrieksschip te worden gebouwd. Dit kan betekenen dat de Nisshin Maru het laatste echte fabrieksschip uit de walvisvaart geschiedenis is.
Ondertussen is de consumptie van walvisvlees in Japan onder de jongere generatie tanende; mogelijk wordt de subsidie voor de walvisvangst nu afgebouwd en kan deze activiteit uitsterven.
Begin 2019 kondigde de IJslandse regering een nieuw vijf-jaren plan aan voor de walvisvangst: per jaar mogen er 209 vinvissen en 217 dwergvinvissen gevangen worden. Echter eind juni werd er gemeld dat er dit jaar voor het eerst in zeventien jaar in IJsland geen jacht op walvissen zal zijn. Er is veel verzet vanuit de toeristenindustrie die vindt dat de walvisjacht de reputatie van het land schaadt. Daarnaast zijn er export problemen voor het vinvisvlees naar Japan.
In de afgelopen twee jaar heeft Noorwegen meer walvissen gedood dan IJsland en Japan tezamen, maar ook in Noorwegen blijft het aantal boten dat zich met walvisjacht bezighoudt dalen en heeft men moeite om het quotum te vullen. De vraag naar walvisvlees bij de consument daalt en het overschot wordt gevoerd aan pelsdieren.
Japan’s uittreding biedt ook mogelijkheden voor de IWC. Japan heeft jarenlang het lidmaatschap betaald – naast andere visserij-ontwikkelingshulp – voor tientallen ontwikkelingslanden in ruil voor hun stem. Deze door Japan geleidde oppositie, gesteund door de andere walvisvarende landen IJsland en Noorwegen, wist in september nog het uitroepen van een walvisreservaat in de Zuid-Atlantische Oceaan te blokkeren. Deze sabotage en corruptie is nu mogelijk verleden tijd. De IWC kan nu eventueel uitgroeien tot een echte walvis- en natuurbeschermingsorganisatie.
Er is natuurlijk geen rede tot feestvreugde. Japan zal nog steeds walvissen doden rondom de eigen archipel en dit zal gebeuren zonder het overzicht van de IWC. Japan kan zich echter niet langer verschuilen achter de wetenschap. Het land negeert nu openlijk de wil van de internationale gemeenschap en moet hiervoor keihard economisch aangepakt worden. Daarin is in ieder geval niets veranderd: die bal ligt nog altijd bij de politiek, waaronder ook de Nederlandse en Belgische.
jul 1, 2019
De Tilburgse [apenhandelaar Hartelust B.V](https://www.animalrights.nl/brandbrief-om-transport-apen-van-tilburg-naar-parma). staat op het punt om zes apen te transporteren naar het Italiaanse primatencentrum van de Universiteit van Parma. De apen worden gebruikt in experimenten waarbij ze blind worden gemaakt. Inmiddels zijn ruim[ 250.000 handtekeningen](https://www.change.org/p/giulia-grillo-salviamo-i-macachi-di-torino) opgehaald om de apen te redden. Robert Molenaar van Animal Rights: “We willen het transport stoppen en de apen redden van een afschuwelijke dierproef.”
Animal Rights wil het transport tegenhouden en organiseert woensdag 3 juli met 75 activisten een[ protest bij de loods](https://www.animalrights.nl/protest-bij-internationale-apenhandelaar) van apenhandelaar Hartelust aan de Kapelmeesterlaan 112B in Tilburg.”Naast de akelige dierproeven zorgt ook het langdurige transport voor stress en angst. Zo ga je niet om met dieren die zo dicht bij ons staan en net zoveel kunnen lijden en voelen,” aldus Molenaar.
Animal Rights heeft samen met Een DIER Een VRIEND een [brandbrief naar minister van Engelshoven verstuurd ](https://www.animalrights.nl/brandbrief-om-transport-apen-van-tilburg-naar-parma)met het verzoek om de handel in laboratoriumapen te verbieden. Frank Wassenberg van de Partij voor de Dieren heeft [Kamervragen](https://www.partijvoordedieren.nl/vragen/vragen-wassenberg-over-de-handel-in-apen) gesteld aan de minister.
[youtube:https://www.youtube.com/watch?v=FCaEBW7YrLo]
Beelden uit het proefdiercentrum in Parma
jun 29, 2019
BLOG – Ik denk dat het twintig jaar geleden was, de exacte datum weet ik niet meer. Samen met Mark Kulsdom (eigenaar van de Dutch Weedburger) vertrokken we naar Engeland om ons te voegen bij de Britse Hunt Saboteurs. Ons doel was het verstoren van de vossenjacht op het platteland aldaar.
De beruchte Country Side Alliance hield met groepen honden een klopjacht op vossen. De jagers waren zelf te paard en hadden de welbekende rode pakken aan. Het was rennen en vliegen die dag, maar ook succesvol: geen enkel dier werd gedood. De Hunt Saboteurs zijn een begrip in Engeland: sinds de jaren 70 worden er wekelijks ‘sabs’ georganiseerd met als doel wilde dieren in hun natuurlijke habitat beschermen.
In de afgelopen twintig jaar volgde ik de Hunt Saboteurs op afstand. Ik had mijn handen vol aan de campagnes tegen dierproeven in Nederland: acties bij laboratoria, infostands in de binnensteden, media te woord staan en gesprekken voeren met bestuurders van universiteiten. De resultaten waren er ook naar. Zo werden ruim 100 apen gered en opgevangen door Stichting AAP, hondenexperimenten gestopt in Maastricht en tabakstesten op dieren verboden.
Ik speelde ondertussen met de gedachten om alle ervaringen die ik had opgedaan toe te passen op andere thema’s. Zo werd Animal Rights geboren en werd ons werkterrein uitgebreid. Vanaf 2015 lag de focus niet enkel op dierproeven maar ook op bont, slacht en jacht.
In oktober organiseerde ik de allereerste ‘sab’ in Nederland. Na een tip van een aantal bezorgde buurtbewoners trokken we naar de Hoeksche Waard om ganzen te beschermen. Zij lieten ons zien hoe jagers in de vroege ochtenduren verscholen zitten in hutjes om de overvliegende ganzen te lokken met plastic exemplaren, lokganzen genoemd. Wanneer de ganzen de daling inzetten worden ze bestookt door schietgrage jagers.
Het idee van onze actie was simpel maar effectief: met toeters de overvliegende ganzen op tijd waarschuwen, zodat ze hoger gaan vliegen. Zodoende komen de dieren buiten bereik van het geweer. Nu, vier jaar later, zijn de Hunt Saboteurs in Nederland hard op weg om een begrip te worden. In meerdere provincies worden acties georganiseerd om wilde dieren te beschermen. En als we ze niet kunnen beschermen dan filmen we de jachtpartij. Op deze wijze hebben we al vele [misstanden](https://www.animalrights.nl/ban-de-jacht/onderzoek-naar-de-jacht) kunnen vastleggen.
Niet alleen in het veld, maar ook in de rechtszaal komen we op voor de wilde dieren. Samen met onze dierbare collega’s van Fauna4Life voeren we rechtszaken om ontheffingen aan te vechten. Denk aan zaken zoals de [vergassingen van duizenden ruiende ganzen](https://www.animalrights.nl/meldpunt-animal-rights-stop-de-vergassingen), het [vangen van kraaien met vangkooien](https://www.animalrights.nl/broedende-kraaien-gevangen-en-gedood) of het afschieten van [aalscholvers](https://www.animalrights.nl/de-aalscholvers-zijn-gered-van-afschot).
De media weet ons gelukkig ook steeds beter te vinden, zodat we een helder tegengeluid kunnen laten horen. Dat tegengeluid is meer dan ooit nodig. De machtige en rijke jagersvereniging is diep geïnfiltreerd in vrijwel alle politieke partijen. Wetgeving wordt regelmatig aangepast om tegemoet te komen aan de wensen van de jagers. Er wordt aan de lopende band een mediabeeld gecreëerd van betrokken, het liefst vrouwelijke, natuurliefhebbers die slechts oogsten uit de natuur: het ideale scharrelvlees. Want, hoe kan zo’n aardige dame nou dieren doodschieten voor haar plezier?
Deze uitgekiende propaganda willen we zoveel mogelijk onschadelijk maken met goede argumenten en duidelijk beelden. Jagen is een misselijkmakende hobby dat zorgt voor stress, angst en pijn bij dieren. Vele dieren worden aangeschoten en ontkomen. Zo vliegt 40% van alle [ganzen](https://www.animalrights.nl/ganzen-nederland) in Nederland rond met hagel in het lijf. [Vossen](https://www.animalrights.nl/vossen-nederland) worden met lichtbakken in het donker opgewacht om afgeknald te worden. En wat dacht je van [aalscholvers](https://www.animalrights.nl/de-aalscholvers-zijn-gered-van-afschot) op het sportlandgoed Zwartemeer in Drenthe? Die zouden dood moeten, omdat ze door hengelaars uitgezette vissen opeten. De wereld op zijn kop.
Ik zal nooit vergeten hoe een groep lachende volwassen mannen met honden een haas aan het opjagen waren. Ze schoten het dier aan en lieten de hond erop los. Vervolgens werd de haas met zes klappen doodgeslagen. Dát is het ware gezicht van de jacht.
[vimeo:https://vimeo.com/244858564]
Het doden van dieren voor vermaak en smaak staat lijnrecht tegenover het recht op leven en welzijn van elk individu. Bovendien kan de jacht nooit alle mensen voeden, plantaardige voeding wel. De jacht is een bloedige sport van een selectieve groep hobbyisten en moet zo snel mogelijk verboden worden.
Robert Molenaar, oprichter Animal Rights
jun 28, 2019
Op 25 juni jongstleden filmde Animal Rights verschrikkelijke beelden van een vleeskuiken dat langzaam crepeert in een transportwagen vlak voor aankomst bij pluimvee-exportslachthuis Clazing in Zevenhuizen; een plofkippen-slachthuis dat vooral aan de halal-markt in het buitenland levert. 1
1: https://www.clazing.nl
Het dier ligt op de rug, probeert zich wanhopig op te richten, maar valt stuiptrekkend terug in zijn of haar oorspronkelijke positie. “Iedereen met een beetje empathie moet zich kunnen verplaatsen in het lijden van dit individu,” zegt Animal Rights directeur Susan Hartland. “Dat zou er echter ook toe moeten leiden dat je als consument hier niet medeschuldig aan wil zijn.”
De activisten hadden netjes aan de chauffeur gevraagd of ze een paar minuutjes mochten filmen en dat werd vriendelijk lachend toegestaan. Na een bedankje vervolgde de chauffeur even later gemoedelijk zijn weg.
Vreemd genoeg kwam het propagandamedium van de kippensector, Pluimveeweb, nog voordat de beelden naar buiten werden gebracht met een ‘damage control’ poging. Voorzitter Gert-Jan Oplaat van de branchevereniging van pluimveeslachterijen Nepluvi werd opgetrommeld om schande te spreken van de ‘actie’: “De chauffeur kon helemaal niets doen en moest toekijken, terwijl de kippen in de brandende zon stonden, hoe de dierenactivisten hun beeldmateriaal schoten.” 2
Het zou inderdaad een warme dag worden, maar het was op dat moment pas 10:30 en van hitte was nog geen sprake.
2: https://www.pluimveeweb.nl/artikel/209652-dierenactivisten-zetten-kippen-in-de-brandende-zon-om-fotos-te-maken/
Niemand bestede aandacht aan het samenraapsel van ongefundeerde beweringen en dus voerde Pluimveeweb de volgende dag de bedrijfsleider van het slachthuis op om het zelfde verhaal nogmaals uit tweede hand te vertellen:
“Ook al staat de vrachtwagen maar een paar minuten stil, de temperatuur loopt wel snel op. Dit leidt onmiddellijk tot hittestress bij de kippen.” 3
“We zijn blij dat de sector erkent dat het onverantwoord is om dieren te vervoeren op zomerse dagen,” zegt Animal Rights campagneleider Erwin Vermeulen, “want de dieren krijgen dan natuurlijk ook hittestress wanneer de vrachtwagen voor een verkeerslicht of een kruising moeten wachten, in een file terecht komt, moet tanken of wanneer de chauffeur naar de WC moet.”
3: https://www.pluimveeweb.nl/artikel/209783-directeur-kippenslachterij-actie-dierenactivisten-om-kippen-in-brandende-zon-te-zetten-is-schandalig-en-onverantwoord/
De pluimveesector, van veevoerfabrikant tot boer tot transporteur tot slachthuis, moet zelf hittestress voorkomen door op zomerse dagen geen dieren te vervoeren. “De realiteit is dat het dierenleed de sector helemaal niets interesseert zolang het geen financiële consequenties heeft,” concludeert Vermeulen.
Sterker nog, Nepluvi doet niet eens mee aan het hitteprotocol dat wel voor andere landbouwdieren geldt. “Dit geeft opnieuw aan dat de pluimveesector geen enkel fatsoen kent,” zegt Vermeulen. “Ze schuiven de verantwoordelijkheid af en gaan door met ‘business as usual’ onder alle weersomstandigheden; zelfs boven de 35 graden grens die geldt voor ander ‘vee’.”
“Als dit filmpje straks op sociale media rondgaat, krijgt de (kippen)vleessector weer de Zwarte Piet toegespeeld,” huilt Nepluvi-voorzitter Oplaat. En daar zit het hem natuurlijk in.
“De chauffeur moet op het slachthuis van zijn ontmoeting verteld hebben,” speculeert Vermeulen. “Eén blik op de toestand van deze ‘lading’ vleeskuikens – kaal, ziek en zwak – deed vervolgens bij de slachthuismedewerkers het angstzweet uitbreken voor wat er op de beelden te zien zou zijn, en dus moest een laster en leugen campagne uitkomst bieden.”
“Geen van de wanhoopspogingen om de boodschapper aan te vallen, kan echter de inherente wreedheid van de vee-industrie verbloemen,” zegt Hartland. “Het korte leven van deze dieren is een lijdensweg, van het leven van de kuikens in de stallen, de mishandeling bij het vangen, de weersinvloeden op transport, tot de misstanden bij de slacht.”
“Het beeld van dit slechts 6 weken oude, stervende kuiken zegt alles over deze industrie,” zegt Vermeulen. “Geen enkel levend, voelend wezen verdient het om op deze wijze te creperen.”
In dezelfde vrachtwagen zat ook een vleeskuiken met een sterk vervormde snavel, die ondanks zijn of haar handicap de zes weken durende hel op de mesterij overleefde:
[vimeo:https://vimeo.com/349633988]
Iedereen met een beetje empathie moet zich kunnen verplaatsen in het lijden van dit individu
De realiteit is dat het dierenleed de sector helemaal niets interesseert zolang het geen financiële consequenties heeft
Geen van de wanhoopspogingen om de boodschapper aan te vallen, kan de inherente wreedheid van de vee-industrie verbloemen