REACTIE VAN DE POLITIEK OP DE SLACHTHUISBEELDEN UIT TORHOUT

Op woensdag 8 juli 2020 vond een commissievergadering plaats van de ‘Commissie voor Brussel en de Vlaamse Rand en Dierenwelzijn’, waarin minister Ben Weyts vragen beantwoordde naar aanleiding van [de gruwelijke beelden die Animal Rights op 23 juni publiceerde](https://www.animalrights.nl/animal-rights-openbaart-opnieuw-gruwelijke-beelden-uit-een-vlaams-slachthuis) afkomstig uit het varkensslachthuis Van Hoornweder in Torhout. 1

“Opnieuw zijn dit beelden die ook voor geharde kijkers onaanvaardbaar en onverdraaglijk zijn,” zei Meyrem Almaci van Groen. “Minister, de afgelopen jaren werden er herhaaldelijk undercoverbeelden getoond van ontoelaatbare handelingen in slachthuizen. Zo herinneren we ons ook nog de beelden uit Tielt. Die illustreren dat het huidige controlesysteem in de slachthuizen tekortschiet. In elk slachthuis is er permanent een dierenarts aanwezig om toezicht te houden, maar dit volstaat duidelijk niet om de wantoestanden te vermijden.”

Els Sterckx van Vlaams Belang voegt daaraan toe: “Ik had gehoopt dat er na de wanpraktijken in slachthuizen zoals Tielt en Izegem lessen waren getrokken. Blijkbaar is er nog steeds onvoldoende controle op het respecteren van de dierenwelzijnswetgeving in de slachthuizen.”

Sofie Joosen van NVA: “In mijn eerdere schriftelijke vraag informeerde ik bij u naar de bescherming die deze AWO’s genieten tegen ontslag wanneer zij inbreuken zouden melden aan onze inspectiediensten. Uit uw antwoord bleek dat toen geen enkele AWO een inbreuk had gemeld.”

Ludwig Vandenhove van SP.A: “Ik geloof ook niet dat we alleen maar tegen dat ene slachthuis moeten optreden. Dit is echt een probleem van de sector, een probleem van gewoontes en van gebruiken, waarbij personeel voor een stuk wordt misbruikt. Zij zijn op de beelden te zien, maar de verantwoordelijken zijn dat uiteindelijk niet.”

Animal Rights is blij dat we de politiek opnieuw wakker geschud hebben en dat ook onze volksvertegenwoordigers er van doordrongen zijn dat we niet te maken hebben met uitzonderingen of excessen, maar dat er iets structureel mis is met het systeem van diergebruik. Nu nog hiernaar handelen …

1:https://www.vlaamsparlement.be/commissies/commissievergaderingen/1410819/verslag/1413172

Minister Ben Weyts vertelde vervolgens hoe de dienst Dierenwelzijn sinds 2015 elf controles uitvoerde in het slachthuis van Torhout: “Bij elk van die controles werden overtredingen vastgesteld. In het begin van die periode gingen de overtredingen vooral over de infrastructuur en de apparatuur die niet aan de voorschriften voldeden. In 2019 werd dan verschillende keren vastgesteld dat er een probleem was met de bedwelmingsinstallatie, waardoor te veel dieren moesten bijverdoofd worden. Daarnaast werd vastgesteld dat er onvoldoende bekwaam personeel aanwezig was om alles correct te laten verlopen en dat de procedures niet altijd op punt stonden.”

https://vimeo.com/430018569
De minister blijft zeggen dat het gaat om “oude beelden van 2019”. Zijn bewering dat de verdovingsproblemen zich pas in 2019 voordeden zijn, echter, aantoonbaar onjuist. In [de inspectierapporten in het bezit van Animal Rights](https://www.animalrights.nl/het-horror-slachthuis-van-torhout) noteert een keurder op 12 januari 2017: “Bij het betreden van de slachtruimte waar de varkens opgetakeld en gekeeld worden, merk ik op dat meerdere dieren hangen te schreeuwen en te spartelen. De dieren zijn duidelijk niet goed verdoofd of komen terug bij bewustzijn nog voor ze gekeeld worden. De arbeiders doen gewoon verder. Ik beveel onmiddellijk de stopzetting van het slachten en verwittig de verantwoordelijke. Er wordt wat gewerkt aan de instellingen. Bij het verderzetten van het slachten blijkt de verdoving niet optimaal. De dieren moeten onmiddellijk gekeeld worden anders komen ze terug bij bewustzijn.”

In 2018 duren de problemen met verdoven en de onkunde van het personeel om daarop adequaat te reageren gewoon voort. Op 13/08/2018 stelt de antemortem (AM) keurder vast dat de persoon die de verdoofde varkens moet optakelen, een varken optakelt dat bij bewustzijn is (onvoldoende verdoofd of terug ontwaakt). Hij zegt over die persoon: “ln het verleden werd reeds een infoformulier opgesteld (27/10/2017; EG11/2017/038) voor die betrokken persoon voor het foutief hanteren van de tang en toch werd terug dezelfde inbreuk gepleegd. (elektrische verdovingstang werd toen aangebracht op de achterhand van een zeug)”.

De problemen met de verdoving blijken al geruime tijd te spelen: “Reeds eerder gedurende de laatste maanden werden door het keurdersteam vaststellingen in verband met niet conforme verdoving aan de operator gemeld samen met de vraag naar corrigerende acties. Namelijk op 20/11, 10/12, 19/12, 21/12 en laatst op 04/01.”

De verdovingsproblemen speelden dus van minimaal januari 2017 tot in 2019. Kunnen we zomaar van minister Weyts aannemen dat het nu opgelost zou zijn? Hoe heeft dit minimaal 2 jaar, en waarschijnlijk nog veel langer, kunnen aanhouden? We willen van minister Weyts horen welke maatregelen er tegen het slachthuis van Torhout en de verantwoordelijken zijn genomen.

Meyrem Almaci merkt terecht op: “Het is heel gemakkelijk gezegd dat undercoverbeelden niet de regel, maar de uitzondering zijn, maar als je kijkt naar de aantallen dieren die geslacht worden, zijn dat fenomenale aantallen. Dat zijn telkens ontzettend veel dieren die, zelfs al gaat het maar om 1 procent, een pijnlijke dood sterven.”

Gelukkig maakt minister Weyts zich, net als Animal Rights, wel zorgen over de aanvoer van kreupele dieren: “Er is wel een blijvend probleem – en dat baart me steeds meer zorgen – met het vervoer, waarbij men vaststelt dat de noodbedwelming op de vrachtwagen niet altijd correct gebeurt. Er waren dus ook twee concrete overtredingen aangaande het vervoer van de varkens. Dat is een probleem dat zich steeds meer manifesteert. Men heeft ook beelden gezien van dieren met grote abcessen, gebroken poten, dieren die niet meer recht kunnen. Dat zijn allemaal dieren die nooit getransporteerd hadden mogen worden. Wanneer dieren worden aangeleverd aan het slachthuis, moet het slachthuis altijd overgaan tot slachten. Men mag die dieren niet terugsturen, net om het lijden van die dieren niet nog meer te verergeren. Die hadden dus niet vervoerd mogen worden. We stellen vast dat er steeds meer een probleem rijst. We pakken nu de problemen in het slachthuis zelf stelselmatig aan, met positieve gevolgen. De problemen blijven zich echter manifesteren bij de vervoerders en bij de landbouwers. Ik heb daar de dialoog ook al over geopend met de slachthuizen, dat zij zelf maatregelen moeten nemen tegen vervoerders en landbouwers die dieren die niet meer vervoerd mogen worden, toch naar het slachthuis sturen. Omdat het natuurlijk gaat over klanten van hen, is de slachthuissector daar terughoudend. Ik vind dat ze daar echt moeten optreden, ook al gaat het over hun eigen klanten.”

“De reden van het slachthuis om niet doeltreffend op te treden bij dat vervoer, begrijp ik toch niet helemaal. De sector verwijst dan naar het feit dat het om klanten gaat,” zegt Sofie Joosen.

Animal Rights heeft er daarom ook geen vertrouwen in dat een slachthuis dat met dieren omgaat zoals te zien is in de beelden en blijkt uit de inspectierapporten, “hun eigen klanten” zal aanpakken.

Els Sterckx merkt dan ook terecht op: “Wanneer ze die zouden aangeven bij dierenwelzijn bijvoorbeeld, dan is de kans groot dat ze een ander slachthuis opzoeken. Is het niet mogelijk om een systeem uit te rollen waarbij Dierenwelzijn zelf de landbouwers en de vervoerders controleert en nagaat of zij met alles in orde zijn, en we het niet enkel laten afhangen van de slachthuizen om die klachten te melden?”

Animal Rights verwacht van minister Weyts dat er zware sancties volgen voor boeren en transporteurs die kreupele of anders gewonde dieren aanvoeren, ook met terugwerkende kracht.

Ben Weyts geeft dit al een beetje aan: “De focus ligt nogal vaak op de slachthuizen omdat ze het meest visibele deel zijn en omdat er grote groepen samenkomen, maar we stellen vast dat heel wat dierenleed zich in het vervoer naar het slachthuis situeert. Als de controle in de slachthuizen dit najaar op punt staat, wil ik de focus verplaatsen.”

En: “Volgens mij is het belangrijker te kunnen optreden tegen vervoerders en landbouwers die kreupele dieren of dieren met andere tekortkomingen illegaal transporteren.”

Over de Animal Welfare Officer (AWO) zegt minister Weyts: “In het systeem van de AWO die altijd aanwezig moet zijn, hebben we op Vlaams niveau ook het voortouw genomen. We hebben zelf bepaald dat die animal wellfare officer tenminste de helft van de slachturen aanwezig moet zijn en dat die in volledige onafhankelijkheid moet kunnen handelen. We hebben daarvoor ook een specifiek statuut uitgewerkt. Wanneer hij of zij klachten meldt, kan hij of zij tijdens de periode van behandeling van die klachten niet ontslagen worden. We hebben dus een concrete klokkenluidersregeling ingevoerd.”

Zover Animal Rights weet is in het slachthuis van Torhout de kwaliteitsverantwoordelijke tegelijkertijd ook de AWO. Volgens de verhalen die Animal Rights bereikten is deze persoon niet alleen eindverantwoordelijk voor en medeplichtig aan het getoonde dierenleed, maar er ook volstrekt ongeïnteresseerd in. Wat kunnen de dieren van een dergelijke AWO verwachten? Het idee dat een slachthuis zelf een AWO zal benoemen die streng en strikt optreedt, is ongelofelijk naïef.

Ben Weyts: “Als die animal welfare officer zelf ernstige overtredingen begaat tegen de dierenwelzijnswetgeving of als hij of zij geen gepaste maatregelen neemt als er zich ernstige dierenwelzijnsproblemen voordoen, dan kunnen wij vanuit de dienst Dierenwelzijn het getuigschrift van vakbekwaamheid schorsen of intrekken.”

Dat zullen we tijdens de rechtszaak gaan zien.

Ludwig Vandenhove zegt dan ook duidelijk: “Maar het komt erop neer dat ze effectief aangepakt moeten worden, het liefst strafrechtelijk vervolgd moeten worden. Zoals ik zei, moet men ingrijpen in de opbrengsten, want dat is het enige dat ze kennen en waar ze naar luisteren.”

Els Sterckx is het daarmee eens: “Ik ben het ermee eens dat u de overtreders sneller moet beboeten. Als u in de portemonnee van de overtreders zit, zullen ze veel sneller overstag gaan en zich beter voor het dierenwelzijn inzetten. Ik hoop dat u niet enkel zult controleren, maar dat u ook effectief zwaar doorwegende boetes zult opleggen, zodat het dierenwelzijn op de eerste plaats zal komen.”

We zien in de inspectierapporten dat DMO’s zich niet gehoord voelen, wanhopig zijn over het dierenleed dat maar doorgaat. Animal Rights wil daarom niet alleen een klokkenluidersregeling voor de AWO, maar in de eerste plaats ook voor de DMO’s. Deze moet hen niet alleen beschermen tegen het slachthuis waarin ze werkzaam zijn, maar ook tegen hun werkgever het FAVV.

Gwenny De Vroe (Open Vld.) zegt daarover: “Al vijf jaar doet u niets aan het feit dat de DMO’s van het FAVV, van het federale niveau dus, niet kunnen ingrijpen in de Vlaamse slachthuizen als ze overtredingen doen op het vlak van dierenwelzijn in de ante mortem. Zij kunnen momenteel nog altijd enkel een melding doen, heb ik mij laten vertellen – corrigeer me als het niet zo zou zijn –, met een formulier. Dat is niet de manier waarop we het moeten doen. Op welke manier zult u remediëren zodat zij ook in onze Vlaamse slachthuizen meer slagkracht krijgen?”

Tinne Romboudts (CD&V) voegt daaraan toe: “Er kan niet geslacht worden zonder de aanwezigheid van de DMO’s. Dat is een ongelooflijk krachtige positie, ten minste als zij ook beschikken over alle bevoegdheden die zij kunnen inzetten om snel en accuraat op te treden. […] Vijf jaar geleden hebben we een regionalisering gehad en daarin zijn de afspraken gemaakt dat DMO’s alleen maar een melding mogen doen aan de dierenwelzijnsinspectie. Op het moment dat zij vaststellingen doen, kunnen zij dus niet stante pede optreden. Dat is toch wel een moeilijk element.”

Sofie Joosen: “Wat betreft de huidige federale DMO’s loopt er duidelijk iets mank. Ik kan de redenering volgen dat we die filmpjes niet nodig zouden mogen hebben, maar laten we dan ook voor de Vlaamse slagkracht zorgen.”

Meyrem Almaci: “Het punt dat ik maakte, gaat over het feit dat als u op vijf jaar tijd elf mechanische problemen of menselijke fouten in één slachthuis, dat 650.000 varkens slacht per jaar, ziet, dat leidt tot onnoemelijk leed bij ontzettend veel dieren. De vraag is: wanneer is een inbreuk de inbreuk te veel? Wanneer legt u bijvoorbeeld een productielijn stop? Kunnen we daarover met elkaar het debat aangaan? Wanneer zet u, of wanneer zetten wij, dierenwelzijn boven het laten doorgaan van die economische keten, gericht op export, op industriële aantallen dieren die op een industriële manier geslacht worden? Wanneer helt de balans over? Dat is een fundamentele vraag waarover we moeten praten. Die industrieel gerichte landbouw heeft zijn tol wat dierenwelzijn en milieu-impact betreft. Dat is een debat dat ons veel verder leidt dan dit voorbeeld. Maar dit voorbeeld is een illustratie dat die efficiëntieoefening gericht op economische winst ook zijn grenzen heeft.”

Animal Rights is er van overtuigd dat alleen een radicale transitie van dierlijke naar plantaardige eiwitten het dierenleed kan doen verdwijnen.

GASTLES VAN EEN BOER? DAN OOK VAN ANIMAL RIGHTS

Zeeuwse boeren gaan gastlessen geven, omdat mensen “een verkeerd beeld hebben van wat boeren en vissers doen.”1 Animal Rights geeft al gastlessen met hetzelfde doel. Veehouders en vissers zijn goed in het doen alsof zij het slachtoffer zijn van ‘een verkeerd beeld’, maar het ware probleem is dat in het onderwijs over veehouderij en visserij dierenleed stelselmatig verzwegen of gebagatelliseerd wordt. Animal Rights wil het eerlijke verhaal vertellen. In iedere klas waar iemand uit de dierindustrie een gastles geeft, hoort ook een gastles over wat mensen de dieren in die industrie aandoen.

1: Omroep Zeeland: Boeren gaan gastlessen geven: ‘Beeld over boer klopt niet’

Het initiatief voor gastlessen van boeren en vissers komt van Zeeuws Agrarisch Jongeren Kontact (ZAJK). Die heeft, in samenwerking met verschillende Zeeuwse landbouw- en onderwijsinstellingen het project ‘Zeeuwse kringloop, samen verder met burger, boer en visser’ opgesteld. De provincie Zeeland stelt 25.000 euro beschikbaar voor het project.1

Als reden voor het project wordt aangevoerd dat mensen een verkeerd beeld hebben van wat boeren en vissers doen. Wat dat verkeerde beeld precies behelst, is niet duidelijk. Het project lijkt vooral bedoeld om de eigen sector te promoten. Een van de doelen is om nieuwe mensen voor agrarische opleidingen te werven.

1: Omroep Zeeland: Boeren gaan gastlessen geven: ‘Beeld over boer klopt niet’

Het verkeerde beeld van veehouderij en visserij bestaat uit onwetendheid over dierenleed. Willem Vermaat, die voor Animal Rights de gastlessen coördineert vanuit de Plant Power campagne, vertelt: “Wij zien al jaren dat mensen een onjuist beeld hebben van de veehouderij en visserij. Vanuit de sector is er al allerlei onderwijsmateriaal, zoals van boerderijeducatie. Ook zijn er excursies naar veehouderijen. Het probleem is dat dit een eenzijdige kant van het verhaal oplevert. Boeren hebben belang bij promotie van hun eigen sector.”

Het lijden en doden van dieren wordt grotendeels verzwegen. Vermaat: “Een ouder vertelde mij over een excursie naar een melkveebedrijf. De boer daar zei niets over dat kalfjes meteen bij hun moeder worden weggehaald en dat stierkalfjes voor hun eerste verjaardag geslacht worden.” Animal Rights wil leerlingen laten nadenken. Vermaat: “Is het wel goed om koemelk te drinken als je weet dat daarvoor een kalfje bij zijn of haar moeder is weggehaald en gedood wordt?”

Animal Rights wil overal waar boeren een gastles geven ook een gastles geven. Vermaat: “Het is belangrijk dat iedere leerling het hele verhaal over de veehouderij en visserij te horen krijgt.”

WAAROM SLACHTHUIZEN NIET WILLEN DAT WE BINNEN KIJKEN

**Speech van Animal Rights campagnecoördinator Els Van Campenhout bij de demonstratie voor de poorten van het slachthuis Torhout.**

Drie jaar is het geleden sinds we voor het eerst voor een Vlaams slachthuis stonden, waarvan verschrikkelijke undercoverbeelden naar buiten kwamen. We waren met verstomming geslagen, verbijsterd, boos en teleurgesteld. Zelfs bij Animal Rights hadden we nog nooit zulke gruwelijkheden gezien, zo dichtbij huis. De politieke discussies laaiden op en iedereen was het eens met elkaar: zulke gruwelijkheden zouden NOOIT nog mogen gebeuren. We sleepten de dierenmishandelaars voor de rechter en boekten succes: Er werden maximumstraffen onder de huidige Dierenwelzijnwet opgelegd voor zowel het slachthuis als de CEO van Debra Tielt. Een precedent voor de toekomst, maar tegelijk weten we dat er nog veel werk aan de winkel is voor de dieren.

Drie jaar en drie undercoverreportages later staan we OPNIEUW voor een slachthuis waar we gruwelijke undercoverbeelden naar buiten brachten. En de nieuwe, verschrikkelijke beelden tartten opnieuw alle verbeelding. Zelfs het woord ‘hel’ is zacht uitgedrukt, voor wat de dieren hier binnen achter ons hebben moeten doorstaan: We zien hoe kreupele dieren met gebroken poten, verschrikkelijke wonden, prolapsen en zelfs necrotische verwondingen worden aangevoerd. We zien hoe hoogzwangere zeugen spontaan hun biggen aborteren onderweg naar de wachtstallen.

We zien hoe de dieren opnieuw wakker worden aan de slachtlijn, de longen uit hun lijf schreeuwen en onverdoofd, bij bewustzijn gekeeld worden. We zien op de beelden en in de rapporten hoe dieren bij bewustzijn verdrinken in het hete broeibad. Dit is pure horror.

Er is een reden waarom we niet mogen binnenkijken in de slachthuizen, omdat zij daar binnen goed genoeg weten dat het verkeerd is wat ze doen. Omdat er geen enkele manier bestaat om de dagdagelijkse gruwelen binnen slachthuizen ethisch te verantwoorden.

Er is een reden waarom we kinderen meenemen naar de moestuin, maar hen opzettelijk weghouden van slachthuizen en hun ogen bedekken. Zij zijn zwakkeren die we willen beschermen tegen gruwel, geweld en dood. Tegelijk zijn varkens hun cognitieve vaardigheden vergelijkbaar met die van een vierjarig kind, datzelfde kind dat we zo hard willen beschermen.

Varkens zijn sociaal, slapen graag samen, houden er van om in de grond te woelen en ze rouwen ook in groep om de dood van soortgenoten. Varkens zijn levende, voelende individuen en hebben geen leven in de vleesindustrie. Zij hebben een kort bestaan van doorgaans slechts zes maanden vol pijn, angst en een vreselijke dood die hen te wachten staat.

Het slachthuis van Torhout mag een eigen intern onderzoek voeren naar het dierenleed dat Animal Rights aan het licht bracht. Slachthuizen die zelf een intern onderzoek opstarten naar dierenleed is in feite daders van zware mishandelingen hun eigen onderzoek naar de feiten laten doen. Kan het nog absurder?

Dat het er nu anders aan toe zou gaan, is pure greenwashing: We zien in de inspectierapporten dat het probleem van de verdoving al sinds minstens 2017 aan de gang is. De dierenartsen met opdracht hebben dit jarenlang aangekaart zonder dat er verandering kwam. Waarom zou het dan nu ineens wel anders zijn?

Zelfs al voeren slachthuizen zogenaamde verbeteringen door: de dieren gaan nog steeds levend naar binnen en komen in stukken weer naar buiten. De industrie wil ons daarbij wijsmaken dat er in slachthuizen diervriendelijke dingen gebeuren. Als we onszelf de ethische vraag stellen “hoe ontneem je het leven van iemand die niet wil sterven?”, kunnen we alleen maar concluderen dat dit nooit vriendelijk kan gebeuren.

Het gaat hier niet alleen om slachthuis Torhout, het gaat om een falend systeem dat er keer op keer in slaagt om onschuldige dieren de wreedste martelingen te laten ondergaan.
En wij vragen ons dan ook luidop af: “In hoeveel slachthuizen moeten wij nog filmen, voordat de overheid eindelijk gaat ingrijpen?”

Het is genoeg geweest, wij eisen een doorlichting van ALLE slachthuizen in ons land en willen de onmiddelijke sluiting van alle falende slachthuizen.

En daarnaast willen wij dat dit horrorslachthuis zich voor de rechter verantwoordt voor verschrikkelijk dierenleed: Animal Rights en GAIA dienden een klacht met burgerlijke partijstelling in tegen dit horrorslachthuis, wij eisen de sluiting van Van Hoornweder en willen harde straffen voor de dierenmishandelaars!

POURQUOI LES ABATTOIRS N’ONT PAS DES MURS EN VERRE

Trois ans et trois reportages d’infiltration plus tard, nous nous trouvons devant un abattoir où nous avons sorti des images d’infiltration macabres. Et les nouvelles images terribles dépassent une fois de plus l’imagination. Même le mot “enfer” est un euphémisme, pour ce que les animaux à l’intérieur ont dû endurer derrière nous : Nous voyons des animaux paralysés avec des jambes cassées, des blessures terribles, des prolapsus et même des blessures nécrotiques. Nous voyons comment des truies enceintes avortent spontanément leurs porcelets en route vers la salle d’attente. Nous voyons comment les animaux se réveillent à nouveau sur la ligne d’abattage après l’étourdissement. Nous voyons sur les images et dans les rapports d’inspection des cochons qui vivent même après que leur cou a été percé. Ils sortent en criant, suspendus la tête en bas à la chaîne d’abattage, et se noient vivants dans le foyer.

Il y a une raison pour laquelle nous ne sommes pas autorisés à regarder à l’intérieur des abattoirs, parce qu’ils savent suffisamment bien que ce qu’ils font est mal. Parce qu’il n’y a aucun moyen de justifier éthiquement les horreurs quotidiennes dans les abattoirs.

Il y a une raison pour laquelle nous emmenons les enfants au potager, mais nous les tenons délibérément à l’écart des abattoirs et leur cachons les yeux. Nous voulons les protéger de l’horreur, de la violence et de la mort. En même temps, les capacités cognitives des porcs sont comparables à celles d’un enfant de quatre ans, le même enfant que nous voulons tant protéger.

Les porcs sont sociables, ils aiment dormir ensemble, aiment se percher dans le sol et pleurent aussi la mort de leurs proches. Les porcs sont des individus vivants et sensibles qui n’ont pas de vie dans l’industrie de la viande. Ils ont une courte existence, généralement de six mois seulement, pleine de douleur, de peur qui se termine avec une mort terrible.

L’abattoir Torhout est autorisé à mener sa propre enquête interne sur les souffrances des animaux révélées par Animal Rights. Les abattoirs qui lancent leur propre enquête interne sur la souffrance animale sont en fait les auteurs de graves abus. Comment cela pourrait-il être encore plus absurde?

L’argument que les conditiones soient améliorés maintenant est du pur greenwashing : nous voyons dans les rapports d’inspection que le problème de l’étourdissement existe depuis au moins 2017. Les vétérinaires en mission soulignent ce problème depuis des années sans aucun changement. Alors pourquoi serait-ce différent tout d’un coup ?

Même si les abattoirs font des soi-disant améliorations : les animaux y entrent toujours vivants et en ressortent en morceaux. Ce faisant, l’industrie veut nous faire croire que les animaux peuvent être traités de manières respectueuses dans les abattoirs. Si nous nous posons la question éthique “comment peut-on prendre la vie de quelqu’un qui ne veut pas mourir ?”, nous ne pouvons que conclure que cela ne peut jamais se faire de manière amicale.

Il ne s’agit pas seulement de l’abattoir de Torhout, mais d’un système défaillant qui réussit encore et encore à infliger les tortures les plus cruelles à des animaux innocents.

Nous nous demandons donc à haute voix : “Combien d’abattoirs devons-nous encore filmer avant que le gouvernement n’intervienne enfin ?

Cela suffit, nous exigeons un audit de TOUS les abattoirs de notre pays et voulons la fermeture immédiate de tous les abattoirs défaillants.

Et en outre, nous voulons que cet abattoir d’horreur réponde devant les tribunaux de la terrible souffrance des animaux : Animal Rights et GAIA ont déposé une plainte civile contre cet abattoir d’horreur, nous exigeons la fermeture de Van Hoornweder et voulons des sanctions sévères pour les auteurs de maltraitance animale!

BRIEF AAN DE MINISTERS OVER AANGENOMEN MOTIE FOKVERBOD NERTSEN VANWEGE CORONA

Op 10 juli 2020 hebben wij samen met Bont voor Dieren een brief gestuurd naar minister Schouten en minister De Jonge betreffende de aangenomen motie van het fokverbod. In deze brief spreken wij onze verbijstering en afschuw uit over het niet uitvoeren van de aangenomen motie. Op 23 juni is in de Tweede Kamer de motie van de Partij voor de Dieren en de Partij van de Arbeid aangenomen, die het beroepsmatig fokken van dieren gevoelig voor het coronavirus verbiedt. Dit zou betekenen dat alle nertsenfokkerijen in Nederland snel moeten sluiten. Ruim een week later gaf het kabinet aan nog niet van plan te zijn om een direct verbod op het fokken van nertsen in te stellen.

Minister C.J. Schouten
Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Minister H.M. de Jonge
Ministerie van Volksgezondheid, welzijn en Sport

cc: Vaste commissie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
cc: Vaste commissie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Amsterdam, 10 juli 2020
Betreft: aangenomen motie fokverbod nertsen vanwege corona

Geachte minister Schouten, geachte minister De Jonge,

Vol verbijstering hebben wij kennisgenomen van uw reactie op de aangenomen motie over een verbod op het beroepsmatig fokken van dieren die bevattelijk zijn voor het coronavirus. U vindt een fokverbod op dit moment niet opportuun, omdat de paartijd van nertsen in het voorjaar is.

De Tweede Kamer heeft in meerderheid besloten dat een verbod er moet komen. U besluit nu in minderheid dat u voorlopig geen uitvoering hoeft te geven aan dit besluit. Dit terwijl de besmettingen, ondanks alle genomen maatregelen, nog steeds doorgaan.

Inmiddels zijn op tweeëntwintig nertsenfokkerijen minimaal 850.000 nertsen vergast. Het is niet straks, maar nú het moment om een einde te maken aan deze dieronvriendelijke industrie. Voor de dieren, zodat niet nog meer levende wezens hoeven te lijden. En voor het algemene belang van de volksgezondheid, zodat mogelijke uitbraken door reservoirs voorkomen kunnen worden. Daarnaast ook voor de nertsenhouders, zodat zij snel duidelijkheid hebben en plannen kunnen maken voor de toekomst.

Wij vertrouwen erop dat u deze democratisch aangenomen motie serieus neemt en de stappen neemt die daar logischerwijs uit volgen.

Met vriendelijke groet,

Sandra Schoenmakers
Directeur Bont voor Dieren

Susan Hartland
Directeur Animal Rights

Hartelijk dank voor uw brief van 10 juli 2020 waarin u uw interesse toont in de
uitvoering van de aangenomen moties. Bij deze brief stuur ik u, mede namens de
minister van VWS, een reactie op uw brief.

Zoals u aangeeft heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen over een verbod
op het beroepsmatig fokken van dieren die bevattelijk zijn voor het coronavirus.
De Gezondheids- en welzijnswet voor dieren geeft de minister van LNV alleen de
bevoegdheid om maatregelen, zoals een vervoersverbod en een fokverbod, te
treffen om verspreiding van SARS-CoV-2 bij nertsen te voorkomen (artikel 77 van
de wet) en niet om andere motieven, In onze reactie op de motie waar u in uw
brief op doelt geven de minister van VWS en de minister van LNV aan dat nertsen
slechts één keer per jaar jongen krijgen en daartoe in het begin van het jaar
gedekt worden. Een fokverbod instellen is dus op dit moment niet opportuun en
heeft geen meerwaarde in de bestrijding van SARS-CoV-2 in de nertsenhouderij.

In diezelfde brief geven wij aan dat we een vinger aan de pols houden en dat wij
aan het eind van het jaar, en dus voordat de paartijd van nertsen aanvangt, een
besluit nemen over of een fokverbod op dat moment nodig is om de verspreiding
van SARS-CoV-2 te voorkomen. De uitvoering van deze motie zal aan het einde
van dit jaar, op basis van de risico’s die we dan zien, dus opnieuw worden
overwogen.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Animal Rights leest dit als: In augustus komt er een ’take-it-or-leave-it’ stoppersregeling voor de nertsenfokkers, want het vervoersverbod blijft gewoon in stand en eind 2020 komt daar een fokverbod boven op “om verspreiding van SARS-CoV-2 bij nertsen te voorkomen.” Dat betekent dat er in 2021 vervolgens niets te verdienen valt voor de nertsenfokkers terwijl er wel kosten zijn en zo wordt de stoppersregeling steeds aantrekkelijker.

Omdat deze regering notoire onbetrouwbaar is, blijven we echter wel de uitvoering van de motie eisen.