BRIEF NAAR MINISTER DEMIR: PLEIDOOI VOOR WAARDENWIJZIGING BEHEERKEUZES DRONGENGOED

Van 30 januari tot en met 3 februari en van 27 februari tot en met 3 maart heeft het Agentschap Natuur en Bos, net zoals [3 jaar geleden](https://www.animalrights.be/drongengoed-hertenkalf-voor-dood-achtergelaten), jachtpartijen in het Drongengoedbos ingepland. Onschuldige damherten en reeën zullen wederom opgejaagd en gedood worden.

Het beheer is gebaseerd op onvoldoende cijfers en het aanvoelen van bepaalde ‘stakeholders’. Naast de kwestie of beheer zelfs noodzakelijk zou mogen worden geacht, is Animal Rights van mening dat jacht anno 2023 niet meer aanzien zou mogen worden als een acceptabele manier van populatiebeheer. Wij dringen er bij de minister op aan deze en toekomstige slachtpartijen te voorkomen. Lees hieronder onze brief aan minister Demir.

Lees hier hoe tijdens de vorige jachtpartij [een hertenkalf voor dood werd achtergelaten.](https://www.animalrights.be/drongengoed-hertenkalf-voor-dood-achtergelaten)

Geachte minister Zuhal Demir

Dit schrijven komt naar aanleiding van de beheerkeuzes die het Agentschap Natuur en Bos maakte met betrekking tot het beheer van de reeën- en damhertenpopulatie in het Drongengoed. Animal Rights en haar volgers die de organisatie representeert, dringen aan op een levensbelangrijke herevaluatie waar er naast het economisch, maatschappelijk en ecologisch belang en naast het belang op niveau van de soort eindelijk de noodzakelijke aandacht gaat naar het individu. Het presumeren dat een dier enkel waarde heeft in relatie tot deze belangen, is ethisch onverantwoord, gebaseerd op een antropocentrische visie en verloochent daarnaast de intrinsieke waarde van het levend wezen.

Bij de beheerdoelstellingen, opgenomen in het Basisrapport wetenschappelijke onderbouwing beheerkeuzes voor grofwild in het Drongengoed (Casaer et al., 2021), lezen we nochtans dat het minimaliseren van onnodig dierenleed een belangrijk onderdeel uitmaakt van de strategie van het ANB. Die doelstelling zien wij graag in belangrijke mate in waarde toenemen. Het doden van zowel reeën als damherten zorgt voor immens veel dierenleed en is onnodig in se.

Het rapport stelt dat er in het geval van de ree, duidelijk densiteitsafhankelijke mechanismen optreden wanneer de populatie ongeveer 70% van de ecologische maximale draagkracht heeft bereikt. Deze mechanismen zorgen op een natuurlijke manier voor een impact op de populatieaanwas en- uitstroom die resulteert in een natuurlijke balans. Het afdoen dat er door middel van doden dierenleed wenst vermeden te worden dat voorkomt bij het benaderen van die draagkracht, is schijnvertoon. Animal Rights is dan ook van oordeel dat de noodzaak aan beheer van reeën in het Drongengoed niet gegrond is.

Ondanks dat bij het damhert deze populatieregulerende mechanismen niet zo snel optreden, pleit Animal Rights voor een herevaluatie van de -subjectief- onaanvaardbare impact op ecologische en maatschappelijke doelstellingen. Het damhert moet als levend wezen in zijn intrinsieke waarde erkend worden en niet enkel aanzien worden als exoot met recreationele meerwaarde. In uitzonderlijke gevallen dat beheer toch noodzakelijk wordt geacht moeten niet-actief populatiebeheer en niet-dodelijke vormen van actief populatiebeheer aangewend worden.

Eén zo’n vorm van niet-dodelijk actief populatiebeheer is geboortebeperking via het gebruik van immunocontraceptie. De nood aan administratieve voorbereiding en het overbruggen van kennislacunes door wetenschappelijk onderzoek mogen geen aanleiding vormen om toch te kiezen voor de makkelijkste weg. Het investeren in innovatieve oplossingen zoals geboortebeperking eventueel in combinatie met eenmalige afvang en herplaatsing zijn cruciaal in huidig en toekomstig beleid met groeiend belang voor dierenwelzijn en respect voor het individu.

Afschot heeft anno 2023 geen maatschappelijk draagvlak meer en moet bijgevolg niet meer aanzien worden als een acceptabele manier van populatiebeheer. Zo wordt er ruimte gecreëerd voor onderzoek en ontwikkeling naar diervriendelijke toepassingen en oplossingen. Geboortebeperking zorgt daarnaast voor een stabielere populatie zonder de ‘nood’ aan het herhaaldelijk doden van onschuldige dieren.

Minister, deze beheerkeuze die gebaseerd is op onvoldoende kwantitatieve en kwalitatieve cijfers waarbij uitsluitend (drachtige) hinden en kitsen het slachtoffer zijn, moet zo snel mogelijk teruggeroepen worden. Bij dit adaptief beheer op basis van het aanvoelen van bepaalde stakeholders, waar er per definitie zonder volledige kennis van de situatie gehandeld wordt, mogen er geen dierenlevens op het spel gezet worden. Een ontnomen leven kan namelijk niet teruggegeven worden.

Ten slotte vragen wij u, minister Demir, net zoals we al aan het Agentschap Natuur en Bos gevraagd hebben, om ons in toekomstige vergaderingen en overlegmomenten als stakeholder uit te nodigen. De belangrijkste stakeholders zijn de dieren zelf en laat het nu net hen zijn die wij vertegenwoordigen.

Alvast bedankt om deze brief met de nodige aandacht te lezen

Hartelijke groet
Animal Rights

JAGERS PLAATSEN KORVEN VOOR EENDEN – OM ZE VERVOLGENS DOOD TE KUNNEN SCHIETEN

Jagers maken graag goede sier met het plaatsen van broedkorven voor wilde eenden. Ze willen naar eigen zeggen het broedsucces van de dieren vergroten. In werkelijkheid willen ze natuurlijk dat er genoeg eenden zijn om op te kunnen schieten.

‘Jagers doen meer’ (om meer te kunnen jagen)

‘Boeren houden van koeien’ is inmiddels een even bekende als misleidende slogan. De campagne van Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt moest verbloemen dat koeien voor ondernemers in de bio-industrie niets meer dan een wegwerpproduct zijn.

Jagers hebben een soortgelijke kreet op social media: #JagersDoenMeer. Hiermee wil de Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging de indruk wekken dat er vooral aan ‘beheer’ wordt gedaan en dat de jager zich actief inzet voor bijvoorbeeld het in stand houden van soorten.

Een van de activiteiten waar de jagers graag groots mee uitpakken is het plaatsen van broedkorven voor wilde eenden, zeker nu het broedseizoen weer voor de deur staat. “Onze inspanningen om broedkorven te plaatsen zijn gericht op het vergroten van het broedsucces van de wilde eend. De boven water gelegen broedkorven bieden onderdak en bescherming tegen predatoren en weersomstandigheden aan onze broedende eenden,” aldus de website van de jagersvereniging.1

Een nobele daad, zo lijkt het. Animal Rights denkt daar anders over. Campagnecoördinator Anna Krijger: “Ten eerste is het een prachtige marketingtruc. De publieke opinie keert zich steeds meer tegen de plezierjacht en op deze manier proberen de jagers hun imago op te poetsen. Straks mogen de dieren de jagers nog gaan bedanken voor hun goedertierenheid.” En er is nog een reden waarom de heren (en een enkele dame) zo graag willen dat het broedseizoen succesvol verloopt. “Hoe meer eenden, des te meer er te jagen valt. Als het de jagers echt om het welzijn van de eenden te doen was, dan hielden ze wel op met jagen,” aldus Krijger.

Lees ook: De 7 grootste misverstanden over de jacht.

Steeds minder wilde eenden in Nederland

Sinds 1990 is ongeveer 30 procent van onze broedpopulatie verdwenen. Het aantal overwinterende wilde eenden is sinds 1990 met 40 procent gedaald. Ondertussen is de wilde eend één van de meest bejaagde diersoorten van Nederland. De wilde eend mag ter amusement bejaagd worden tussen 15 augustus en 31 januari. Er mag dan ook gebruik worden gemaakt van levende lokdieren. Hun vleugels mogen zelfs gekortwiekt zijn.

“Ondanks dat de wilde eend nog steeds één van de meest voorkomende watervogels is, is er in Nederland een daling in aantallen broedparen te zien. Uit eerder onderzoek van Sovon blijkt dat de lage kuikenoverleving een waarschijnlijke oorzaak is van de afname. Op het moment gaat minstens 60% van de natuurlijke nesten verloren. Door hierop in te spelen met kunstnesten denken we dit percentage drastisch te kunnen verlagen.” 2

Nee, dit citaat is niet afkomstig van een medewerker van een dierenrechtenorganisatie, maar opnieuw van de website van de jagersvereniging. Anna Krijger: “Je zou er ook voor kunnen kiezen om de eenden niet dood te schieten. Hoe meer volwassen eenden, des te meer succesvolle broedparen. Animal Rights is benieuwd of de jagersvereniging dat wil overwegen.”


  1. Jagers plaatsen broedkorven ↩︎
  2. Daling broedparen wilde eend ↩︎

BEZWAAR TEGEN ONTHEFFING VOOR DODEN VAN VOSSEN IN LIMBURG

Maandag 23 januari was Animal Rights aanwezig bij een hoorzitting in het Gouvernement aan de Maas in Limburg. Animal Rights had samen met Fauna4Life bezwaar ingediend tegen het besluit van Gedeputeerde Staten om een ontheffing te verlenen voor het doden, vangen en verstoren van vossen ter bescherming van hobbyvee in de periode van oktober 2022 tot en met december 2026.

De argumenten van Animal Rights en Fauna4Life in het kort

Tijdens de hoorzitting hebben drie (in principe) onafhankelijke personen de argumenten aangehoord van Animal Rights en Fauna4Life, de provincie Limburg, en als derde partij de Faunabeheereenheid, waarin jagers, grondbezitters en landbouw een meerderheid vertegenwoordigen.

Wat Animal Rights en Fauna4Life betreft is het duidelijk: er wordt niet voldaan aan de voorwaarden om een ontheffing voor het doodschieten van vossen te kunnen verlenen. Zo is evident dat er andere bevredigende oplossingen bestaan dan het doodschieten van vossen en dat de ontheffing niet nodig is omdat er geen sprake is van ernstige schade in de zin van de Wet natuurbescherming. Bovendien is onvoldoende onderbouwd dat de gunstige staat van instandhouding van de vos niet in het geding is.

In een voorlopige voorziening hadden de organisaties in december al gelijk gekregen van de rechter: in afwachting van het besluit van de provincie mogen de vossen ’s nachts niet worden afgeschoten ’ter bescherming’ van hobbyvee.

Betere oplossingen dan het afschieten van vossen

Gehouden (hobby)dieren kunnen en moeten wettelijk worden beschermd tegen predatoren zoals de vos. Dat kan door het plaatsen van rasters, om zo de gehouden dieren binnen en de predatoren buiten te houden. Al in 2002 bevestigde toenmalig staatssecretaris Faber van het ministerie van LNV dat proefondervindelijk is vastgesteld dat het vrij gemakkelijk is om omheiningen “100% voswerend” te maken. 1

In de ontheffing die er nu ligt laat de provincie de beoordeling – van de vraag of er geen andere bevredigende oplossing bestaat dan afschot – over aan de Faunabeheereenheid Limburg, oftewel: de jagers. Dit is echter de taak van de provincie zelf. In de periode van juni 2018 t/m mei 2022 hebben toezichthouders 25 van dit soort machtigingen voor het bestrijden van schade door de vos aan hobbyvee gecontroleerd. In veertien gevallen bleek dat in strijd met de ontheffing was gehandeld.

Uit de cijfers blijkt dat via deze ontheffingen in 2020 een aantal van 32 en in 2021 een aantal van dertig ontheffingen respectievelijk 91 en 52 vossen zijn gedood. Het gaat dus om een groot aantal vossen dat wordt afgeschoten, zonder dat de provincie vooraf heeft beoordeeld en besloten of er wellicht een andere bevredigende oplossing bestaat.

Geen sprake van ‘Ernstige schade’

Alleen tegen ernstige ‘schade’ mag, wanneer aan diverse eisen wordt voldaan, met een ontheffing worden opgetreden. De provincie heeft niet aan kunnen tonen dat er sprake is van ernstige schade. De reactie van de provincie, om deze voorwaarde dan maar te schrappen en een artikel te gebruiken dat uitgaat van ‘overlast’, is natuurlijk schandalig.

Advocaat Petra den Boer: “Het voornemen van de provincie om de ontheffing dan maar op een andere grond te verlenen is veelzeggend: deze ontheffing moet er linksom of rechtsom blijkbaar komen.”

Bovendien is niet aangetoond dat de beweerde ‘schade’ aan gehouden dieren is veroorzaakt door vossen. Als er dode dieren worden gevonden en/of dieren verdwijnen wordt altijd gemakkelijk naar de vos gewezen (en tegenwoordig ook naar de wolf), maar roofvogels, kraaien of marters kunnen evengoed slecht beschermd hobbyvee grijpen.

Gunstige staat van instandhouding

Het is onduidelijk hoe het met de vos gaat in Nederland. Het gaat hier om een beschermde diersoort, waarvoor de ontheffing voor afschot alleen kan worden verleend als er sprake is van een gunstige staat van instandhouding. De recentste cijfers over de staat van instandhouding zijn vier jaar oud.2

Dat duidelijke cijfers niet voorhanden zijn, terwijl er wel een daling zichtbaar is, geeft meer dan voldoende aanleiding om terughoudend te zijn in het verlenen van ontheffingen. Provincies dienen namelijk het voorzorgsbeginsel, waarvan binnen het milieu- en natuurbeschermingsrecht wordt uitgegaan, in acht te nemen.

Advies en besluit

De commissie zal alle argumenten in overweging nemen en een advies uitbrengen. De provincie neemt vervolgens een nieuw besluit dat, indien nodig, bij de rechter aangevochten kan worden. De termijn voor het besluit van de provincie is 8 februari, maar deze termijn kan nog met zes weken verlengd worden. Wordt vervolgd!

Heb jij de petitie tegen de heksenjacht op de vos al getekend?


  1. Brief staatssecretaris Faber, Vossenjacht (TRC 2002/3149), 23 april 2002 ↩︎
  2. Staat van instandhouding onduidelijk ↩︎

BEZWAAR TEGEN UITROEIING VAN DE WASBEER IN LIMBURG

Op maandag 23 januari 2023 was Animal Rights aanwezig bij een hoorzitting in het Gouvernement aan de Maas in Limburg. Animal Rights en Fauna4Life hadden bezwaar ingediend tegen het besluit van Gedeputeerde Staten van oktober 2022 om de wasbeer in Limburg uit te roeien door afschot.

Een invasieve exoot die hier al jaren voorkomt

De wasbeer staat op de zogenaamde Unielijst van invasieve exoten – dieren die van origine niet in Europa voorkwamen – waardoor EU-leden de verplichting hebben maatregelen te nemen tegen de soort. Welke maatregelen dat zijn is sterk afhankelijk van de status van de soort.

Allereerst zijn Animal Righs en Fauna4Life van mening dat de wasbeer onterecht als ‘artikel 17-soort’ is aangemerkt door Gedeputeerde Staten. Deze discussie – is de wasbeer een artikel 17-soort of een artikel 19-soort – is wat technisch, maar van groot belang voor wat de dieren te wachten staat. Een artikel 17-soort wacht namelijk uitroeiing na vroege detectie. Voor een invasieve exoot die onder artikel 19 valt, kunnen echter andere maatregelen worden genomen zoals TNR (Trap, Neuter, Release) en anticonceptie.

Omdat de wasbeer al vóór 2015 in Nederland voorkwam en een soort is die zich hier heeft gevestigd, is er geen sprake (meer) van ‘vroege detectie’. Wat Animal Rights en Fauna4Life betreft gaat het dus om een artikel 19-soort, die ‘vriendelijker‘ behandeld kan worden.

Advocaat Petra den Boer: “De provincie houdt strak vast aan de conclusie dat er sprake is van een artikel 17-soort onder de Exotenverordening en de Faunabeheereenheid is vastberaden de wasbeer uit te roeien. Dit is al jaren het beleidsdoel, maar tot op heden niet gelukt. Het zal ook niet lukken, want de wasbeer houdt zich niet aan grenzen en wasberen uit Duitsland en België zullen Nederland binnen blijven komen.”1

Niet-dodelijke alternatieven

Bovendien vinden Animal Rights en Fauna4Life dat er onvoldoende gekeken is naar niet-dodelijke middelen. Dit hangt samen met de artikel 19-status, omdat dan in de Exotenverordening verplicht wordt gesteld dat niet-dodelijke methoden in overweging worden genomen. Dit geldt in het bijzonder nu duidelijk is dat het uitroeien van wasberen helemaal niet haalbaar is, onder meer door migratie van wasberen uit Duitsland en mogelijk Wallonië.

Doodschieten van wasberen is onnodig

Ons derde bezwaar is dat de provincie niet heeft aangetoond dat het nodig is om de wasberen te ‘beheren’. In Europa is er geen bewijs gevonden dat wasberen een bedreiging vormen voor de soortenrijkdom of voor de aantallen van andere soorten. Er zijn Animal Rights en Fauna4Life ook geen gevallen bekend waarin de wasbeerspoelworm daadwerkelijk voor problemen heeft gezorgd voor de volksgezondheid in Nederland. Een laatste argument dat wordt ingezet voor beheer is ‘het vernielen van menselijke bezittingen’ door wasberen. Er zijn in Nederland echter helemaal geen schadegevallen bekend.

Advies en besluit

De commissie zal alle argumenten in overweging nemen en een advies uitbrengen. De provincie neemt vervolgens een nieuw besluit dat, indien nodig, bij de rechter aangevochten kan worden. De termijn voor het besluit van de provincie is 14 maart, maar deze termijn kan nog met zes weken verlengd worden. Wordt vervolgd!


  1. Wasbeer in de grensregio ↩︎

MUIZENGIF IS NU VERBODEN, WAT IS HET DIERVRIENDELIJKE ALTERNATIEF?

Gif met bloedverdunnende stoffen (anticoagulantia) mag in Nederland niet meer worden verkocht om ratten en muizen mee te doden. En dat is goed nieuws! Maar welke alternatieven zijn er dan nog om ‘overlast’ te bestrijden? En vooral: hoe kan dit op een diervriendelijke manier?

‘Diervriendelijk’ de nek breken

Er zijn drie belangrijke redenen waarom ratten- en muizengif niet langer verkocht mag worden. Het langzaamaan doodbloeden, gevolg van gif met een bloedverdunnende stof, betekent een lijdensweg van wel twee tot zes dagen. Bovendien worden er dieren resistent voor het gif en worden steeds meer dieren geboren die er minder gevoelig voor zijn. Ook ‘doorvergiftiging’ is een probleem: andere dieren die van het lokaas eten of een vergiftigde muis eten, zoals roofvogels, krijgen het gif ook binnen.1

Als alternatief wordt het plaatsen van een klassieke muizenval veelal aangeraden. Dit wordt ook gepresenteerd als ‘diervriendelijke optie’, omdat hiermee de nek van de muis gebroken wordt. Bizar, vindt Animal Rights. Campagnecoördinator Anna Krijger: “Ten eerste is het doden van een dier bij uitstek niet diervriendelijk. Ten tweede moet je er rekening mee houden dat de val niet op precies de ‘juiste’ plek neerkomt en dat het dier dus alsnog een langzame en pijnlijke dood sterft.”

Een vergelijkbare ‘oplossing’ om ratten te bestrijden is om ze dood te schieten. Verschillende media berichtten in de afgelopen maanden over ‘professionele’ jagers die met een luchtbuks op pad gaan om ratten te doden.2 Het spreekt voor zich dat Animal Rights ook hier fel op tegen is. Het bejagen van wilde dieren is onethisch en veroorzaakt enorm leed.

Het vangen en doden van ratten en muizen met een zogenaamde lijmplank is bij wet verboden.

Preventie: de enige diervriendelijke oplossing

Er is geen ethische of humane manier om een dier te doden dat niet dood wil. Dat mensen ratten en muizen vaak als ‘vies’ of ‘eng’ beschouwen doet hier niets aan af. De enige diervriendelijke manier om eventuele overlast tegen te gaan is preventie. Deze dieren komen op onze etensresten af en dus zullen wij mensen verantwoordelijkheid moeten nemen voor ons eigen gedrag. Hoe beter we onze etenswaren opbergen, hoe minder aantrekkelijk we onze leefomgeving maken voor ratten en muizen.

Hieronder een aantal tips:

  • Maak spleten en kieren dicht. Zorg wel voor voldoende ventilatie. Plaats voor ventilatieopeningen een rooster.
  • Repareer gaten in rioleringen en muren.
  • Plaats een vliegenhor in ramen en deuren die je openzet.
  • Zorg voor een schoon en opgeruimd huis. Gooi afval onmiddellijk weg.
  • Berg eten op in dozen van metaal of hard plastic, of in potjes met een goed sluitend deksel.
  • Geef huisdieren ’s morgens te eten en geef ze niet te veel. Als de muizen dan ‘s avonds op zoek gaan naar voedsel is het meeste op. 3

Adopteer een proefmuis of -rat!

Muizen en ratten zijn sociale en intelligente zoogdieren die gevoel hebben en pijn kunnen lijden. Ze worden veelvuldig gebruikt in de proefdierindustrie waar ze afschuwelijke tests moeten ondergaan. In samenwerking met Universiteit Utrecht heeft Animal Rights al honderden ex-proefdieren een mooi thuis en een tweede leven kunnen bieden.

Campagnecoördinator Anna Krijger: “Ook het leven van kleine knaagdieren doet ertoe, net als alle andere dieren. Muizen en ratten zijn niet op aarde zodat wij ze kunnen vergiftigen in dierproeven of omdat we ze vies vinden. Het is een teken van beschaving dat we ook hun levens op waarde schatten.”


  1. Muizengif verboden ↩︎
  2. Ratten bejagen met luchtbuks ↩︎
  3. Preventie ↩︎