Animal Rights filmde opnieuw trieste toestanden bij supermarktketen Carrefour: een kreeft ligt levenloos op de bodem van het homarium. Dat is de watertank waar kreeften met vastgebonden scharen en zonder enig voedsel in gehouden worden, tot wanneer ze levend meegegeven worden met de consument. De beelden werden gemaakt op 16 januari 2023 in het Carrefour Hypermarkt-filiaal in Koksijde.
Het is de derde keer deze maand dat Animal Rights beelden van trieste toestanden bij kreeften in Vlaamse supermarkten naar buiten brengt. Animal Rights schreef minister Ben Weyts met de eis om de verkoop van levende kreeften bij wet te verbieden.
Uitgehongerd en met dichtgebonden scharen gestorven
Op de beelden zien we een overleden kreeft die op de rug ligt in het homarium. De kreeft stierf met vastgebonden scharen, ver weg van de habitat waaruit het dier werd weggerukt.
Kreeften die aangeboden worden in supermarkten krijgen geen voedsel. De dieren worden uitgehongerd en levend meegegeven aan de consument. Elke controle ontbreekt over wat er na de verkoop met de levende kreeften gebeurt. Hen levend in tweeën snijden of levend in kokend water gooien staat gelijk aan doodmarteling.
Animal Rights kreeg niet lang daarna beelden toesgestuurd vanuit een Carrefour-filiaal. Op de beelden zien we twee dode kreeften die met dichtgebonden scharen stierven in het homarium. Ze worden vastgehouden door een medewerker, die de dieren omdraait en waaruit blijkt dat de scharen en poten slap zijn. De dieren blijken in de supermarkt te zijn overleden.
Animal Rights schreef deze maand naar aanleiding van de schokkende beelden Delhaize en Carrefour met de vraag om te stoppen met de verkoop van levende kreeften.
Vreselijke lijdensweg
Kreeften worden over de hele wereld gevangen. Ze worden in grote hoeveelheden en met dichtgeplakte scharen opgeslagen totdat ze naar winkels en restaurants worden vervoerd. De wijze van vangen, vervoeren en houden levert de dieren enorm veel stress op. Zo leven kreeften in de natuur in diep, donker water op de bodem. Ze zijn bang voor licht en vermijden dat ook. Het contrast met een helverlicht aquarium in een supermarkt of restaurant kan niet groter zijn.
Kreeften voelen pijn
In november 2021 kondigde het Verenigd Koninkrijk aan de dierenwelzijnswet aan te zullen passen, omdat een overzichtsstudie van de London School of Economics (LSE) met sterke wetenschappelijke bewijzen kon aantonen dat onder meer kreeften pijnen angst kunnen voelen. In bijvoorbeeld Zwitserland, Oostenrijk en Nieuw-Zeeland is het levend en zonder verdoving koken van kreeften al verboden.
Het totaal aantal vergaste dieren: Nederland: 138.070, België: zeker 256.000.
Op 12 januari was het eerste geval van vogelgriep in België een feit: in Tongeren, provincie Limburg, werd het virus vastgesteld. 21.000 leghennen werden afgemaakt. 1
Op 17 januari volgde Nederland. In Loo, gemeente Duiven, provincie Gelderland vogelgriep vastgesteld. 60.000 leghennen worden vergast. 2
Op 20 januari is het raak in Wervik in West-Vlaanderen: 40.000 leghennen worden vergast. In een andere pluimveebedrijf, verderop in de straat, worden een onbekend aantal pluimveedieren eveneens gedood. 3
Op 25 januari wordt Wervik nogmaals getroffen. Dit keer worden er 97.000 kalkoenen vergast. 4
Op 26 januari is het raak in Abbega, provincie Friesland: 57.000 leghennen worden afgemaakt. 5
Op diezelfde dag wordt ook Nijkerk in de provincie Gelderland getroffen: 10.000 eenden worden vergast. Er geldt een vervoersverbod voor de 196 (!) omliggende pluimveebedrijven. 6
Op 8 februari werd in Philippeville, in de provincie Namen), hoogpathogene vogelgriep vastgesteld bij een hobbyhouder. Een onbekend aantal dieren is afgemaakt. 7
Twee dagen later, op 10 februari, wordt ook bij een hobbyhouder in Berlare, provincie Oost-Vlaanderen, hoogpathogene vogelgriep aagetroffen. Een onbekend aantal hobbydieren is afgemaakt. 8
Op 15 februari wordt vogelgriep aangetroffen bij een kleinschalige veehouder in Rozenburg, provincie Zuid-Holland. De 70 kippen zijn afgemaakt. 9
Op 16 februari werd in Lochristi, provincie Oost-Vlaanderen, vogelgriep aangetroffen bij reisduiven. De dieren die niet aan de ziekte waren bezweken, zijn afgemaakt. 10
Op diezelfde dag werd het virus eveneens aangetroffen bij een hobbyhouder in Lens, provincie Henegouwen. Een onbekend aantal hobbydieren is afgemaakt. 11
Een dag later, op 17 februari, was het raak bij een hobbyhouder in Zandhoven, provincie Antwerpen. Een onbekend aantal hobbydieren is afgemaakt. 12
Op 20 februari werd het virus vastgesteld bij een hobbyhouder in Péruwelz, provincie Henegouwen. Enbekend aantal hobbydieren is afgemaakt. 13
Op 24 februari werd het virus aangetroffen bij een bedrijf in Aalst, provincie Oost-Vlaanderen, dat kuikens opfokt voor de slacht. 73.000 kuikens werden vergast. 14
Op 27 februari werd in Menen (West-Vlaanderen): Onbekend aantal hobbydieren. 15
28 februari Aalst (Oost-Vlaanderen): Onbekend aantal hobbydieren. 16
24 juli Biddinghuizen (Flevoland): 11.000 leghennen. Het betreft een nieuwe variant van het H5N1-virus. 17
11 november Renswoude (Utrecht): 65.000 leghennen. 18
14 november Middelie (Noord-Holland): 180 kippen. 19
15 november Zaandijk (Noord-Holland): 40 vogels. 20
24 november Alphen aan den Rijn (Zuid-Holland): 90 vogels. 21
1 december Diksmuide (Oost-Vlaanderen). Onbekend aantal dieren. 22
2 december Putten (Gelderland): 110.000 kippen. 23
8 december Diksmuide (Oost-Vlaanderen). Onbekend aantal dieren. Bedrijf gevestigd naast voorgaande. 24
26 december Alveringem (West-Vlaanderen): 25.000 kalkoenen. 25
29 december Veurne (West-Vlaanderen): onbekend aantal dieren. Bewakingszone overlapt met bewakingszone van Alveringem. 26
Op 18 oktober 2022 lieten de regionale autoriteiten van Galicia, in het noordwesten van Spanje, 52.000 nertsen afmaken. Op de fokkerij in Carral bij A Coruña, waar de dieren werden gehouden, was vogelgriep vastgesteld. Gisteren werd bekend dat de dieren elkaar waarschijnlijk onderling hebben besmet.1
Ernstige longontsteking en bebloede snuiten
Net als bij Sars-cov-2 bestonden de eerste symptomen bij de Spaanse nertsen uit luchtwegproblemen en verhoogde sterfte. Als resultaat van uitgevoerde tests werden twee positieve gevallen van influenza A (H5N1) gedetecteerd: dezelfde virusvariant die ook bij ons leidt tot de massale ‘ruimingen’ van vogels. De fokkerij huisde op dat moment 8.369 fokdieren en 43.617 gespeende pups. Het bedrijf werd geïsoleerd en de dieren afgemaakt. Onderzoekers maakten gisteren bekend dat de nertsen elkaar mogelijk onderling besmet hebben met het virus. Dit is het eerste bewijs dat het nu aanwezige vogelgriepvirus van zoogdier op zoogdier kan overgaan.2
Spaanse en Italiaanse onderzoekers hebben de uitbraak in de nertsenfokkerij bestudeerd. Die is waarschijnlijk ontstaan door de vermalen pluimveeresten die de nertsen gevoerd kregen. Maar het is ook mogelijk dat de nertsen in de open schuren in contact zijn gekomen met wilde zeevogels die besmet waren met vogelgriep.
Het sterftecijfer onder de nertsen liep snel op, tot 4,3 procent per week. Op het toppunt van de uitbraak in de fokkerij met 52.000 dieren betekende dat dat ruim 2.200 nertsen per week crepeerden. Necropsie op dode nertsen lieten ernstige longontstekingen en bebloede snuiten zien.
Het oplopende, hoge sterftecijfer is volgens onderzoekers een belangrijke aanwijzing dat de nertsen elkaar besmet hebben. “Het is niet waarschijnlijk dat besmetting bij al die sterfgevallen via het voer of contact met wilde zeevogels is gegaan,” zegt Thijs Kuiken, viroloog bij het Erasmus Medisch Centrum, tegen de NOS.
Bij iedere hoogpathogene vogelgriepepidemie raken er wel mensen en andere zoogdieren besmet, met regelmatig sterfgevallen tot gevolg. Ook nu geeft de wereldgezondheidsorganisatie (WHO) aan dat nieuwe besmettingen van mensen zijn te verwachten, zolang de virussen blijven circuleren.3
Wrede en onnodige testen op fretten
‘Normaal’ gesproken is het vogelgriepvirus niet ver genoeg gemuteerd om besmetting van zoogdier op zoogdier en van mens op mens mogelijk te maken. Nu dat wel een optie lijkt, is de kans op een wereldwijde vogelgrieppandemie onder mensen weer een stap dichterbij gekomen.
Wat doen wetenschappers als ze niet zeker zijn van hun zaak? Dan gaan ze vreselijke tests uitvoeren op andere dieren om hun nieuwsgierigheid te bevredigen. “Ze wachten op verder onderzoek uit het laboratorium, waar onder meer de besmettelijkheid van het vogelgriepvirus van fret naar fret bestudeerd wordt,” aldus Kuiken.
Ook Sars-cov-2 besmettingen werden het eerst bij fretten aangetoond, net als de nerts een marterachtige. Alle marterachtigen zijn gevoelig voor infectie met influenzavirussen. Hoe efficiënt het virus van marterachtige op marterachtige overgaat is een goede maat voor de efficiëntie waarmee het virus van mens op mens zou kunnen overgaan.
Dit onderzoek is naast wreed en onrechtvaardig ook overbodig, want de oplossing is overduidelijk: beëindig de bontindustrie, stop met het houden van marterachtigen!
Vogelgriep in Nederland
In Nederland duurt de vogelgriepepidemie nu al zo’n vijftien maanden. Meer dan zes miljoen dieren zijn het slachtoffer geworden van deze ziekte en de ‘ruimingen’ op de bedrijven. Animal Rights roept al maanden op om de lege stallen niet te vullen met nieuwe dieren, zoals nu gebeurt. Het is onbegrijpelijk dat de Nederlandse overheid geen verregaande maatregelen neemt het virus te stoppen.
Animal Rights en Partij voor de Dieren Den Bosch hebben gisteren een brandbrief tegen dierproeven aan een naaste medewerker van minister Adema overhandigd. In de brief, die 3.555 keer ondertekend is in vier weken, wordt de minister van LNV gevraagd dierproeven zo snel mogelijk af te bouwen.
Minister Adema van LNV heeft sinds gisteren een indrukwekkende herinnering aan de wreedheden van dierproeven op zijn kantoor staan. Samen met Partij voor de Dieren Den Bosch overhandigde Animal Rights woensdag [een brandbrief](https://www.animalrights.nl/onderteken-de-brandbrief) aan het ministerie en daarbij gaven we ook een bord met de afbeelding van proefdier Charlie. Hopelijk zal de indringende blik van de beagle, een veelgebruikt hondenras in dierproeven, de minister aansporen zijn belofte te houden. Een belofte aan de Tweede Kamer, de Nederlandse bevolking én de honderdduizenden dieren die ieder jaar in Nederland lijden en sterven als gevolg van gruwelijke en zinloze experimenten. Dierproeven moeten worden afgebouwd, niet opgevoerd. Dit moet topprioriteit zijn.
Proefdiercentrum Charles River mag de komende vijf jaar 649.495(!) dieren vergiftigen. Dat is meer dan een verdubbeling van het aantal dieren dat de multinational in de vorige periode mocht gebruiken. En dat terwijl toenmalig staatssecretaris in 2016 Martijn van Dam namens het kabinet de ambitie uitsprak dat Nederland in 2025 ‘wereldleider’ zou zijn in proefdiervrije innovatie.1 Daar is niets van terechtgekomen. Van het ministerie hoorden wij dat minister Adema ook ‘niet blij’ is met de aantallen in de nieuwe vergunning aan Charles River. Toch is hij eindverantwoordelijk voor de vergunning die is afgegeven.
Paulien Edixhoven van Animal Rights: “Minister, maak er werk van om voor eens en altijd de gruwelen te beëindigen die proefdieren achter gesloten laboratoriumdeuren moeten ondergaan. De testen zijn onzinnig, onbetrouwbaar en veroorzaken onnoemelijk veel leed.”
In de brandbrief, die binnen vier weken door 3555 mensen werd ondertekend, doen we de volgende oproep aan de minister:
• maak werk van de moties die bij het AO Dierproeven 2022 zijn aangenomen, waaronder de moties Beëindigen veiligheidstesten en Versnellen Transitie Proefdiervrije Innovatie (TPI);
• trek de vergunning voor Charles River in en verleen geen algemene vergunningen meer: proefdiernemers hebben hiermee vrij spel, wat niet de bedoeling is van de Wet op dierproeven;
• verleen geen vergunningen meer die om méér proefdieren vragen, uw doel is afbouwen, niet opbouwen;
• voer uw eigen beleid uit: forse afbouw giftigheidstesten, ten behoeve van betere wetenschap, betere veiligheidsbeoordeling en betere gezondheid door de ontwikkeling van proefdiervrij onderzoek;
• creëer draagvlak bij de Europese Commissie voor aanpassing van sterk achterhaalde regelgeving die het testen van medicijnen op dieren nog verplicht en voor het vereenvoudigen van goedkeuring van
diervrije testmethoden bij chemische stoffen.
De minister heeft de mogelijkheid om de afgegeven vergunning aan Charles River in te trekken. Wanneer hij uitvoering aan zijn opdracht wil geven, verwachten wij dat de vergunning opnieuw kritisch wordt bekeken en vernietigd zal worden. Ook kijken wij met grote verwachting uit naar het eerstvolgende Tweede Kamerdebat over dierproeven. Wij verwachten concrete plannen van de minister ten aanzien van het afbouwen van dierproeven en gaan ervan uit dat hij inzicht verschaft over op welke manier Nederland draagvlak creëert bij de Europese Commissie, waar veel wetgeving over dierproeven wordt bepaald.
Eileen Samshuijzen van Partij voor de Dieren Den Bosch: “De minister heeft een opdracht liggen vanuit de Tweede Kamer om dierproeven zo snel mogelijk te stoppen, daarnaast geeft de minister aan niet blij te zijn met de massale uitbreiding van Charles River. Dan is het nú tijd om daad bij woord te voegen. Minister, begin te handelen en laat zien dat u uw taak serieus neemt.”
Wij duimen voor de positieve invloed die onze Charlie op minister Adema zal hebben met zijn dagelijkse aanwezigheid!
Op 11 januari organiseerden Animal Rights en Partij voor de Dieren Den Bosch een [succesvolle demonstratie voor de poort van Charles River](https://www.animalrights.nl/geslaagde-actie-tegen-charles-river-den-bosch). En ook na het overhandigen van de brandbrief zetten we onze acties tegen dierproeven voort!
We sturen de brandbrief ook nog aan de ministers van OCW (Wetenschap) en VWS (Volksgezondheid), omdat zij ook over dierproeven gaan, en aan de commissie LNV van de Tweede Kamer. Daarmee komt de brief op de agenda van binnengekomen stukken bij het volgende debat Dierproeven, hopelijk dit voorjaar. Daarnaast loopt de rechtszaak van Animal Rights tegen de vergunning voor Charles River nog. Wordt vervolgd!
In het najaar van 2022 kwam Animal Rights te weten dat er een intentie bestond om de damherten in de uitgestrekte velden en kleiputten van Rumst af te schieten. Initieel leek deze van het Agentschap Natuur en Bos te komen. Uiteindelijk kwamen we te weten dat het initiatief genomen werd door de eigenaar van het terrein waar ze voorkwamen. Hoe dan ook was afschot geen optie voor Animal Rights.
Campagnecoördinator Joffrey Legon: “Om de daad bij het woord te voegen, gingen we meteen over tot actie. We zorgden ervoor dat verschillende beleidsmakers, verenigingen en belanghebbenden rond de tafel kwamen om diervriendelijke oplossingen te bespreken. Dankzij deze gesprekken hebben wij nu de bevestiging gekregen dat deze dieren niet door de plaatselijke wildbeheereenheid gedood zullen worden.”
Wij kregen via de burgemeester bevestiging dat de plaatselijke wildbeheereenheid (WBE) de damherten niet zal afschieten. Jagen op groot wild zou volgens de WBE zelfs praktisch niet haalbaar zijn door gebrek aan aaneensluitend habitat. Omdat wij bij Animal Rights niet geneigd zijn jagers op hun woord te geloven, vroegen wij onder de Wet openbaarheid van bestuur zowel het Faunabeheerplan1 als het eventuele afschotplan2 voor grofwildsoorten en meldingen voor bijzondere jacht of bestrijding op ree of damhert voor de jaren 2020-2022 op. In het Faunabeheerplan lezen we dat er geen beheersmaatregelen worden genomen voor het damhert noch de ree en dat men zelfs hoopt dat de soort zich verder zal uitbreiden in het werkingsgebied (om er dan vervolgens op te kunnen jagen weliswaar).
Nochtans zijn er voor reeën wél afschotplannen voor de jaren 2020-2022 aangevraagd én verleend. Daarnaast bestond er ook een bestrijdingsmelding voor het damhert die gelinkt lijkt te zijn aan de betreffende situatie. Gelukkig is deze nu wel verlopen. In elk geval kan men dus niet spreken van een geheelonthouding betreffende de intentie om grofwildsoorten te doden.
[Lees ook: Animal Rights blijft vechten voor de damherten in Rumst](https://www.animalrights.be/animal-rights-blijft-vechten-voor-de-damherten-rumst)
Het doden van de damherten blijkt nu toch niet (meer) op het programma te staan. Uiteraard blijft Animal Rights de situatie verder opvolgen om te verzekeren dat dit ook niet in de toekomst gebeurt, wanneer het stof wat is gaan liggen.
“Bij deze is onze opzet dus geslaagd.”, zegt Legon, “Ons initieel plan was om de dieren te vangen en te herplaatsen, dat is nu dus niet meer nodig.” Dergelijke ingrijpende en stressvolle acties zijn voor ons enkel een mogelijkheid in uitzonderlijke situaties en enkel in het belang van de dieren zelf. “Niet uit het idee van (antropocentrisch) beheer noch uit enige vorm van (subjectief) onbehagen.”, stelt Legon finaal.
Voor de verkeersveiligheid, die volgens het gemeentebestuur een probleem vormde, is een ecoduct3 een ideale oplossing. Tot die er komt (en die moeten er komen op heel wat plaatsen in ons land!) kunnen sensibilisering, een verlaagde snelheid ter hoogte van de oversteekplaatsen, extra signalering en wildrasters een oplossing bieden.