mrt 7, 2021
Op zaterdag 6 maart 2021 vallen zo’n zestig tot honderd varkens in de mestput van een stal op de Vreeweg in Nunspeet, nadat de vloer van de stal deels is ingestort. Meerdere varkens hebben volgens de eerste berichten de val niet overleefd. “Dit soort ongelukken komt met grote regelmaat voor,” zegt Animal Rights campagneleider Erwin Vermeulen, “maar hoe vaak precies weten we niet omdat deze rampen niet centraal geregistreerd worden.” Animal Rights wil dat de overheid start met een registratie.
Lees ook: Dieren komen om in eigen mest
Als je de websites van brandweerkorpsen of 112 meldingen doorspit, kom je er achter dat dit bijna dagelijks voorkomende rampen zijn. Nog schokkender is dat het aantal ‘incidenten’, noch het aantal slachtoffers geregistreerd wordt.
Geen registratie
In antwoord op vragen behorende bij de ‘Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en het Diergezondheidsfonds voor het jaar 2020, zegt minister Schouten: “”Er is geen centrale registratie voor incidenten waarbij dieren in de mest- of gierput belanden. Het is daarom niet bekend hoe vaak in de afgelopen tien jaar dergelijke incidenten hebben plaatsgevonden”.
Oorzaak
De oorzaak ligt in de huisvesting en het gebrek aan controle en onderhoud. De meeste dieren opgesloten in schuren, brengen hun leven door op roosters boven hun eigen uitwerpselen. Bij een stalverzakking zakt de vloer onder de poten van de dieren weg en dan vooral de betonnen, stalen, houten of plastic roosters. Dit kan gebeuren als de vloer wordt aangetast door de zuren die vrijkomen uit de ontlasting van de dieren (en uit het veevoer), door achterstallig onderhoud, of slechte constructies. “Een varkensstal is na 20 jaar helemaal rot door de ammoniak en de vloeren zakken door. Dat is een probleem dat we kennen,” liet een woordvoerder van de brandweer al in 2019 weten aan Animal Rights.
Slachtoffers
Wanneer de dieren in de beerput (mestput, gierput, aalput) terecht komen, kunnen ze verdrinken in hun eigen mest of stikken in de gassen die er boven hangen.
Zelfs als dieren levend uit een put gehaald worden, zijn ze vaak gewond door de val of hebben ze luchtwegproblemen door het binnenkrijgen van mest of het inademen van giftige gassen. Soms worden de slachtoffers alsnog afgemaakt.
Animal Rights
Animal Rights probeert zelf ook zicht te krijgen op hoe vaak dieren in hun eigen mest belanden. “Vooral het achterhalen van het aantal slachtoffers is moeilijk,” zegt Vermeulen. “De ongelukken worden vaak alleen gemeld in zeer lokaal nieuws en op de sites van regionale brandweerkorpsen. Veel incidenten worden waarschijnlijk helemaal niet gemeld, bijvoorbeeld wanneer de boer het zelf ‘oplost’. Daarbij is het ook nog zo dat de brandweer niet uitrukt als de dieren reeds overleden zijn. De veehouder moet de dieren dan zelf uit de mestput verwijderen na deze leeggepompt en gelucht te hebben. De kans dat er een vloer instort zonder dat iemand het tijdig merkt, is groot in industriële stallen. Het verstrekken van voer en water is volledig geautomatiseerd, dus voor dat soort zaken hoeft de boer de stal niet meer in.”
Stop met huisvesten dieren boven hun eigen mest!
Het huisvesten van dieren boven beerputten moet natuurlijk zo snel mogelijk stoppen. Naast het instortingsgevaar zorgt dit ook voor luchtwegproblemen en oogirritatie bij de dieren, stikken de dieren als de ventilatie uitvalt, vormen licht ontvlambare mestgassen een groot risico op stalbranden en explosies en zorgen dit soort stallen voor stikstofdepositie op kwetsbare natuur.
Overheid kom in actie!
Animal Rights roept het ministerie van LNV op om onmiddellijk te starten met het registreren van deze incidenten en het aantal slachtoffers en actie te ondernemen om deze rampen te voorkomen. Animal Rights wil ook weten of deze ongelukken onderzocht worden, of stallen periodiek gecontroleerd worden, en of er ook daadwerkelijk sancties volgen op nalatigheid.
Update – Kamervragen
Naar aanleiding van de stalverzakking in Nunspeet op 6 maart 2021 en het persbericht dat Animal Rights uitstuurde, stelt de Socialistische Partij Kamervragen. SP Kamerlid Frank Futselaar wil onder andere weten of na gegaan wordt wat de oorzaak is geweest van de vloerverzakking bij het betreffende bedrijf in Nunspeet, hoe bij inspecties van veehouderijen wordt gecontroleerd op de veiligheid van stalvloeren en hoe vaak deze inspecties gemiddeld plaatsvinden en hoeveel fte hiervoor in totaal beschikbaar is.
Verder vraagt hij de minister:
Bent u bereid om in aanvulling op uw onderzoek naar de veiligheid van emissiearme vloersystemen in de melkveehouderij tevens een risico-inventarisatie op te stellen voor andere veelvoorkomende vloersystemen in de veehouderij?
Wat is uw reactie op de bevindingen van Varkens in Nood, dat onder meer vaststelde dat de brandweer in 2019 bijna vijf keer per week moest uitrukken voor meldingen van dieren die in mestputten belandden?
Kunt u per diercategorie registreren hoe vaak veiligheidsdiensten uitrukken voor meldingen omtrent dieren die door stalvloeren zakken of anderszins gewond raken bij incidenten met veehouderijvloeren, zowel bij emissiearme als bij ‘gangbare’ stalvloersystemen?
Deelt u de mening van de SP-fractie dat diervriendelijke alternatieven zoals vrije uitloop, uitwendige mogelijkheden voor mestopslag en weidegang minder risico’s voor het dierenwelzijn met zich meebrengen dan het geval is bij reguliere huisvesting in stallen?
Zo ja, bent u bereid om hier rekening mee te houden bij de uitvoering van de motie Futselaar (Kamerstuk 28 286, nr. 1162) die vraagt om het stellen van verbeteringen van het dierenwelzijn en de brandveiligheid als harde voorwaarden om in aanmerking te komen voor de Subsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelen (Sbv)?
mrt 6, 2021
Dieren die hun leven opgesloten in stallen doorbrengen eindigen doorgaans in het slachthuis. Sommige dieren sterven een vroegtijdige dood door ziekte en het gebrek aan individuele medische zorg, maar ook uitvallende ventilatiesystemen, stalbranden, transportongelukken en stalverzakkingen zijn gruwelijke gebeurtenissen die kunnen plaatsvinden tijdens het korte bestaan van dieren in de vee-industrie.
Stalverzakkingen zijn een onderbelicht probleem waar Animal Rights licht op werpt.
(Tekst gaat verder onder deze links) Lees ook:
Een groot deel van de dieren opgesloten in schuren, brengen hun leven door op roosters boven hun eigen uitwerpselen. Het vermengen van mest en urine veroorzaakt in mestkelders het giftige gas ammoniak. Bij een stalverzakking zakt de vloer onder de poten van de dieren weg en dan vooral de betonnen, stalen, houten of plastic roosters. Dit kan gebeuren als de vloer wordt aangetast door de zuren die vrijkomen uit de ontlasting van de dieren (en uit het veevoer), door achterstallig onderhoud, of slechte constructies. “Een varkensstal is na 20 jaar helemaal rot door de ammoniak en de vloeren zakken door. Dat is een probleem dat we kennen,” liet een woordvoerder van de brandweer al in 2019 weten aan Animal Rights.
Wanneer de dieren in de beerput (mestput, gierput, aalput) terecht komen, kunnen ze verdrinken in hun eigen mest of stikken in de gassen die er boven hangen. “Er is amper beweeglijkheid in de brij”, zeggen brandweerlieden die eerder al dieren uit mestopslagplaatsen haalden. Soms moeten er zelfs duikpakken aan te pas komen afhankelijk van het niveau van de mest. 1 Het wordt boeren ten stelligste afgeraden om alleen mestputten in te gaan vanwege het grote gevaar het bewustzijn te verliezen.
Zelfs als dieren levend uit een put gehaald worden, zijn ze vaak gewond door de val of hebben ze luchtwegproblemen door het binnenkrijgen van mest of het inademen van giftige gassen. Soms worden de slachtoffers alsnog afgemaakt.
Ook tijdens een stalbrand kunnen door de opgewekte hitte plastic roosters smelten of kan staal vervormen. Dieren kunnen ook hierdoor door de vloer zakken en in hun eigen mest terecht komen… als ze dan nog leven.
De mestopslag zit gewoonlijk onder de stalvloeren. Het is een put die meerdere meters diep kan zijn. Uit deze putten komen giftige dampen vrij, zoals ammoniak, zwavelwaterstof, methaan en blauwzuurgas. Om te voorkomen dat de dieren tijdens hun opsluiting in de stal stikken, worden deze giftige dampen afgevoerd door ventilatie en tegenwoordig luchtwassers.
De dampen werken verstikkend en verdringen ademlucht. Als de ventilatie/luchtwasser uitvalt, stikken de dieren doorgaans binnen enkele minuten. Brandweerlieden worden uitgerust met adembescherming met persluchtflessen om zichzelf te beschermen wanneer ze een reddingsactie uitvoeren.
Onder meer in koeienstallen kan het gebeuren dat zogenaamde ‘mestexplosies’ plaatsvinden. Dat kan gebeuren doordat methaan zich opstapelt onder zogenaamde ‘emissiearme stalvloeren. 2 Dat is een vloer die bestaat uit betonnen platen die de onderliggende mestgang afdekken. Deze vloeren worden gebruikt om te voorkomen dat ammoniak vrijkomt uit de mest. Het probleem met deze vloeren is dat methaan zich opstapelt onder de betonnen platen, waardoor explosiegevaar ontstaat. Bij zo’n explosie wordt de stalvloer als het ware opgeblazen en vallen de dieren in de mestopslag onder de vloer. 3
België
Nederland
Overheden houden geen cijfers bij
Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit in Nederland antwoordt op de vraag hoe vaak in de afgelopen tien jaar dieren in de mest- of gierput beland zijn: “Er is geen centrale registratie voor incidenten waarbij dieren in de mest- of gierput belanden. Het is daarom niet bekend hoe vaak in de afgelopen tien jaar dergelijke incidenten hebben plaatsgevonden”. 488
De Vlaamse brandweer liet Animal Rights weten dat er geen cijfers bijgehouden worden. Animal Rights heeft zowel in België als Nederland om meer informatie gevraagd bij de nationale brandweer.
De overheden houden dus geen cijfers bij van het aantal slachtoffers dat jaarlijks om het leven komt bij stalverzakkingen. Animal Rights brengt ze daarom zelf in kaart en blijft druk uitoefenen op de politiek om dit probleem te erkennen en aan te pakken.
Vooral het achterhalen van het aantal slachtoffers is moeilijk. De ongelukken worden vaak alleen gemeld in zeer lokaal nieuws en op de sites van regionale brandweerkorpsen. Veel incidenten worden waarschijnlijk helemaal niet gemeld, bijvoorbeeld wanneer de boer het zelf ‘oplost’. Daarbij is het ook nog zo dat de brandweer niet uitrukt als de dieren reeds overleden zijn. De veehouder moet de dieren dan zelf uit de mestput verwijderen na deze leeggepompt en gelucht te hebben. De kans dat er een vloer instort zonder dat iemand het tijdig merkt, is groot in industriële stallen. Het verstrekken van voer en water is volledig geautomatiseerd, dus voor dat soort zaken hoeft de boer de stal niet meer in.
Animal Rights
Het huisvesten van dieren boven beerputten moet natuurlijk zo snel mogelijk stoppen. Naast het instortingsgevaar zorgt dit ook voor luchtwegproblemen en oogirritatie bij de dieren, stikken de dieren als de ventilatie uitvalt, vormen licht ontvlambare mestgassen een groot risico op stalbranden en explosies en zorgt dit soort stallen voor stikstofdepositie op kwetsbare natuur.
Maar de enige echte oplossing om stalverzakkingen en alle andere staldrama’s te voorkomen, is om geen dieren meer op te sluiten in stallen. Animal Rights roept iedereen op om te kiezen voor een plantaardige levensstijl en geeft daarbij ook concrete tips via haar Plant Power campagnes. We hebben geen verbetering nodig van de systemen van uitbuiting, maar afschaffing en daarom een eiwittransitie van dierlijke naar plantaardige bronnen.
Update – Kamervragen
Naar aanleiding van de stalverzakking in Nunspeet op 6 maart 2021 en het persbericht dat Animal Rights uitstuurde, stelt de Socialistische Partij Kamervragen. SP Kamerlid Frank Futselaar wil onder andere weten of na gegaan wordt wat de oorzaak is geweest van de vloerverzakking bij het betreffende bedrijf in Nunspeet, hoe bij inspecties van veehouderijen wordt gecontroleerd op de veiligheid van stalvloeren en hoe vaak deze inspecties gemiddeld plaatsvinden en hoeveel fte hiervoor in totaal beschikbaar is.
Alle vragen en antwoorden:
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Tientallen varkens vallen door vloer en belanden in gierput, aantal overleden»?
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Bent u bereid om na te gaan wat de oorzaak is geweest van de vloerverzakking bij het betreffende bedrijf in Nunspeet?
Antwoord 2
Ja, ik heb navraag gedaan bij de gemeente Nunspeet. Vanuit de gemeente is aangegeven dat de oorzaak van de vloerverzakking niet onderzocht is en daarom onbekend is.
Vraag 3
Hoe wordt bij inspecties van veehouderijen gecontroleerd op de veiligheid van stalvloeren, hoe vaak vinden deze inspecties gemiddeld plaats en hoeveel fte is hiervoor in totaal beschikbaar?
Antwoord 3
De constructieve veiligheid van gebouwen is geregeld in het Bouwbesluit 2012 van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dit besluit is ook van toepassing op stallen en daarin toegepaste stalvloeren. Er gelden zowel eisen voor nieuwe als bestaande gebouwen. Bij nieuwbouw is de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het bouwen verantwoordelijk dat voldaan wordt aan het Bouwbesluit. De gemeente is daarbij bevoegd gezag en beoordeelt de vergunning en kan toezicht houden op de bouw. Bij bestaande bouw is de eigenaar verantwoordelijk dat de stalvloeren voldoen. Er geldt daartoe een algemene zorgplicht voor de eigenaar. De gemeente kan hierop toezicht houden en handhaven, zij zijn bevoegd gezag. Gemeenten hebben beleidsvrijheid hoe zij invulling geven aan toezicht en handhaving. Het Ministerie van SZW stelt via de wetgeving eisen aan het eerlijk, gezond en veilig werken. Inspectie SZW houdt toezicht op de naleving van die wetgeving via programmatische en risicogericht toezicht. De agrarische sector is een van de sectoren waar Inspectie SZW een apart programma voor heeft gezien de risico’s die er spelen. Het programma focust zich in 2021 op eerlijk werk in een aantal prioritaire deelsectoren zoals de glastuinbouw en open teelt zoals in het jaarplan 2021 is opgenomen. Verder gaat de Inspectie SZW via een campagne aanvullende aandacht geven aan de risico’s die het werken met mest met zich meebrengen bij veehouderijen. Inspectie SZW gaat daarnaast controleren in de rundvee- en varkenshouderij op onder andere de aanwezigheid van veiligheidsmaatregelen bij het mixen en verwerken van mest. Over de resultaten en effecten van de inzet van de Inspectie SZW zal uw Kamer via het jaarverslag van de Inspectie SZW worden geïnformeerd.
Vraag 4
Bent u bereid om in aanvulling op uw onderzoek naar de veiligheid van emissiearme vloersystemen in de melkveehouderij tevens een risico-inventarisatie op te stellen voor andere veelvoorkomende vloersystemen in de veehouderij?
Antwoord 4
Voor de gezondheid en veiligheid van werkenden is het aan de werkgever of zzp-er zelf om te bepalen wat de risico’s van het werk zijn onder andere door een risico inventarisatie en evaluatie (RI&E) te maken. Aan de arbeidsplaats zoals de stal worden naast de bouwwetgeving ook eisen gesteld in het Arbeidsomstandighedenbesluit. De risico’s van vloersystemen, al dan niet met een mestput eronder, behoren onderdeel van de RI&E te zijn. De branche heeft een arbocatalogus opgesteld voor melkvee en graasdieren waarmee grote delen van de RI&E zijn ingevuld. Het is aan de werkgever of zzp-er om voor de eigen specifieke situatie te beoordelen wat de risico’s zijn en welke maatregelen getroffen moeten worden om de risico’s weg te nemen of als dit niet kan om deze te beheersen. Het is aan de branche om een aanvulling op het onderzoek te maken als dit voor het opstellen van de RI&E voor gezond en veilig werken nodig is.
Vraag 5
Wat is uw reactie op de bevindingen van Varkens in Nood, dat onder meer vaststelde dat de brandweer in 2019 bijna vijf keer per week moest uitrukken voor meldingen van dieren die in mestputten belandden?
Antwoord 5
Stallen en ook vloeren in stallen moeten voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit. Het is bekend dat (stal)vloeren van beton kunnen worden aangetast door chemische stoffen uit onder andere mest. Zoals in mijn antwoord op vraag 3 aangegeven zijn de aanvrager van de omgevingsvergunning of de eigenaar verantwoordelijk voor het voldoen aan de eisen in het Bouwbesluit. Zij moeten er dus voor zorgen dat de gebouwen inclusief de vloeren in een goede staat verkeren. Dat de brandweer regelmatig moet uitrukken voor meldingen dat dieren in mestputten zijn gevallen, betekent dat de staat van de vloer in die gevallen onvoldoende was.
oals in mijn antwoord op vraag 3 aangegeven, kan de gemeente toezicht houden en handhaven. De gemeente heeft hierin beleidsvrijheid.
Vraag 6
Kunt u per diercategorie registreren hoe vaak veiligheidsdiensten uitrukken voor meldingen omtrent dieren die door stalvloeren zakken of anderszins gewond raken bij incidenten met veehouderijvloeren, zowel bij emissiearme als bij «gangbare» stalvloersystemen?
Antwoord 6
Nee. In samenwerking met de veiligheidsregio’s publiceert het Kenniscentrum Informatiegestuurde Veiligheid van het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) iedere maand de Kerncijfers Incidenten van de brandweer in een online dashboard4. Incidenten worden niet op het gevraagde detailniveau geregistreerd.
Vraag 7
Deelt u de mening dat diervriendelijke alternatieven zoals vrije uitloop, uitwendige mogelijkheden voor mestopslag en weidegang minder risico’s voor het dierenwelzijn met zich meebrengen dan het geval is bij reguliere huisvesting in stallen? Zo ja, bent u bereid om hier rekening mee te houden bij de uitvoering van de motie-Futselaar (Kamerstuk 28 286, nr. 1162) die vraagt om het stellen van verbeteringen van het dierenwelzijn en de brandveiligheid als harde voorwaarden om in aanmerking te komen voor de Subsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelen (Sbv)?
Antwoord 7
Ja, de genoemde alternatieven kunnen het dierenwelzijn verbeteren. Op dit moment is het verbeteren van het dierenwelzijn en de brandveiligheid een rangschikkingscriterium in de Subsidiemodules brongerichte verduurzaming stal- en managementmaatregelen (Sbv). De juridische uitwerking van de motie waarin het verbeteren van dierenwelzijn en brandveiligheid als harde voorwaarde wordt opgenomen om in aanmerking te komen voor de Sbv neem ik mee in de voorbereiding op de openstellingen van de Sbv vanaf de tweede helft van 2021. De voorwaarde moet namelijk juridisch vastgelegd kunnen worden en stand kunnen houden. Daarnaast moet
dit op een juiste manier kunnen worden beoordeeld door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, die de subsidieregeling uitvoert en subsidies beschikt.
Update – een klein beetje beweging in Nederland?
Na jarenlang druk uitoefenen lijkt er in Nederland een klein beetje beweging te komen in het registreren van dit soort voor de dieren vreselijke ongelukken. In juni 2025 antwoordt demissionair minister Wiersma op feitelijke vragen:
“Uit navraag bij Brandweer Nederland en het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) blijkt dat op dit moment geen landelijke registratie plaatsvindt van het aantal dierlijke slachtoffers als gevolg van gevaarlijke mestgassen, mestexplosies en het bezwijken van een stalvloer. Omdat de constructieve veiligheid van stalvloeren is geregeld in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving, ben ik samen met mijn collega van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) in overleg met Brandweer Nederland, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), NIPV en de NVWA om te verkennen hoe er landelijk meer inzicht kan komen in dit soort incidenten.” 489
mrt 6, 2021
Dierproefnemers van de Universiteit van Amsterdam en UMC Utrecht wekken beroertes op in ratten waarbij de dieren verlamd raken, sterk vermageren en epileptische aanvallen ontwikkelen. Deze zware experimenten vinden al ruim 15 jaar plaats en worden vaak gefinancierd door ‘goede doelen’ zoals het [Epilepsiefonds](https://www.animalrights.nl/epilepsiefonds-laat-proefdieren-creperen). Animal Rights oprichter Robert Molenaar wil af van deze beroerde diermodellen: “Het gaat om levende, voelende wezens die ernstig lijden onder de zware testen. Stop met dierproeven en start met dierproefvrij onderzoek.”
Meerdere wetenschappelijke publicaties en projectvergunningen laten zien dat de dierproefnemers een vast stramien volgen. De voornamelijk mannelijke ratten worden besteld bij beruchte proefdierfokkers zoals Envigo (voorheen Harlan) en [Charles River](https://www.animalrights.nl/het-proefdieren-imperium-van-charles-river). Eenmaal in het experiment, worden de dieren eerst verdoofd en dan in een frame vastgemaakt. 1 2 3 4 5 6 7 8 9
Elektroden worden in de hersenen geplaatst om schokken toe te dienen. De dierproefnemers stoppen pas nadat de dieren beginnen te kwijlen en spastische bewegingen maken. Een andere methode is door de proefdieren herhaaldelijk te injecteren met een stof om epilepsie te ontwikkelen. Wat de dierproefnemers ook doen is het afsluiten van een bloedvat zodat de hersenen geen zuurstof krijgen. Vele dieren sterven al gedurende het experiment.
De proefdieren worden gedurende een deel van het experiment alleen in een kooi gestopt. Molenaar: “Ooit gezonde en zeer sociale dieren vereenzamen en kunnen hierdoor ernstige gedragsproblemen ontwikkelen.”
1:Increased expression of matrix metalloproteinase 3 can be attenuated by inhibition of microRNA-155 in cultured human astrocytes. Epilepsiefonds 16-05
2:Effects of rapamycin and curcumin oninflammation and oxidative stress in vitro and in vivo — in search of potential anti-epileptogenic strategies for temporal lobe epilepsy. Epilepsiefonds 14-08
3:Blood–brain barrier leakage after status epilepticus in rapamycin-treated rats II: Potential mechanisms. Epilepsiefonds 11-03, 14-08
4:Blood–brain barrier leakage after status epilepticus in rapamycin-treated rats I: Magnetic resonance imaging. Epilepsiefonds 11-03, 14-08
5:Induction of sodium channel Nax (SCN7A) expression in rat
and human hippocampus in temporal lobe epilepsy. Epilepsiefonds 09-05
6:Atorvastatin treatment during epileptogenesis in a rat model
for temporal lobe epilepsy. Epilepsiefonds 07-19
7:Characterization of Functional and Structural Integrity in
Experimental Focal Epilepsy: Reduced Network Efficiency Coincides with White Matter Changes. Epilepsiefonds 08-10
8:Inhibition of the Multidrug Transporter P-Glycoprotein Improves Seizure Control in Phenytoin-treated Chronic Epileptic Rats. Epilepsiefonds 16-05
9:Werkingsmechanismen van hersenstimulatie therapieën na een experimentele hersenberoerte
Vanwege de opgewekte beroertes en epileptische aanvallen kunnen de proefdieren een tiende van hun lichaamsgewicht verliezen. De ratten worden meerdere malen geïnjecteerd, onder de scanner geplaatst en gedwongen om gedragstesten uit te voeren. Na afloop van de testen worden alle dieren afgemaakt om de hersenen te onderzoeken. In de nieuwste dierproef waarbij 355 ratten gebruikt gaan worden, schatten de dierproefnemers zelf de testen in op 100% ernstig ongerief. 10
10:NTS. Lekkage tussen bloedvaten en de hersenen als voorspeller van epilepsie na beroerte.
De Universiteit van Amsterdam heeft een aantal uitgangspunten opgeschreven in haar dierproevenbeleid. Met de opzet van deze heftige experimenten worden deze uitgangspunten genegeerd. Zo moeten de dieren in de onderzoeksfaciliteit optimaal verzorgd worden en zo min mogelijk ongerief ervaren. Uit de bovenstaande beschrijving van de experimenten en ongerief inschaling van de onderzoekers zelf, blijkt dat de dieren juist maximaal ongerief ondergaan. De optimale verzorging van de proefdieren is ver te zoeken. De solitaire opsluiting druist in tegen hun natuurlijke gedrag. Ratten zijn sociale groepsdieren. Ze spelen samen, slapen samen en verzorgen elkaars vacht. Een rat alleen in een kooi houden zorgt voor een eenzaam dier en creëert gedragsproblemen. 11
11:Dierproeven bij de UvA
Molenaar wil dan ook zo snel mogelijk in gesprek met de betrokken proefdiernemers, bestuurders en financierders: “Deze testen zijn niet meer van deze tijd. Het is inhumaan om de dieren zo te laten lijden. We zijn bereid om alle ratten direct op te vangen.”
Het is inhumaan om dieren zo te laten lijden
mrt 5, 2021
Na [Groningen](https://www.animalrights.nl/toch-weer-nachtelijke-klopjachten-groningen), [Utrecht](https://www.animalrights.nl/utrecht-gaat-s-nachts-vossen-afschieten) en [Zeeland](https://www.animalrights.nl/stop-nachtelijke-vossenjachten) heeft ook de provincie Noord-Holland toestemming gegeven voor het nachtelijk afschieten van vossen ter bescherming van bodembroedende vogels. In al deze provincies lopen juridische procedures. Eerder dit jaar oordeelde de rechter dat het [’s nachts afschieten van vossen in Zuid-Holland niet langer is toegestaan](https://www.animalrights.nl/rechter-verbiedt-nachtelijke-vossenjacht). De dierenbelangenorganisaties Animal Rights en Fauna4Life gaan ook in bezwaar tegen het besluit van de provincie Noord-Holland. De organisaties: “Wij springen weer in de bres voor de vos.”
Teken onze petitie voor een [verbod op de vossenjacht](https://www.animalrights.nl/stop-de-heksenjacht-op-de-vos).
In Nederland zijn vossen [nergens hun leven zeker](https://www.animalrights.nl/vossen-0). Ze mogen het hele jaar door overdag worden doodgeschoten. De nachtelijke jacht is verboden en hier moet een ontheffing voor worden aangevraagd. De provincie moet aannemelijk maken dat naast de ruime mogelijkheden die jagers overdag al hebben, nachtelijk afschot -wettelijk gezien- nodig is.
“Dit betekent dat moet zijn aangetoond dat het belang van de fauna daadwerkelijk door vossen wordt aangetast in het hele gebied waar de toestemming geldt. Ook moet de inzet van verboden middelen bijdragen aan een verbetering van het broedsucces van vogels. Dat is helemaal niet gebeurd.”, zegt Pauline de Jong van Fauna4Life.
Lees ook: [rechter verbiedt nachtelijke vossenjacht](https://www.animalrights.nl/rechter-verbiedt-nachtelijke-vossenjacht)
De toestemming van de provincie Noord-Holland voor de nachtelijke jacht mag gebruikt worden vanaf 1 februari tot en met half juli. Vorig jaar verleende de provincie een zelfde soort ontheffing en in de jaren daarvoor ook. De openbare afschotcijfers lopen terug tot en met 2006. Al jarenlang worden vossen in Noord-Holland gedood, is de populatie vossen min of meer stabiel en neemt het broedsucces van weidevogels af.
Veel deskundigen geven aan dat het willekeurig doden van vossen volkomen zinloos is. Aangezien hun [rol in predatie](https://www.animalrights.nl/weidevogels-en-predatie) (als die er al is) vervolgens door verschillende andere dieren kan worden overgenomen.12 Als je vossen bestrijdt, springt een ander dier in het ontstane gat en als je ook die gaat bestrijden, staat er weer een ander klaar. Zelfs als er [geen enkele vos meer in Nederland zou zijn](https://www.animalrights.nl/weidevogels-en-predatie) dan alsnog overleven grutto’s het statistisch gezien niet. 3
1:Sovon Vogelonderzoek, (2020) “Predatieproblematiek bij weidevogels”.
2:Jos Hooijmeijer, onderzoeker aan de RUG bij NPO Radio 1. “2020 is slechtste jaar ooit voor de Grutto”
3:Onderzoeker Wolf Teunissen via Vogelbescherming Nederland. “De rol van Predatoren in weidevogelproblemen.”
Een veranderende natuurinclusieve landbouw, waarbij wordt geproduceerd met oog voor de omgeving, is de enige acceptabele oplossing om zowel weidevogels als hun predatoren te beschermen. “Het stoppen van de teruggang van de grutto moet je namelijk aanpakken op landschapsschaal en dat kan niet zonder een transitie naar een landbouw met veel minder kunstmest, krachtvoer, bestrijdingsmiddelen, mestinjectie en diepteontwatering”, aldus RUG-hoogleraar trekvogelecologie Theunis Piersma.4
Weidevogels staan vooral onder druk door de [intensivering van de landbouw en de afname van geschikte leefgebieden](https://www.animalrights.nl/weidevogels-en-predatie). “Jagers werpen zich op als beschermers van weidevogels en schuiven de nachtelijke jacht op vossen naar voren als oplossing, maar over de werkelijke oorzaak van de achteruitgang in weidevogels wordt amper gesproken. Een veranderende landbouw is de enige acceptabele oplossing om zowel weidevogels als hun predatoren te beschermen”, zegt Jessica Smit van Animal Rights.
Animal Rights pleit vanzelfsprekend voor een [volledig einde aan de vee-industrie](https://www.animalrights.nl/stop-de-slacht) en een transitie naar een [plantaardig voedingspatroon](https://www.animalrights.nl/plant-power).
4:Publicatie Gruttomonitor, (2020). “Zelfs goed weidevogelbeheer niet goed genoeg voor de nationale vogel.”
Wij springen weer in de bres voor de vos.
Jagers werpen zich op als beschermers van weidevogels en schuiven de nachtelijke jacht op vossen naar voren als oplossing.
mrt 5, 2021
Een twintigtal leden van Animal Rights zijn gisteren opnieuw samengekomen op de Oude Markt in Leuven om te protesteren tegen de dierenproeven van de KU Leuven.1
1: Animal Rights voert voor vijfde keer actie tegen dierenproeven KUL
Uit onderzoek van Animal Rights and Action for Primates blijkt dat de unversiteiten van Oxford en Leuven [gezonde apen geestesziek maakt om verdere experimenten op hen uit te voeren](https://www.animalrights.be/ku-leuven-en-universiteit-oxford-apen-opzettelijk-hersenbeschadigd-en-gedood). Hierna moesten ze allerlei gedragstesten uitvoeren. Tijdens operaties wordt ook een hoofdsteun in de schedel geimplanteerd, zodat de dieren gedwongen kunnen worden in een vaste positie te blijven. Dit zijn vreselijke dierproeven die ernstig dierenleed veroorzaken en niet eens wettelijk verplicht zijn. Na de proeven zijn alle apen gedood.
Dit zijn vreselijke dierproeven die ernstig dierenleed veroorzaken en niet eens wettelijk verplicht zijn. “Als dat niet mag bij mensen, waarom dan wel bij primaten?”, verdedigt Jen Hochmuth, campagnecoördinator bij Animal Rights. “Waarom kunnen er geen vrijwilligers gevonden worden die al van nature met deze letsels kampen, die dan deelnemen aan het onderzoek? Zo moeten er geen wreede dierproeven op apen worden uitgevoerd.”
Animal Rights kaart aan dat de ethische commissie van KU Leuven te weinig alternatieven voor apenproeven zoekt. Uit jaarverslagen van 2018 en 2019 blijkt dat 100 procent van [alle dierproeven goedgekeurd is aan de KU Leuven](https://www.animalrights.be/aan-de-ku-leuven-worden-alle-dierproeven-goedgekeurd). De samenstelling van de ethische commissies verklaart grotendeels waarom al die proeven goedgekeurd worden: het zijn collega’s die elkaars aanvraag moeten beoordelen. Dit leidt wel tot discussie, maar zelden tot afkeuring van een experiment.
Animal Rights eiste eerder al dat de KU Leuven meer transparant is over haar apenexperimenten, en kaartte nu de samenstelling van de ethische commissies aan, die beslissen over het al dan niet doorgaan van dierenproeven. “Er is niemand die echt geeft om de bescherming van dierenrechten”, zegt Jen Hochmuth.
Animal Rights houdt sinds oktober vorig jaar maandelijks protesten tegen apenexperimenten aan de KU Leuven.
We demonstreren maandelijks bij de KU Leuven. Zo staat het volgend protest al gepland op Wereldproefdierendag op 24 april.
Als dat niet mag bij mensen, waarom dan wel bij primaten?