Legaliseren illegaal transport en opslag eendenslachter Tomassen voorlopig van tafel

Op 29 november 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Ermelo aan eendenslachter Tomassen twee omgevingsvergunningen verleend voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van transport- en opslagactiviteiten. Deze zogenaamde kruimelvergunningen betreffen het achteraf legaliseren van het illegale gebruik van delen van de percelen aan het adres Fokko Kortlanglaan 112 en 122 voor transport en opslag ten behoeve van de eendenslachterij die gevestigd is op Fokko Kortlanglaan 116.

Het college ondernam deze dubieuze actie om de uitspraak van 31 maart 2022 van de rechtbank Gelderland te omzeilen, waarin de bestuursrechter oordeelde dat voor de twee activiteiten op de betreffende perceeldelen van het bedrijf geen planologische toestemming verleend is. De plankaart van het bestemmingsplan ‘De Driehoek 2016’ mist namelijk op delen van het bedrijf de functieaanduiding ‘ten behoeve van de pluimveeslachterij’.

Bezwaar

Tegen deze kruimelvergunningen hebben omwonenden van het slachthuis verenigd in de Stichting DOEH, en dierenrechtenorganisatie Animal Rights via hun respectievelijke advocaten (Schoemaker & Utopie Advocaten) bezwaren ingediend, welke voor behandeling zijn doorgestuurd naar een adviescommissie. Er werd tegelijkertijd ook advies gevraagd aan mr. dr. M.A.A. Soppe, specialist in de milieueffectrapportage en het natuurbeschermingsrecht.

De adviescommissie

De hoorzitting bij de commissie vond plaats op 6 april 2023, waarna de commissie – om onbegrijpelijke redenen – besloot Animal Rights niet-ontvankelijk te verklaren, niet-belanghebbend dus. Het college van Ermelo nam dit advies gretig over. De gelijkluidende bezwaren van de omwonenden liepen echter gewoon door.

Het advies

Op 27 juni 2023 heeft de commissie geadviseerd de kruimelvergunning met betrekking tot het perceel met nummer 112 te herroepen. De commissie heeft, net als Soppe, geconcludeerd dat de transportactiviteiten een essentieel en randvoorwaardelijk onderdeel uitmaken van de installatie(s) voor het slachten van de eenden.
Het slachten van dieren is onderhevig aan een milieueffectrapportage (m.e.r.) beoordelingsplicht, een toets van het bevoegd gezag om te beoordelen of bij een te nemen besluit belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. Een kruimelvergunning mag niet worden verleend als de activiteit m.e.r. beoordelingsplichtig is. Deze kruimelvergunning is daarom in strijd met de wet verleend.

Ten aanzien van het perceel met nummer 122 heeft de commissie geconcludeerd dat deze kruimelvergunning niet in strijd met de wet verleend is, omdat de opslagactiviteiten waar het om gaat, geen onderdeel zou uitmaken van de installatie(s) voor het slachten van de eenden.

Desgevraagd heeft expert Soppe bij e-mail d.d. 5 juli 2023 echter aangegeven zich niet in dit advies van de commissie te kunnen vinden. Volgens hem is niet de feitelijke situatie maatgevend, maar de vergunde situatie waaruit blijkt dat er sprake is van samenhang en randvoorwaardelijkheid voor de eenheid waarmee de eenden feitelijk worden geslacht.

Collegevoorstel

In een collegevoorstel van 17 augustus 2023 wordt vervolgens geadviseerd om de kruimelvergunningen te herroepen en de aangevraagde omgevingsvergunningen alsnog te weigeren. Dit scenario volgt het advies van Soppe en wijkt dus deels af van het advies van de commissie. Winst dus voor de bezwaarmakers.

Maar Ermelo zou Ermelo niet zijn als niet tegelijkertijd werd geprobeerd om de hele stinkende zaak voor Tomassen toch weer recht te breien. De bezwaren van de stichtingen worden toegekend, maar tegelijkertijd moet er een ‘richtinggevend principebesluit’ voor de nabije toekomst komen waarmee het college aangeeft planologische medewerking te zullen verlenen aan de transport- en opslagactiviteiten op de gewenste locaties. Het illegale gebruik van de twee percelen door Tomassen, moet en zal hoe dan ook gelegaliseerd worden door de gemeente Ermelo. Het college en de raad wordt gevraagd om mee te werken aan legalisatie van de bedrijfsactiviteiten van Tomassen in de huidige omvang.

Last onder dwangsom

Na de de uitspraak van 31 maart 2022 van de rechtbank Gelderland is er op 4 mei 2022 reeds een last onder dwangsom opgelegd voor deze illegale activiteiten. Op het moment dat zicht op legalisatie komt te vervallen, zal Tomassen direct dwangsommen verbeuren als de transport- en opslagactiviteiten op beide percelen toch plaatsvinden. Dat moment is nu aangebroken met (de intentie tot) het toekennen van de bezwaren, het herroepen van de kruimelvergunningen en dus weigeren van de omgevingsvergunningen voor de twee percelen.

Animal Rights in beroep tegen niet-ontvankelijkheid

Met het voorgenomen besluit en de motivatie dat het gebruik van beide percelen voor transport en opslag ‘samenhangt’ met en ‘randvoorwaardelijk’ is voor het slachten van eenden, is het niet langer vol te houden dat dierenrechtenorganisatie Animal Rights niet belanghebbend zou zijn. Animal Rights zal de niet-ontvankelijk verklaring van haar bezwaren daarom aanvechten bij de rechter.

De dierenrechtenorganisatie roept het college van Ermelo, en portefeuillehouder Hugo Weidema in het bijzonder, op om zelf tot inkeer te komen en de rechtbank en de begroting van Ermelo niet verder te belasten met het voeren van kansloze juridische procedures.

946 varkens stikten in Middelharnis, het alarm werkte niet, maar de varkensboer ging vrijuit

In de vroege ochtend van 24 juli 2019 zijn er “honderden” varkens omgekomen bij varkenshouder Van Genugten aan de Langeweg in Middelharnis. De dieren stikten door problemen met het ventilatiesysteem. De boer alarmeerde ’s ochtend de DCMR milieudienst Rijnmond en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit NVWA. Deze organisaties deden onderzoek. 1

De NVWA stelde in eerste instantie een ‘Inspectieverslag Welzijn varkens’ op. Er staat niet veel meer op dan “circa […] varkens gestikt door haperende ventilatie.” Het aantal gestorven varkens is weggelakt.

In het verslag van Van Genugten zelf, ingediend bij de milieudienst, staat te lezen dat er in die stal 1135 varkens zaten opgesloten, waarvan er 946 zijn overleden. De dieren waren rond de 3-5
maanden oud. Deze afdeling is aangesloten op een combiwasser (een gecombineerde luchtwasser die in meerdere stappen de lucht in stallen zou moeten zuiveren) en kan niet natuurlijk ventileren.

“De verzekering deelde ons al mee dat we geen schadevergoeding zullen krijgen.”

Regelmatig terugkerende staldrama’s

Dit is niet de eerste keer dat dit gebeurt. Animal Rights analyseerde eerder al vergelijkbare staldrama’s in Haaren, Meddo en Maarheeze.

Aan het zicht onttrekken

Het ‘ruimen’ van de gecrepeerde varkens mag door publiek en pers niet gezien worden. “We hebben alles netjes afgeschermd, ook in verband met de volksgezondheid’’, vertelt de ondernemer. 2

Op de dag van de ramp zei Van Genugten al tegen de milieudienst: “We hopen dat u begrip heeft voor de situatie en daarom geen verdere kenbaarheid aangeven om mogelijke activisten of veganisten te weren”. Daar liggen de belangen van de vee-industrie: niet het creperen van de varkens is het grootste probleem, maar de mogelijkheid dat iemand er beelden van maakt.

Een aantal “mindere varkens leefde nog”

In de bijlage bij het NVWA-rapport staat meer informatie: Het “incident” vond plaats in het achterste deel van stal 2 met vleesvarkens tot 80 kilogram. Om 2:30 ging het alarm af. Er was, naar eigen zeggen, binnen 5 minuten iemand ter plaatse.

“In het voorste deel van stal 2 (waar het alarm was afgegaan) was niets aan de hand. Halverwege de stal hoorde ik dat de ventilatoren niet werkten in het achterste gedeelte van de stal. Ik zag dat de frequentieregelaar niet werkte. Deze frequentieregelaar heb ik op handmatig gezet en toen sprong de ventilatie weer aan.
Toen ik de staldeur opentrok zag ik dat de varkens al dood waren. Voor onze veiligheid hebben we de ventilatoren eerst een half uur laten lopen voordat we de andere stallen in gingen. De meest varkens waren dood. Een aantal kleinere en mindere varkens leefde nog.
Omstreeks 8 uur zijn we gaan ruimen.
De levende varkens zijn verzameld in de voorste en laatste afdelingen. Deze varkens hebben we extra gevoerd en in de gaten gehouden. Zoals u ziet mankeren ze niets.”

Dat men na een dergelijke ramp nog altijd spreekt over “mindere varkens” geeft goed de liefdevolle band weer die deze varkensfokkers met de dieren hebben.

Het noodaggregaat sprong niet bij, het alarm ging te laat af

Over de alarmering wordt verklaard: “Het alarm testen we iedere 14 dagen. Hier houden we een logboek van bij. Ik heb op 12 juli 2019 het alarm voor het laatst getest. (Zie foto logboek)
Het aggregaat werkt alleen als de spanning wegvalt.
Ik heb geen idee waarom het alarm niet eerder afging.”

Als we echter naar die foto van het logboek kijken dan zien we dat het alarm in het half jaar daarvoor gemiddeld maar eens per maand getest werd, net als het noodstroomaggregaat: 12/7, 20/6, 15/5, 10/4, 8/3, 7/2, 16/1. Op, bijvoorbeeld, zeeschepen wordt dit wekelijks gedaan.

Een vinkje in een schrift kan iedereen zetten en is geen bewijs voor testen. Als er getest werd, is vooral van belang hoe er getest werd: Drukte men op een testknop en keek vervolgens of er een alarm op de mobieltjes verscheen? Startte men de generator handmatig en keek of deze bleef draaien? Of zette de varkensboer een realistische noodsituatie in scene en keek vervolgens of er daadwerkelijk een alarm volgde en het noodaggregaat uit zichzelf bijsprong?

Uit niets in de documenten blijkt dat de NVWA of DCMR hebben onderzocht waarom de frequentieregelaar zijn werk niet deed, waarom het alarm niet eerder afging en of de noodgenerator had moeten bijspringen.

Animal Rights vraagt de informatie op, maar de varkensboer wil geen transparantie

Deze informatie is niet zomaar openbaar, daar moet je wel om vragen. Animal Rights deed dat. Van Genugten diende daar in juni 2021 via haar advocaat bezwaar tegen in bij de NVWA en vroeg bij de rechter een voorlopige voorziening aan om publicatie van de documenten tegen te houden. Als redenen gaf men aan te vrezen voor “acties uit extremistische hoek” en “bescherming van de persoonlijke levenssfeer”.

Van Genugten heeft echter zelf een persbericht naar buiten gebracht: “We hebben samen met de betrokken instanties een goed afgestemd persbericht uitgebracht via de gemeente Goeree-Overflakkee.”
DCMR milieudienst Rijnmond waar Animal Rights ook informatie opvroeg en waartegen Van Genugten ook bezwaar maakte, refereert daar aan in hun afwijzing op dat bezwaar: “Het Wob-verzoek bevat tevens informatie die in belangrijke mate in een persbericht van d.d. 24 juli 2019 al openbaar is gemaakt waaronder de oorzaak en het gevolg van het incident op 24 juli 2019. Dit persbericht heeft weer geresulteerd in artikelen in het AD, RTV Rijnmond en de Telegraaf en een interview met een wethouder en locoburgemeester.”

De rechtbank oost-Brabant oordeelt februari 2020 dat het Wob-besluit valt in de categorie ‘evident rechtmatig’ en Van Genugten niet in aanmerking komt voor toewijzing van een voorlopige voorziening. Van Genugten moet de eigen proceskosten betalen.

Interessant is dat er in de door Van Genugten ingediende zienswijze wordt toegegeven dat de alarmering niet gewerkt heeft: “Cliënte heeft er alles aan gedaan om het verstikken van varkens te voorkomen. Echter de alarmering heeft die dag niet gewerkt.” En iets verderop: “Het vermelden van de oorzaak vindt cliënte onaanvaardbaar. Temeer daar de zinsnede suggereert dat de haperende ventilatie de oorzaak is van verstikking. Feitelijk zijn de varkens omgekomen omdat het alarm niet is afgegaan.”
Naar mening van Animal Rights crepeerden de varkens “feitelijk” omdat ze in de ammoniakdampen van hun eigen ontlasting worden gehuisvest en ze daarin niet kunnen overleven zodra de ventilatie even uitvalt.

In de pers beweerde Claudia van Genugten nog: “Het is een driedubbel beveiligd systeem. Alles heeft in principe gewerkt. Het alarm is ook afgegaan, maar toen de bedrijfsleider ging kijken, was het al te laat.” 3

Wat ze bedoelt met “een driedubbel beveiligd systeem” is dat het alarm aan drie mobieltjes wordt doorgegeven, in dit geval waren deze bij een medewerker en de bedrijfsleider in bezit. Er zijn dus geen drie afzonderlijke alarmsystemen. Als het alarm niet op tijd afgaat, wordt er ook niemand gewaarschuwd, al koppel je 100 mobieltjes aan de ‘Octalarm’-melder.
Er was blijkbaar geen mobieltje bij de familie Van Genugten zelf: “De bedrijfsleider heeft mij om kwart voor zeven gebeld en verslag gedaan van het voorval.”

Van Genugten trekt dus zelf de conclusie dat de alarmering niet naar behoren heeft gewerkt. Uit niets blijkt dat de NVWA heeft onderzocht waarom het alarm niet eerder afging, bijvoorbeeld door navraag te doen bij de leverancier/fabrikant van de alarminstallatie en/of de frequentieregelaar.
Zelfs de voor de hand liggende, eenvoudige vraag waar het alarm op reageert, of waar de frequentieregelaar op schakelt – temperatuur, overdruk in de stal, ammoniakconcentratie – lijkt niet gesteld te zijn.

Het lijkt er op dat Van Genugten dat zelf mocht onderzoeken: “Het precieze technische oorzaak van het haperend alarm zal [geanonimiseerd] begin september evalueren met de elektricien en de leverancier van de alarmapparatuur.” Deze evaluatie zit niet bij de documenten en is dus niet in het bezit van de NVWA.

Schuld?

Er wordt door de NVWA geen proces-verbaal opgemaakt.

De milieudienst concludeert dat er geen sprake is geweest van nalatigheid ”vanuit milieu-oogpunt”. De schuldvraag is verder aan de NVWA: “Is het bedrijf verwijtbaar geweest inzake dit voorval is kern van het onderzoek van de NVWA.”

In het rapport van de DCRM lezen we het standpunt van de NVWA: “Op vrijdag 26 juli heb ik telefonisch gesproken met [geanonimiseerd], toezichthouder van de NVWA die de locatie op 25 juli heeft bezocht. Hij gaf mij aan dat hij niet kon hardmaken dat de ondernemer nalatig is geweest in zijn zorg…”

In dezelfde nacht komen ook 2.100 varkens om in Maarheeze. Daar oordeelt de rechter dat de “…varkens, die door de verdachte werden gehouden, als gevolg van een tekort aan verse lucht of zuurstof zijn gestikt en overleden. Hiermee staat vast dat de verdachte deze varkens de nodige zorg heeft onthouden.” In Middelharnis geldt natuurlijk exact hetzelfde.


  1. Reportage 1 ↩︎
  2. Reportage 2 ↩︎
  3. Reportage 2 ↩︎

Doodslaan haas niet strafbaar geacht, Animal Rights gaat in beroep

In december vorig jaar diende Animal Rights een handhavingsverzoek in bij de provincie Overijssel om handhavend op te treden tegen een drijver die met negen stokslagen een haas doodsloeg. De haas werd met de houten stok geslagen nadat een jager tijdens een drijfjacht op de haas had geschoten, maar deze niet direct dood was. De provincie wees ons handhavingsverzoek af.

Animal Rights ging in bezwaar tegen dit besluit, maar ook dit bezwaar werd afgewezen. Dit betekent dat de provincie nog steeds weigert om handhavend op te treden. Animal Rights gaat in beroep tegen dit besluit.

Dood door negen stokslagen

In november 2022 bracht Animal Rights beelden naar buiten van een jager die een aangeschoten haas genadeloos om het leven brengt met wel negen stokslagen. De beelden waren gemaakt in Overijssel, door een oplettende voorbijganger. Animal Rights diende naar aanleiding van de video een handhavingsverzoek in bij de provincie.

In februari dit jaar kreeg Animal Rights bericht dat het verzoek om handhaving is afgewezen. De provincie Overrijssel meende dat er geen sprake is geweest van een overtreding. De argumenten die de provincie gebruikte waren onder andere dat het dier ‘uit zijn lijden werd verlost’ door de stokslagen van de drijver en het wapen niet tijdens maar ná de jacht werd gebruikt. Ook werd er beweerd dat het dier niet uit zijn lijden verlost kon worden met een geweer omdat er dan van te dichtbij geschoten moest worden. Animal Rights tekende bezwaar aan tegen dit besluit.

De haas had in de eerste instantie überhaupt niet beschoten mogen worden, de jacht op dieren is een onnodige en bloeddorstige gebeurtenis. Dat er buiten het leed van het schot om ook nog eens negen stokslagen bovenop dit leed worden gegooid, is zachtgezegd barbaars.

Bekijk de schokkende beelden in dit artikel:

Geen respect voor slachtoffer

Enkele weken geleden kreeg Animal Rights te horen dat ons bezwaar tegen het besluit om niet te handhaven is afgewezen en de provincie achter hun argumenten blijft staan. Het doodslaan van een weerloos dier met een stok is volgens de provincie niet strafbaar.

Marco van Duijn, advocaat bij Utopie advocaten, vroeg bij de GS (Gedeputeerde Staten) het controlerapport op van het incident. Naast dat het rapport erg karig oogt, lijkt het er sterk op dat de persoon die het rapport heeft ondertekend nota bene zelf een jager is. Online is er een foto te vinden van de persoon in jachtkleding, poserend met twee jachthonden naast een object dat oogt als een jachttoren.

“Het signaal wat wordt afgegeven met het besluit van de provincie is alarmerend. Als het niet strafbaar is om een individu met negen stokslagen om het leven te brengen, wat beschouwt men dan wél als strafbaar? Dit besluit getuigt van een gigantische lak aan respect voor een onschuldig slachtoffer.”

Aysis Plet, campagnecoördinator

Aysis Plet, campagnecoördinator: “Het signaal wat wordt afgegeven met het besluit van de provincie is alarmerend. Als het niet strafbaar is om een individu met negen stokslagen om het leven te brengen, wat beschouwt men dan wél als strafbaar? Dit besluit getuigt van een gigantische lak aan respect voor een onschuldig slachtoffer.”

Animal Rights tekent beroep aan

Animal Rights tekent beroep aan tegen het besluit om deze harteloze hobbymoordenaar niet te straffen voor deze wandaden. De haas staat samen met een groot aantal andere zoogdieren op de rode lijst van bedreigde zoogdieren. Ondanks dit feit worden er nog altijd ontheffingen verleend om dit dier te doden. Wij zullen ons blijven inzetten voor alle slachtoffers van de jacht en pleiten voor een gehele afschaffing van alle vormen van de jacht in Nederland.

De persoon die het controlerapport van de GS opstelde en ondertekende

Tomassen Duck-To houdt te veel eenden; opnieuw volgen er dwangsommen

Op 3 augustus 2023 ontving eendenslachter Tomassen opnieuw een aankondiging van een last onder dwangsom. Deze keer gaat het om het houden van meer eenden dan toegestaan op een eendenmesterij in Hierden. De dwangsom volgt op een handhavingsverzoek ingediend door dierenrechtenorganisatie Animal Rights naar aanleiding van een vogelgriep-ruiming op het bedrijf in juni 2022.

Lees ook:

Op 10 juni 2022 bericht de Rijksoverheid dat er vogelgriep is vastgesteld op twee bedrijven in Hierden. Op ‘bedrijf 1’ van deze melding – ’Hierden V’ genummerd – worden “circa 100.000 eenden” geruimd. Uit onderzoek van Animal Rights blijkt dat het gaat om de stallen aan de Parallelweg 20 te Hierden. Dit bedrijf werd eerder ook al ‘geruimd’ op 4 februari van dat jaar. 1

Uit het onderzoek bleek verder dat de 100.000 ‘geruimde’ eenden, er meer zijn dan er op die lokatie gehouden mogen worden. Uit de natuurvergunning verleend door de Gedeputeerde Staten van Gelderland, blijkt dat het bedrijf ‘slechts’ 80.595 eenden mag houden. Ook de omgevingsvergunning verleend door de gemeente Harderwijk vermeldt dat er maximaal 80.595 ‘vleeseenden’ op het bedrijf mogen worden gehouden. Er werden dus ten tijde van de ‘ruiming’ in juni 2022 zo’n 25% meer eenden gehouden dan vergund.

Op 15 februari 2023 diende Utopie Advocaten namens Animal Rights een verzoek om handhaving in bij de gemeente Harderwijk. De gemeente stuurde het verzoek door aan de Omgevingsdienst Noord-Veluwe (ODNV) die er namens de gemeente op toeziet dat milieuwet- en regelgeving correct wordt nageleefd. In maart 2023 werd er een controle uitgevoerd op het bedrijf.

Eendenslachter is ook eendenhouder

Bovengenoemde vergunningen zijn verleend aan Hendrikse & Roos B.V.. Eigenaars Hendrikse en Roos verkochten het bedrijf op 28 oktober 2021 aan Duck-To Holding B.V., vertegenwoordigd door eendenslachter Gertjan Tomassen. Deze bracht het bedrijf, samen met zijn andere eendenhouderijen, onder in de holding Duck-To Farm B.V.. Hendrikse en Roos huren vervolgens de stallen weer terug van Tomassen om hun eendenmesterij voort te zetten.

“Zoals het teveel aan eenden ten tijde van de ruiming in juni 2022 niet de enige overtreding op dat specifieke bedrijf blijkt te zijn, ligt het in de lijn der verwachtingen dat deze overtredingen van eendenslachter Tomassen zich niet beperken tot alleen de locatie aan de Parallelweg 20 in Hierden.”

Susan Hartland, Animal Rights

Vandaar dat de ‘vooraankondiging last onder dwangsom’ is verstuurd aan zowel Hendrikse & Roos B.V. als aan Duck-To Farm B.V.. De heer Hendrikse geeft tegenover de toezichthouder van de ODNV aan dat Duck-To Farm regelt hoeveel dieren er in de stal terecht komen en ook de afvoer naar de slacht regelt. Hendrikse wijt het ‘opzetten’ van teveel eenden aan de situatie rondom vogelgriep.

De overbezetting van eenden ten tijde van de ‘ruiming’ in juni 2022 blijkt, echter, geen geïsoleerd incident te zijn. Uit het overzicht van alle aan- en afgevoerde eenden verkregen van AVINED, de overkoepelende organisatie van de pluimveesector, blijkt dat er tijdens de ruiming op 10 juni 2022 101.400 eenden zijn ‘geruimd’. Op 5 mei waren er 102.900 ‘vleeseenden’ aanwezig; op 2 juni 103.650; op 12 september 97.000; op 10 oktober 104.000; op 7 november 108.000; en op 12 december 109.500. Animal Rights trekt hieruit de conclusie dat het om structurele overtredingen gaat van zowel de natuur- als de omgevingsvergunning.

Eenden brengen ongeveer zeven weken in de stal door, voordat ze geslacht worden. Dat houdt in dat er met tijdelijke leegstand, voor bijvoorbeeld schoonmaken, zes a zeven rondes per jaar mogelijk zijn. Zes keer een overtreding in aantallen eenden houdt dus in dat iedere ‘ronde’ teveel eenden worden ‘opgezet’. De overtreding is dus structureel. Of dit gedaan wordt, omdat zoveel eenden sterven dat men na zeven weken precies het vergunde aantal dieren overhoudt, weten we niet.

Dwangsommen

Op 3 augustus 2023 maakt de ODNV het voornemen bekend om een last onder dwangsom op te leggen van 5.000 euro per overtreding tot maximaal 50.000 aan huurder Hendrikse & Roos B.V. en eigenaar Duck-To Farm B.V.. De bedrijven hebben 14 dagen om een zienswijze in te dienen. Na ontvangst van de definitieve last onder dwangsom krijgen de bedrijven nog eens een maand om de overtreding ongedaan te maken.

Een last onder dwangsom is geen afkoopsom, maar ook geen boete. Animal Rights is tevreden over deze eerste actie van gemeente en omgevingsdienst, geeft directeur Susan Hartland aan, maar verwacht van hen ook dat er boetes worden opgelegd voor de reeds begane overtredingen in 2022 en de jaren daarvoor. Daarnaast verwacht Animal Rights een uitgebreid onderzoek naar de overige eendenhouderijen waarbij Tomassen betrokken is. “Zoals het teveel aan eenden ten tijde van de ruiming in juni 2022 niet de enige overtreding op dat specifieke bedrijf blijkt te zijn,” zegt Hartland, “ligt het in de lijn der verwachtingen dat deze overtredingen van eendenslachter Tomassen zich niet beperken tot alleen de locatie aan de Parallelweg 20 in Hierden.”

De provincie Gelderland, waar gelijktijdig een handhavingsverzoek werd ingediend vanwege het overtreden van de natuurvergunning, heeft nog niet gereageerd en is ‘in gebreke’ gesteld.

Update

Op woensdag 23 augustus 2023 stelde raadslid Arthur Beek (GroenLinks) in de Harderwijkse ‘commissie stad & omgeving’ tijdens de rondvraag vragen over de opgelegde dwangsommen en handhaving bij de eendenhouderij in Hierden die teveel eenden hield. Hij vroeg specifiek of er bij de overige eendenhouderijen ook onderzoek uitgevoerd zal worden om te controleren of deze ondernemingen zich aan de vergunningen houden. Uit het antwoord van wethouder Martijn Pijnenburg (D66) bleek dat dit alleen zal gebeuren als er concrete aanwijzingen voor overtredingen zijn. De gemeente Harderwijk zal hiertoe dus niet uit zichzelf het initiatief nemen. Zouden ze het nieuws uit buurgemeente Ermelo daar niet volgen over de talrijke illegale activiteiten van Tomassen?


  1. Vogelgriep vastgesteld op 2 pluimveebedrijven in Hierden ↩︎

Harteloze NVWA wil Buba aan haar lot overlaten

Sinds 15 september 2015 geldt er een verbod op deelname met zoogdieren behorende tot wilde diersoorten aan circussen en andere optredens. Ook het vervoer van die dieren ten behoeve van een circus of ander optreden is sindsdien verboden. Dit had eindelijk verlossing moeten betekenen voor circusolifant Buba die al tientallen jaren door circus Freiwald van hot naar her werd gesleept.

Maar, nee, aan Freiwald is vanaf 15 september 2015 een ontheffing van het verbod verleend voor het mee mogen laten reizen van Buba met het circus. Hierbij werd (onder meer) als voorwaarde gesteld dat werd gezocht naar de mogelijkheden tot opvang voor Buba buiten het circus. Deze ontheffing is driemaal verlengd onder dezelfde voorwaarde.

Op 25 maart 2021 gaf toenmalig minister Schouten aan Freiwald een ontheffing voor onbepaalde tijd van het verbod en de voorwaarde over het zoeken naar een nieuwe locatie voor Buba werd losgelaten. Dit vanwege twee populistische moties die waren ingediend over het laten verblijven van Buba bij het circus. Aan de ontheffing is de beperking verbonden dat Buba niet wordt ingezet voor of verplaatst ten behoeve van optredens en tentoonstellingen door Buba of publiekseducatie met Buba in Nederland of het buitenland (Artikel 2).

Op 8 augustus 2022 hebben dierenrechtenorganisaties Animal Rights en Bite Back een handhavingsverzoek verstuurd aan de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). De aanleiding voor dit handhavingsverzoek was het vervoer van Buba vanuit haar verblijfplaats in Nederland naar het Kimba Elefant Park in Hongarije.

Lees ook:

De stichtingen stellen dat door de verplaatsing van Buba naar Kimba in strijd is gehandeld met artikel 2 van de ontheffing. In Hongarije wordt Buba immers tentoongesteld en moet ze kunstjes doen.

Op 23 december 2022 werd het handhavingsverzoek van de stichtingen afgewezen waarna ze bezwaar maakten. Er volgde een hoorzitting op 2 mei 2023 en op 21 juli 2023 wordt het bezwaar afgewezen.

De NVWA-jurist komt met de absurde redenering op de proppen dat, omdat Kimba geldt als dierentuin en ook in Nederland optredens met dieren in dierentuinen zijn toegestaan, Buba naar Kimba vervoerd mocht worden om daar opnieuw als circusdier – maar nu stationair – te functioneren.

De beperking in artikel 2 maakt, echter, helemaal geen onderscheid tussen circussen en dierentuinen. Buba mag niet worden ingezet voor of verplaatst ten behoeve van optredens en tentoonstellingen of publiekseducatie in Nederland of het buitenland. Punt!

Deze NVWA-jurist redeneert, echter, dat de “beperking is opgesteld om de essentie van het circusdierenverbod te kunnen waarborgen. De ontheffing beoogt niet het vervoer ten behoeve van (optredens in) dierentuinen te voorkomen.”

De NVWA zuigt hier met terugwerkende kracht uit haar duim wat met de ontheffing “beoogd” zou worden. De reden hiervoor is duidelijk: de NVWA zit met ‘De Zaak-Buba’ en de apathie van Schouten in haar maag en wil er zo snel mogelijk vanaf en wel zonder verdere inspanningen te verrichten. Het opleggen van een last onder dwangsom aan een in Duitsland geregistreerd circus is immers lastig. In gerechtigheid voor Buba is de NVWA niet geïnteresseerd.

Animal Rights en Bite Back vechten door voor Buba. We proberen te realiseren dat Buba terugkomt naar Nederland om van daaruit te verhuizen naar een permanente olifant-vriendelijke opvang zoals Elephant Haven in Frankrijk, een opvangcentrum dat is goedgekeurd door de ‘Global Federation of Animal Sanctuaries’.

Er loopt nog een procedure bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) ten aanzien van twee overtredingen van de CITES-basisverordening. Een andere procedure bij de NVWA gaat over het onrechtmatig verlenen van de hierboven genoemde ontheffing voor Buba en zebra Smiley. Wordt vervolgd!

Update

Op 3 maart 2025 maakt de Rechtbank Den Haag haar voornemen kenbaar een zitting te plannen in deze (beroeps)zaak. Gevraagd wordt of er bijzonderheden zijn die aan de inhoudelijke behandeling van de zaak in de weg kunnen staan. Die zijn er, want Buba is eind 2024 overleden.

Lees:

Deze treurige gebeurtenis maakt dat het directe, inhoudelijke procesbelang voor Animal Rights en Bite Back in deze zaak is komen te vervallen en de dierenrechtenorganisaties hun gronden van beroep intrekken. De stichtingen blijven van mening dat de landbouwminister ten onrechte niet heeft gehandhaafd in het kader van de verleende ontheffing. Tot slot achten de stichtingen het van belang dat de rechtbank, indien mogelijk, een overweging wijdt aan het (gebrek aan) handelen van de overheid in deze zaak, mede met het oog op de bescherming van CITES-soorten en de verantwoordelijkheid van de Minister bij het toezicht op naleving van verleende ontheffingen.