In 2021 vroeg Animal Rights naar de cijfers van het aantal kippen dat dood aankomt bij de Belgische slachthuizen. Dat deed de dierenrechtenorganisatie naar aanleiding van cijfers vanuit het Verenigd Koninkrijk waaruit bleek dat jaarlijks 1 miljoen kippen sterft op transport. Animal Rights schreef het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) aan voor opheldering in ons land. Het FAVV weigerde echter alle medewerking en weigerde te antwoorden op onze vraag. Minister Ben Weyts maakt nu de cijfers voor België eindelijk bekend in een parlementaire vraag die gesteld werd door Vlaams Parlementslid Ludwig Vandenhove (Vooruit).
839.000 kuikens dood bij aankomst in Belgische slachthuizen
Op woensdag 16 februari stelt Vlaams parlementslid Ludwig Vandenhove (Vooruit) de vraag aan Ben Weyts over hoeveel kippen het jaarlijks gaat die aankomen in Vlaamse slachthuizen. 1 Vandenhove zegt daarbij: “Er bestaat dus niet alleen veel dierenleed in de stallen waar de kippen opeengepakt zitten – zoals we enkele weken geleden nog hebben gezien in Pano –, maar ook tijdens het vervoer naar het slachthuis.” Vandenhove benadrukt dat er geen exacte cijfers bekend zijn over het aantal kippen dat sterft op transport: “Dierenrechtenorganisaties zoals Animal Rights schat dat het om zo’n 300.000 kippen per jaar gaat. Dat is ongeveer 0,1 procent van het totaal aantal kippen, ongeveer het sterftecijfer in het buitenland.”
Minister Weyts antwoordt dat de dienst Dierenwelzijn deze cijfers sinds 2018 aangeleverd krijgt van het FAVV en geeft meteen duidelijke cijfers voor België mee: “In het jaar 2018 waren er 281 miljoen geslachte vleeskuikens. Dat is een indrukwekkend aantal. Het absolute aantal dode vleeskuikens bij aankomst was 839.000 of 0,3 procent. In 2021 was het totale aantal geslachte vleeskuikens 278 miljoen. Dat is iets minder, maar toch ook niet zo gek veel minder, moet ik zeggen. Het aantal dode vleeskuikens bij aankomst was 754.000 of 0,27 procent.”
Een vleeskuiken ligt dood in de vrachtwagen bij aankomst aan slachthuis Nollens
Cijfers veel hoger dan gedacht
De cijfers die Ben Weyts vrijgeeft liggen vele malen hoger dan de schatting gebaseerd op de cijfers van het Verenigd Koninkrijk en Nederland die Animal Rights in 2021 maakte: Volgens onze schatting zou het in ons land om zo’n 300.000 kippen gaan die al sterven nog voor ze bij het slachthuis aankomen. Alleen al in Vlaanderen ging het in 2021 om 754.000 dieren. In 2018 lag het cijfer op 839.000. Dat is dus bijna drie keer hoger dan de schatting die Animal Rights maakte.
Animal Rights vraagt het FAVV om opheldering over de specifieke cijfers in Vlaanderen, Brussel en Wallonië.
Creperen in de vrachtwagen
Animal Rights filmde in juli 2020 bij het Oost-Vlaamse kuikenslachthuis Nollens dat sommige dieren creperen in de vrachtwagens en dood aankomen. De trieste en hoge sterftecijfers die Ben Weyts vrijgeeft tonen hoeveel dieren er een akelige dood sterven in de vrachtwagens.
Oorzaken sterfte
Het artikel in de Guardian wijst vooral op extreme temperaturen en wateronthouding als doodsoorzaken. Pluimveetransport kent ook in België geen enkele vorm van ventilatie. De dieren zitten in opeengestapelde plastic kratten en alleen de rijwind zorgt in de zomer voor verkoeling, terwijl zeilen de dieren in de winter enigszins op temperatuur zouden moeten houden. Er is geen watervoorziening in de vrachtwagens en trailers. Bij oponthoud in extreme temperaturen kunnen kippen een stressvolle en pijnlijke dood sterven door hitte- of koudestress: ze creperen in de vrachtwagens.
Ook letsel opgelopen bij het vangen van de dieren in de stallen kan leiden tot sterfte.
In het herseninstituut van de Koninklijke Nederlandse Akademie van de Wetenschap worden verschrikkelijke experimenten uitgevoerd op apen, zo blijkt uit onderzoek van Animal Rights. In de periode van 2015 tot nu vonden er vier experimenten plaats waarbij tientallen resusapen akelige instrumenten in het hoofd kregen ingeplant.
“Je krijgt gewoon kippenvel als je de beschrijvingen van de proeven leest. Aapjes krijgen van alles en nog wat in hun hoofd gestopt. Ze worden met hun hoofd vastgemaakt aan een stoel en er wordt hen water ontzegt, zodat ze zullen meewerken,” Rowena Vanroy, Animal Rights.
De vier experimenten gebruiken allemaal gelijkaardige wrede methoden. De apen moeten voor elke proef bepaalde gedragstaken uitvoeren, zoals kijken naar een patroon van stippen. Daarvoor moeten ze muisstil in een stoel zitten. Dat doen de apen natuurlijk allemaal niet vanzelf. Daarom krijgen ze in hun schedel een hoedje ingeplant met een staafje. Daarmee kunnen de aapjes aan de stoel worden vastgemaakt en dat urenlang. Om de aapjes te “motiveren” hun taken uit te voeren worden ze dorstig gemaakt. Buiten het experiment krijgen ze geen water, behalve wanneer ze hun taak goed uitvoeren. Ze kunnen zo maximaal 100 milliliter water per dag verdienen.
De DEC (dierenexpertencommissie) geeft toe dat de dieren lange tijd worden ingezet in de experimenten, dat zij met hun hoofd worden vastgezet en dat zij dorstgevoelens ervaren, maar is van mening dat de dieren hier wellicht aan wennen. “Noch dieren, noch mensen zullen ooit wennen aan het feit dat hen een basisbehoefte, zoals water, wordt ontzegt. Het lijden van de dieren wordt sterk geminimaliseerd, zowel door de onderzoekers zelf, als door de ethische commissie,” aldus Vanroy.
De horror gaat nog verder. Voor de verschillende experimenten krijgen de dieren naast het fixatiestaafje een of meerdere “recording chambers” geïmplanteerd. Een recording chamber biedt toegang tot de visuele cortex van de hersenen. De opnamen worden gemaakt door het deksel van de kamer te openen en micro-elektroden in de hersenen te brengen. Volgens de onderzoekers voelen de dieren de elektroden in hun hersenen niet, omdat de hersenen geen pijnreceptoren hebben. Volgens de Ethische Commissie leidt dit niet tot ernstig lijden voor de dieren. Het ongerief voor de betrokken dieren wordt steevast ingeschat als mild tot matig.
Volgens een rapport van de KU Leuven, waar gelijkaardige apenexperimenten plaatsvinden, [veroorzaken deze implantaten echter wel degelijk ernstig ongerief, tot zelfs de dood als gevolg. ](https://www.animalrights.be/ben-weyts-uw-inspectiedienst-doet-haar-werk-niet)
In twee proeven worden sowieso een deel of alle apen na afloop van de proef gedood zodat hun hersenen bestudeerd kunnen worden. In andere proeven blijven de onderzoekers aan de oppervlakte. Het doden van de dieren is mogelijk, wanneer men om een of andere reden de hersenen van de aapjes nader wil bestuderen. In het andere geval kan herplaatsing overwogen worden. De ethische commissie plaatst hierbij wel de kanttekening dat het aantal opvangplaatsen beperkt is en het dus goed mogelijk is dat men uiteindelijk toch kiest voor de gemakkelijke oplossing: de dieren doden.
Animal Rights is het er niet mee eens dat onderzoekers niet bij voorbaat moeten vastleggen hoe veel dieren zij zullen doden. Zo wordt het overgelaten aan de motivatie en het medeleven van de onderzoekers of zij de moeite willen doen om de dieren een tweede leven te bieden.
Deze proeven werden allemaal goedgekeurd door de Centrale Commissie Dierproeven. Daarbij doet ze uitspraken zoals:
“Het is echter lastig om te bepalen welke voor de dieren belangrijke natuurlijke gedragskenmerken ze worden ontzegd door de huisvesting en de experimenten en het is daarom moeilijk te bepalen in welke mate dit tot een aantasting van het welzijn en de integriteit van de dieren leidt.”
Je hoeft geen ethicus te zijn om in te zien dat het jarenlang vastbinden van dezelfde dieren, het inplanten van hulpmiddelen in hun hoofd, het ontzeggen van water en het afmaken van dieren wanneer ze niet langer nuttig zijn, dierenleed veroorzaakt. Er wordt een koude economische afweging gemaakt, waarbij de rechten van het dier vrijwel altijd minder belangrijk worden geacht dan het voordeel voor de mens.
Alle vier van de experimenten gaan voornamelijk om “fundamenteel onderzoek”. Dit wil eigenlijk zeggen dat men de werking van de apenhersenen bestudeerd om zo beter te begrijpen hoe menselijke hersenen werken. Het einddoel is om een visuele prothese te ontwikkelen die blinde mensen door middel van hersenstimulatie weer in staat stelt om te kunnen zien.
Het Nederlands Herseninstituut geeft aan dat vervanging van deze dierproeven niet mogelijk is. Nochtans hebben onderzoekers uit de VS al eerder een manier ontwikkeld om blinde menselijke patiënten een deel van hun zicht terug te geven. Een handvol elektroden werd geïmplanteerd in de hersenen van twee blinde en twee ziende proefpersonen. Elektrische stimulatie van de visuele hersenschors zorgde ervoor dat de patiënten letters konden herkennen.1
Dit experiment is geen uitzondering, wetenschappers hebben ondertussen al talloze hersenmetingen uitgevoerd op mensen, die in tegenstelling tot proefdieren wel hun toestemming kunnen geven.23 Volgens Animal Rights zijn de hersenexperimenten op apen niet alleen moreel onaanvaardbaar en wetenschappelijk onbetrouwbaar, maar gaat het ook om een overtreding van de Europese richtlijn betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt. Artikel 12 schrijft voor dat dierproeven alleen mogen overwogen worden als geen alternatief voor dierproeven voorhanden is.
Animal Rights windt er geen doekjes om: het moet nu eens en voor altijd gedaan zijn met de weerzinwekkende apenexperimenten. Drie van de vier experimenten lopen dit jaar af, het vierde eindigt in 2023. Wij eisen dat het KNAW vervolgens geen nieuwe hersenexperimenten op apen meer opstart. De dieren die nu aanwezig zijn, moeten op pensioen gestuurd worden. Op vrijdag 18 maart organiseren we een demonstratie bij het KNAW om de vrijlating van de apen te eisen. Je vindt alle informatie in het [Facebook evenement](https://fb.me/e/4ImNMiHOe) of in onze [agenda](https://www.animalrights.nl/agenda).
Aapjes krijgen van alles en nog wat in hun hoofd gestopt. Ze worden met hun hoofd vastgemaakt aan een stoel en er wordt hen water ontzegt, zodat ze zouden meewerken.
De rechten van het dier worden vrijwel altijd minder belangrijk geacht dan het voordeel voor de mens.
Een compilatie van beelden uit de Nederlandse varkenshouderij.
Koning Willem-Alexander was 17 februari virtueel te gast bij slachthuis Westfort in IJsselstein. Terwijl hij uitleg kreeg van een dierenarts van de NVWA wandelden tientallen varkens het slachthuis in. Westfort raakte twee jaar geleden in opspraak vanwege dierenmishandeling.1
Animal Rights noemt het werkbezoek van de vorst “bizar”. Campagnecoördinator Anna Krijger: “Een bedrijf dat kort geleden de wet heeft overtreden en dieren vreselijk leed heeft aangedaan wordt ‘beloond’ met een bezoek van de koning.” Bovendien vraagt de organisatie zich af waarom de gast niet daadwerkelijk bij de slacht heeft meegekeken. Krijger: “Als de koning werkelijk wil weten wat er in een slachthuis gebeurt, dan zal hij het met zijn eigen ogen moeten zien. Een museumbezoek stopt ook niet bij de voordeur.”
Het slachthuis dat vorige week werd vereerd met een bezoek van de koning raakte in januari 2020 in opspraak. Undercoverbeelden van de vrijwilligersorganisatie Ongehoord, die onderzoek doet naar dierenwelzijn, toonden dat de varkens hard op hun hoofd werden geslagen met zogenaamde peddels als ze niet deden wat de medewerkers wilden. Ook was te zien dat dierenartsen van de NVWA stonden toe te kijken hoe de varkens werden geslagen en zelfs meededen. 2
De Dierenbescherming legde vervolgens sancties op aan het IJsselstijnse slachthuis dat vlees met een ‘Beter Leven Keurmerk’ levert. 3
https://vimeo.com/manage/videos/679969470
Dat ons staatshoofd een omstreden slachthuis bezoekt vindt Animal Rights op zichzelf al betreurenswaardig. De taal in het persbericht dat na afloop van het werkbezoek werd uitgestuurd maakt het er niet beter op: “De dierenarts vertelde over de zogenoemde levende keuring, waarbij varkens bij aankomst in de slachterij gecontroleerd worden of ze gezond zijn en bijvoorbeeld niet beschadigd zijn geraakt tijdens het vervoer.”4
Campagnecoördinator Krijger: “Het woord ‘beschadigd’ gebruiken we voor objecten. Varkens zijn net als honden en katten levende wezens met gevoel. Wanneer je hond pijn heeft of gewond is noemen we dat ook niet ‘beschadigd’. Taal wordt hier ingezet om varkens te objectiveren. Het zou mooi zijn als de koning zich hier bewust van wordt.”
Bovendien vindt Animal Rights het veelzeggend dat het bezoek van de koning afloopt wanneer de dieren nog springlevend zijn. “Door bij de voordeur af te haken steekt ook ons staatshoofd de kop in het zand. Dieren gaan levend het slachthuis in en komen er in stukjes weer uit. Daar gebeuren dus gruwelijke dingen. Iedereen die vlees eet weet het, maar niemand wil ernaar kijken,” aldus campagnecoördinator Krijger.
Animal Rights nodigt koning Willem-Alexander uit voor een verhelderend gesprek en het bekijken van onze undercoverbeelden die de gruwel in de vleesindustrie op onbewaakte momenten tonen.
Van koning Willem-Alexander tot ‘gewone’ burger en consument: we hebben allemaal het recht en de plicht om te weten waar het (varkens)vlees dat in de supermarkt ligt vandaan komt.
[De varkens in de vleesindustrie](https://www.animalrights.nl/stop-de-slacht/varkens) brengen hun leven door in gesloten stallen, onder omstandigheden die schadelijk zijn voor hun fysieke en mentale welzijn. Van kraambox tot slachthuis is het leven van deze dieren één lijdensweg.
Animal Rights zet de belangrijkste feiten op een rij.
De ‘productie’ van varkensvlees begint bij de moederdieren. Zeugen worden zwanger gemaakt door middel van kunstmatige inseminatie. De bevruchte zeug bevalt na een drachttijd van gemiddeld 115 dagen. Gedurende drie à vier weken wordt ze samen met haar jongen in een kraambox geplaatst om hen te zogen. Vervolgens wordt de zeug na een korte herstelperiode (gemiddeld negentien dagen) opnieuw ingezet voor een volgende ‘reproductieronde’. De zeugen staan op elkaar gepakt in hokken en brengen daarnaast een aanzienlijk deel van hun leven staand en liggend door, geklemd tussen de metalen stangen van de inseminatie-, dracht- en kraamafdelingen.
De ‘productiecijfers’ van zeugen en biggetjes zijn door jarenlange fokprogramma’s kunstmatig de hoogte ingejaagd. In de huidige zeugenhouderij produceert een zeug gemiddeld 29 à 30 gespeende biggen per jaar. De onnatuurlijk hoge geboortecijfers resulteren in een daling van het geboortegewicht en een toename in biggensterfte.
De biggen worden verder opgefokt (vetgemest) tot slachtrijpe vleesvarkens. Gedurende een tiental weken worden ze ondergebracht in boxen op de biggenopfokafdeling, ook wel ‘de biggenbatterij’ genoemd. Daarna worden ze weer verder doorgeschoven naar de ‘mestafdeling’, waar ze verblijven tot ze ‘klaar’ zijn voor de slacht. Staartbijten en oorbijten zijn typische symptomen van stress gerelateerde problemen bij opgroeiende biggen en vleesvarkens. Door de trieste levensomstandigheden in de stallen hebben de varkens de neiging elkaar te bijten, met infecterende wonden en abcessen tot gevolg.
De vleesvarkens worden vanuit de fokkerijen getransporteerd naar het buitenland of rechtstreeks naar het slachthuis. Een vleesvarken wordt beschouwd als ‘slachtrijp’ wanneer het rond de 118 kg weegt. Het dier is dan ongeveer 28 weken oud. Ongelukken bij het transport komen opvallend vaak voor, niet zelden komen varkens daarbij om het leven.
[De basisprincipes van het slachten](https://www.animalrights.nl/slachthuizen) zijn voor alle diersoorten dezelfde: de dieren dienen bedwelmd te worden voor de slacht (met uitzondering van rituele slachtingen), vervolgens wordt ze de keel afgesneden en laat men de lichamen aan kettingen of op de lopende band leegbloeden tot de dood intreedt.
Bij aankomst in het slachthuis worden de varkens uit de transportwagens geladen en naar de wachtruimtes gedreven. In de zomer staan de vrachtwagens vaak in de bloedhete zon te wachten om gelost te worden en loopt de temperatuur in de laadruimte hoog op. De dieren lijden onder de hitte en raken in ademnood. Dit kan een dodelijke afloop hebben.
Blootstelling aan CO2-gas is de meest gebruikte manier om varkens te bedwelmen, maar ook ‘elektrische bedwelming’ komt voor. Dan wordt met een stroomtang of via elektroden elektrische stroom door de hersenen geleid die een epileptische aanval opwekt. Het dier is dan tijdelijk bewusteloos en gevoelloos. Bij beide methodes bestaat het risico dat de dieren weer bij bewustzijn komen terwijl ze gekeeld worden of leegbloeden.
Het leven van de varkens wordt ten slotte beëindigd door het slagersmes. De dieren worden na de bedwelming ondersteboven omhoog gehesen aan kettingen of op een lopende band gelegd om gekeeld te worden. Dat betekent dat de twee halsslagaders doorgesneden worden. Vervolgens laat men het dier aan de ketting of op de lopende band leegbloeden. Bij een goed uitgevoerde keling spuit het bloed in snel tempo uit de slagaders, maar het risico op complicaties is groot. Onvoldoende ‘snijvaardigheid’ van het personeel, botte messen en het onvoldoende checken van de correcte uitvoering van de keling hebben als dramatisch gevolg dat de doodsstrijd gerekt wordt en de dieren hun bloederige levenseinde bewust beleven.
Deze feiten zijn geen reclame voor de intensieve veehouderij en de slachthuizen. Van consument tot koning: iedereen wordt afgescheept met holle frasen als ‘dierenwelzijn’ en ‘humane slachting’. Alleen door diepgravend onderzoek en undercoveracties komen de werkelijke gruwelijkheden aan het licht. Animal Rights praat er graag verder over met koning Willem-Alexander.
Een fantastische overwinning: nergens in de provincie Utrecht en op geen enkel moment van de dag mogen nog vossen worden doodgeschoten. Dat oordeelde de Rechtbank Midden-Nederland eerder deze week. Vorig jaar stapten de dierenbelangenorganisaties Animal Rights en Fauna4Life [samen naar de rechter](https://www.animalrights.nl/provincie-utrecht-stop-nachtelijke-vossenjacht) om het ’s nachts afschieten van vossen in Utrecht te stoppen. Ook De Faunabescherming was partij. Het is een uitspraak met grote gevolgen. De rechtbank heeft namelijk ook het besluit van de minister, om vossen overdag bij schade te mogen doden, onverbindend verklaard. De organisaties: “Zowel overdag als in het holst van de nacht zijn vossen nu veilig.”
Vossen staan op de landelijke vrijstellingslijst en mogen overdag bij schade worden gedood. Dit is vastgelegd in een ministeriële regeling (de Regeling natuurbescherming). Deze regeling geldt landelijk. Een bepaling kan echter alleen in een ministeriële regeling worden opgenomen, als dit ergens in de wet zo is geregeld. Vaak staat er dan iets in de trant van “bij ministeriële regeling kan…”. Maar in de Wet natuurbescherming, waar de regeling op gebaseerd is, komt dit helemaal nergens voor.
“Een ministeriële regeling kan alleen bestaan, als de wetgever hier uitdrukkelijk toestemming voor geeft. Dat is nu niet zo. De rechters hebben een fout geconstateerd”, zegt Pauline de Jong van Fauna4Life.
Een besluit voor extra afschotbevoegdheden, zoals jagen in de nachtelijke uren, kan door een provinciebestuur worden verleend. Dit wordt een ontheffing genoemd. De provincie Utrecht [had een ontheffing verleend](https://www.animalrights.nl/nergens-utrecht-mogen-vossen-worden-gedood) om in de nachtelijke uren met kunstlicht in weidevogelgebieden en rondom bedrijven met vrije uitloopkippen op vossen te schieten. Animal Rights en Fauna4Life stapten vorig jaar naar de rechter om dit afschot tegen te houden. Er was geen schade bekend bij kippenboeren en ook de weidevogels in de provincie Utrecht doen het relatief goed.
“Wij zijn op alle punten in het gelijk gesteld, echt fantastisch”, zegt Jessica Smit van Animal Rights. Al eerder oordeelde een interne adviescommissie van de provincie dat de relatie tussen de vossen en mogelijke schade niet duidelijk genoeg was aangetoond.
Lees ook: [Provincie Utrecht, stop de nachtelijke vossenjacht!](https://www.animalrights.nl/provincie-utrecht-stop-nachtelijke-vossenjacht)
De landelijke vrijstelling is onverbindend verklaard. Dit geldt niet alleen in Utrecht, maar in heel Nederland. De dierenbelangenorganisaties denken na over vervolgstappen in de andere provincies. In Utrecht mogen zowel ’s nachts als overdag geen vossen meer worden gedood. Dit geldt tot zes weken, nadat de provincie een nieuw besluit heeft genomen. De geconstateerde gebreken moeten dan wel worden hersteld. “Het is maar de vraag of dit gaat lukken”, zeggen de organisaties tot slot.
Wij zijn op alle punten in het gelijk gesteld, echt fantastisch.
De provincie Friesland heeft vorig jaar toestemming gegeven om jaarlijks vanaf 1 december tot en met 30 juni in de nachtelijke uren met kunstlicht op vossen te schieten. Het besluit geldt in en rondom weidevogelleefgebieden en loopt door tot en met 2023. De dierenbelangenorganisaties Animal Rights en Fauna4Life tekenen samen bezwaar aan. De organisaties: “Vossen mogen al in het hele land het hele jaar door overdag met geweren worden doodgeschoten. In twee jaar tijd zijn er, volgens de opgave van de jagers zelf, in heel Nederland 28.522 vossen gedood. Het gaat om schrikbarende aantallen.” 1
Hetze tegen de vos
Vossen mogen het hele jaar door overdag bij schade (of dreigende schade) worden doodgeschoten. Daarnaast is de drijfjacht toegestaan en mogen honden worden ingezet om vossen op een vreselijke manier uit hun burchten te jagen. De nachtelijke jacht op vossen is niet toegestaan. Een provincie kan hier wel toestemming voor geven.
“Wettelijk gezien kan en mag er dus helemaal geen ontheffing worden verleend.”
Pauline de Jong, Fauna4Life
Een besluit voor extra afschotbevoegdheden, zoals jagen in de nachtelijke uren, moet worden onderbouwd in een Faunabeheerplan. Dit plan is in Friesland verlopen. “Wettelijk gezien kan en mag er dus helemaal geen ontheffing worden verleend. Een verlopen plan kan niet als onderbouwing voor een besluit dienen”, zegt Pauline de Jong van Fauna4Life.
Schade aan fauna niet bekend
De ontheffing in Friesland is verleend om ‘schade aan fauna’ te beperken. Daarmee wordt gedoeld op de weidevogels die in de provincie leven. Er is geen lokaal en recent onderzoek gedaan naar de rol die de vos heeft bij predatie van weidevogels en hun kuikens of eieren. Predatie, bijvoorbeeld het door een vos eten van eieren of kuikens, is vooral een probleem in gebieden met slechte leefomstandigheden. In kruidenrijke graslanden is het succespercentage van bijvoorbeeld gruttonesten nog vergelijkbaar met de jaren tachtig. 2
Kijk naar Luxemburg
In Luxemburg was het de afgelopen jaren verboden op vossen te jagen. Daar is men ervan overtuigd dat de achteruitgang van de biodiversiteit en vogelsoorten duidelijk te wijten is aan andere oorzaken en niet komt door predatie door vossen. “Wij willen naar het voorbeeld van Luxemburg ook in Nederland de vossenjacht verbieden. Deze klopjacht op de vos moet stoppen”, zegt Jessica Smit van Animal Rights.
“Deze klopjacht op de vos moet stoppen.”
Jessica Smit, Animal Rights
In Luxemburg was het de afgelopen jaren [verboden op vossen te jagen](https://www.animalrights.nl/al-vijf-jaar-geen-vossenjacht-luxemburg). Daar is men ervan overtuigd dat de achteruitgang van de biodiversiteit en vogelsoorten duidelijk te wijten is aan andere oorzaken en niet komt door predatie door vossen. “Wij willen naar het voorbeeld van Luxemburg ook in Nederland de vossenjacht verbieden. Deze klopjacht op de vos moet stoppen”, zegt Jessica Smit van Animal Rights.
Animal Rights en Fauna4Life vragen de provincie in een bezwaarschrift om het besluit te herroepen. Een petitie van Animal Rights om de jacht op de vos te stoppen is al 41.000 keer getekend.