Tomassen krijgt geen boetes voor houden te veel eenden

Juni 2022 werd op een pluimveebedrijf te Hierden vogelgriep vastgesteld, waarna circa 100.000 eenden werden ‘geruimd’. Het gaat om het bedrijf aan de Parallelweg 20 te Hierden dat eigendom is van (Tomassen) Duck-To Farm B.V. en wordt gehuurd door voormalige eigenaar Hendrikse & Roos B.V. Het bedrijf heeft vergunningen voor het houden van ‘slechts’ 80.595 vleeseenden. Op het moment van ruimen werden dus nagenoeg 25% meer eenden gehouden dan toegestaan. 15 Februari 2023 heeft Animal Rights dan ook een verzoek ingediend bij de gemeente om handhavend op te treden tegen het bedrijf. Uit onderzoek van de omgevingsdienst blijkt vervolgens dat niet één, maar minstens zes overtredingen werden begaan in 2022 alleen al.

Wel een preventieve last onder dwangsom maar geen bestraffing

Op 28 november 2023 nam het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Harderwijk dan eindelijk een inentiebesluit op het door Animal Rights ingediende handhavingsverzoek. Harderwijk constateert dat op meerdere momenten aanzienlijk meer eenden werden gehouden dan toegestaan. Desondanks acht Harderwijk preventief optreden voldoende middels de opgelegde last onder dwangsom, onder de motivering dat ”de betrokken bedrijven maatregelen hebben getroffen om in de toekomst aan de vergunningvoorschriften te voldoen”. Harderwijk weigert bestraffend op te treden omdat de overtreding inmiddels ongedaan gemaakt is.

Dat steekt Animal Rights des te meer nu het hier niet gaat om het incidenteel ‘per ongeluk’ houden van een paar extra dieren, maar om het structureel en willens en wetens houden van aanmerkelijk te veel dieren en het daarmee overtreden van de vergunningsvoorschriften, met alle bijkomende milieu- en natuurgevolgen van dien (op 170 meter afstand van Natura 2000-gebied de Veluwe). Het gaat hier aldus om serieuze overtredingen die niet straffeloos kunnen blijven. In het licht van de huidige stikstofcrisis en grote druk op het milieu is het naar het inzicht van Animal Rights relevanter dan ooit om ferm op te treden tegen overtredingen op dit thema en op dergelijke schaal als in het onderhavige geval.

Wanneer Animal Rights een zestal keren door het rode licht zou rijden, zou zij daarvoor een zestal bekeuringen krijgen; niet slechts een preventieve ‘tik op de vingers’, zoals de gemeente de bedrijven nu lijkt te geven. Het is niet te rechtvaardigen dat handhaving slechts wordt ingezet om nieuwe overtredingen te voorkomen. Dat geeft het verkeerd beeld af dat reeds begane overtredingen onbestraft blijven en dus gevrijwaard zijn van ‘serieuze consequenties’. Bovendien is onvoldoende gemotiveerd waarom van bestraffend optreden wordt afgezien. Net als Ermelo lijkt ook Harderwijk eendenslachter Tomassen de hand boven het hoofd te houden. Animal Rights pikt dat niet!

Eendenslachter Tomassen ligt al jaren onder vuur

Provincie Gelderland geeft niet thuis

Animal Rights heeft tevens een verzoek ingediend bij de provincie Gelderland om handhavend op te treden tegen het bedrijf in het kader van de Natuurbeschermingswet. Een jaar na datum heeft de provincie echter nog altijd niet voorzien in een besluit op dit verzoek, ondanks herinneringen, en door Animal Rights ingediende ingebrekestelling en beroep tegen het niet tijdig beslissen.

Animal Rights doet aangifte bij parket Amsterdam

Aangezien Animal Rights er niet gerust op is dat dit bezwaar Harderwijk alsnog tot bestraffende handhaving zal doen bewegen, heeft zij tevens aangifte op grond van de Wet economische delicten ingediend bij het functioneel parket te Amsterdam. Het is Animal Rights bekend dat een overtreding niet tweemaal kan worden bestraft (zowel bestuurlijk als strafrechtelijk) en daarom is Harderwijk verzocht het bezwaar aan te houden tot is besloten door het openbaar ministerie van het functioneel parket.

Animal Rights bevindt zich nu dan ook in de situatie dat de bevoegde gezagen in kwestie niet thuis geven. Een veelvoud aan aanmerkelijke overtredingen van zowel milieu- als natuurwetgeving wordt door de vingers gezien en onbestraft gelaten. Strafrechtelijke bestraffing komt daardoor nadrukkelijk in beeld.

Het staat buiten kijf dat de bedrijven voor een aanzienlijk deel hebben bijgedragen aan de toename van stikstofdepositie op zeer kwetsbare natuur. Een bijdrage die niet meer ongedaan gemaakt kan worden en waarvan de effecten nog altijd merkbaar zijn.

De bedrijven hielden (minstens) gedurende een zestal perioden rond de 20.000 meer eenden dan vergund. Voor die ~20.000 eenden was dus geen vergunning aanwezig. In de Wet op de economische delicten wordt het overtreden van voorschriften strafbaar gesteld. De bedrijven hebben gehandeld in strijd met een voorschrift van een omgevingsvergunning. De bedrijven hebben een milieubelastende activiteit verricht zonder omgevingsvergunning. De bedrijven hebben zonder een natuurvergunning een project ‘gerealiseerd’ dat significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied.

Daarom heeft Animal Rights het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie verzocht een strafrechtelijk onderzoek te starten naar (de feitelijk leidinggevenden van) Duck-to Farm BV en Hendrikse & Roos BV voor de bedrijfsvoering strijdig met de Wet op de economische delicten en daarmee samenhangende milieu/natuurregelgeving.

Ook in Nederland zijn proefaapjes afgemaakt vanwege tuberculose-besmetting

Op 27 februari 2024 ontvangt Animal Rights alsnog een reactie van de Nederlandse voedsel- en warenautoriteit (NVWA) op vragen over een tip van onze Spaanse collega’s van AboliciónVivisección. Het gaat om een tuberculose uitbraak onder makaken in het Catalaanse dierproevencentrum Anapath Research. De makaken waren afkomstig uit Vietnam en in de EU geïmporteerd via Nederland. Animal Rights gaat er vanuit dat het om apenhandelaar Hartelust uit Tilburg gaat.

Lees ook:

In het kader van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) kan de NVWA over individuele bedrijven geen specifieke bedrijfsinformatie verschaffen. De NVWA kan het volgende melden. Op 28 april ontving de NVWA van het National Contact Point de melding over een makaak welke in een andere lidstaat was gestorven en waar middels een PCR test een besmetting met TBC is vastgesteld. Daarnaast vertoonden een aantal andere makaken uit deze zending een reactie op de tuberculinatie test. De apen waren voor import getest met een mantoux test, welke negatief was. Ondertussen is de certificering aangepast zodat dit niet meer kan voorkomen.

De NVWA kan/mag dus niet bevestigen dat het om apenhandelaar Hartelust gaat. De zaak kwam aan het rollen doordat een van de makaken die vanuit Hartelust was geëxporteerd stierf en tbc bleek te hebben.

Animal Rights dankt de NVWA voor haar respons, maar is nog altijd van mening dat men zelf ruchtbaarheid had moeten geven aan deze zaak. Het gaat om een zoönotische uitbraak onder proefapen, twee onderwerpen die uiterst gevoelig liggen.

Dat de apen voor import getest waren, wil zeggen in Vietnam. Op welke wijze de certificering nu is aangepast is onduidelijk.

Verspreid over heel Europa

De zending makaken waar het om gaat zou volgens de informatie van Animal Rights hebben bestaan uit 320 mannetjes en 160 vrouwtjes. De NVWA meldt dat een deel al was doorgestuurd naar proefdiercentra in Europa en dat een deel nog bij de importeur (in Tilburg) verbleef toen de tbc besmetting aan het licht kwam.

Deze apen waren afkomstig van een zending van makaken welke in februari 2023 bij een bedrijf in Nederland zijn gearriveerd. Op het bedrijf in Nederland waren op 1 mei 2023 nog makaken uit betreffende zending aanwezig. De overige makaken waren naar diverse landen doorverkocht. De afnemers van deze makaken zijn door het Nederlandse bedrijf geïnformeerd en daarnaast heeft de CVO van LNV de betrokken landen geïnformeerd over de zendingen makaken die aan hun land geleverd zijn.

Publiek niet ingelicht

“Deze makaken worden onder laboratorium omstandigheden gehouden, waar geen toegang voor publiek mogelijk is en waar de dierverzorgers zijn getraind en uitgerust met persoonlijke beschermingsmiddelen. Daardoor is het risico van spreiding van de tuberculose naar andere dieren of mensen verwaarloosbaar klein. Er is om die reden geen verdere ruchtbaarheid aan deze uitbraak gegeven,” verklaart de NVWA.

Ook van het personeel van nertsenfokkerij werd beweerd dat deze ervaren waren en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen werd na de eerste Sars-Cov-2 (corona) uitbraken onder nertsen verplicht. Toch bleven de besmettingen komen, ook van dier naar mens.

Ook in Nederland apen geruimd

De makaken die nog bij Hartelust verbleven en positief testten voor tbc zijn ook ‘geruimd’.

Alle aanwezige makaken op het Nederlandse bedrijf zijn door de NVWA onderzocht op tuberculose. Bij een aantal makaken is een besmetting met TBC vastgesteld. Naar aanleiding van deze vastgestelde besmetting zijn de makaken onder toezicht van de NVWA door een dierenarts geëuthanaseerd.

Er lijkt geen enkele poging te zijn gedaan om deze dieren te behandelen/genezen. De NVWA heeft het over ‘euthanasie’, maar om van euthanasie te kunnen spreken moet er in ieder geval sprake zijn van ‘compassie’, of ‘zorg’ bevatten [link]. Deze dieren kregen geen enkele zorg, het is gewoon moord.

De absolute onrechtvaardigheid en volstrekte zinloosheid van vivisectie wordt hier voor het voetlicht gebracht. Deze dieren zijn handelswaar en gebruiksvoorwerpen voor Hartelust, zijn afnemers en de Nederlandse overheid. Het trieste is dat we misschien tot de conclusie moeten komen dat deze dieren uiteindelijk beter af zijn dan hun soortgenoten en familieleden die wel in de wrede handen vallen van genadeloze dierproefnemers en talloze wreedheden moeten ondergaan.

Update

Op 4 maart 2024 krijgt Animal Rights de bevestiging van wat we eigenlijk al wisten: de makaken waren inderdaad afkomstig van apenhandelaar RC Hartelust uit Tilburg. Hartelust versleepte in totaal drie zendingen apen naar Spanje: 2023-0019110,2023-0021125, 2023-0021116. Allemaal makaken die door Hartelust uit Vietnam waren geïmporteerd.

Volgens de Spaanse autoriteiten werden zij geïnformeerd door Nederland dat Nederland een “non-negative” PCR resultaat voor tuberculosis ontvangen had na de autopsie van een makaak. Het zieke en zwakke dier maakte origineel onderdeel uit van dezelfde groep makaken bij Hartelust en was naar een ander EU-land gestuurd, dus niet Nederland of Spanje.

Naast het Anapath proefdiercentrum nabij Barcelona, stuurde Hartelust ook apen naar Centro Integralde Neurociencias (CINAC) in Madrid. Dit proefdiercentrum werd op 1 mei geïnformeerd en gesommeerd om preventieve maatregelen te nemen ondanks dat de resultaten bij de gezondheidscheck gedurende de quarantaine periode negatief waren. Op 22 mei stuurt Hartelust een e-mail dat de apen van CINAC niet in contact waren geweest met besmette dieren. Alle primaten bij CINAC werden opnieuw getest. Op 25 mei volgt een inspectie van het centrum. Alles lijkt in orde.

We vermoeden dat de derde Spaanse zending naar proefdiercentrum Vivotecnia is gegaan. Later meer.

Intussen heeft ook de Centrale Handhaving Dieproeven van de NVWA Animal Rights laten weten dat ”de standaardprocedure is dat een bedrijf wordt geblokkeerd en pas weer wordt vrijgegeven nadat het bedrijf TBC vrij is.”

De NVWA legt ook uit waarom de tuberculosis besmetting gemist werd en hoe de certificering nu is aangepast: ”De controle van deze apen was gericht op mycobacterium tuberculosis, door middel van de mantoux test die ook bij mensen uitgevoerd wordt. M. tuberculosis is 1 van de 6 mycobacteriën soorten die tuberculose kunnen veroorzaken bij mens en dier. Deze 6 soorten vallen onder het zogenaamde mycobacterium tuberculosis complex. In dit geval waren de apen besmet met een ander mycobacterium uit dit complex, waar de mantoux test niet geschikt voor is. De aanpassing die nu gedaan is, is dat in het certificaat de eis is opgenomen dat deze dieren negatief getest moeten zijn op het mycobacterium tuberculosis complex.”

Update: vragen gemeenteraad Tilburg

Ook in de gemeenteraad van Tilburg werden er vragen gesteld door de Partij voor de Dieren. 1 Gemeenteraadslid Anne-Miep Vlasveld vroeg onder meer of het college het ermee eens is dat (de mogelijkheid van) het importeren van een besmettelijke ziekte als TBC, reden te meer is om de aanwezigheid van een apenhandelaar in onze gemeente ongewenst te vinden; of het de morele onderbouwing van de doelstelling van het Rijk om het gebruik van proefdieren te verminderen en deze te vervangen door innovatieve alternatieven erkent; en of het college bereid is zich expliciet uit te spreken tegen de risicovolle handel in en het gebruik van dieren/apen voor vreselijke experimenten.

In haar antwoord van 17 april zegt het college van burgemeester en wethouders niet op de hoogte geweest te zijn van de tbc-uitbraak. Verder zegt het reeds in 2020 het lnv opgeroepen te hebben om proeven op apen en andere dieren zoveel mogelijk in te perken en tevens de handel in apen zoveel mogelijk in te perken. Het zegt toe om deze oproep opnieuw te herhalen. 2


  1. Schriftelijke vragen gemeenteraad Tilburg. 7 maart 2024 ↩︎
  2. Antwoord college van burgemeester en wethouders gemeenteraad Tilburg. 17 april 2024 ↩︎

Vaker tuberculose bij proefapen uit Vietnam

Op 11 januari 2023 exporteerde apenfokker Thanh Cong Biological Creature Co. Ltd. uit Hoang Thuy village in Vietnam 540 makaken (Macaca fascicularis) naar Charles River Laboratories, Inc. in de Verenigde Staten. Op 7 februari meldt de importeur tijdens de quarantaine periode een positieve tuberculine skin test (TST) bij een makaak. De aap heeft waarschijnlijk tuberculosis, wordt afgemaakt en opengesneden om zekerheid te krijgen.

Lees ook:

De monsters testen positief voor Mycobacterium tuberculosis complex (MTBC). De veroorzaker blijkt uiteindelijk Mycobacterium orygis te zijn, dat zowel in mensen als andere dieren in Zuid Azië wordt gevonden.
Op 21 februari testen nog eens 8 makaken positief. Ook deze dieren worden gedood en 7 blijken na necropsies eveneens geïnfecteerd met Mycobacterium orygis. Tot 30 mei blijven er positieve testresultaten binnenkomen. In totaal testen 32 apen positief via TST. Bij 26 makaken blijkt ook uit de celkweek dat ze positief zijn voor MBTC, tuberculose dus. Al deze dieren werden gedood.

De apen zijn in Vietnam besmet

De onderzoekers trekken de conclusie dat de hele groep geïnfecteerd is vanuit een gemeenschappelijk menselijke of dierlijke bron in het land van oorsprong, Vietnam, omdat dieren in verschillende quarantaine afdelingen besmet bleken en de geïsoleerde ziekteverwekkers genetisch nauw verwant zijn. Daarnaast komt Mycobacterium orygis vooral in Zuid Azië voor, in mensen en vooral hoefdieren.

Is er een verschil in aanpak tussen de Amerikaanse CDC en de NVWA?

De Amerikaanse CDC verplicht alle medewerkers die in besmette ruimtes hebben gewerkt tot regelmatige tuberculose tests, informeert de luchtvaartmaatschappij die de apen vervoerde en het luchthavenpersoneel van het vliegveld waar het toestel met de apen landde.

De importeur moet ook zijn klanten informeren omdat tuberculose een lange incubatie tijd heeft, TSTs regelmatig vals-negatieve (en vals-positieve) resultaten voortbrengen en de ziekte bij apen asymptotisch kan zijn.

In juli 2023 stuurde de CDC een veterinaire gezondheidswaarschuwing uit naar relevante organisaties.

In Nederland kozen de NVWA en de ministeries van LNV en VWS ervoor om geen ruchtbaarheid aan de uitbraak te geven. Onbegrijpelijk vindt Animal Rights. Animal Rights is benieuwd welke maatregelen en screening er in Tilburg hebben plaatsgevonden na de uitbraak aldaar en of de luchthaven van Maastricht is gewaarschuwd en de vliegmaatschappij.

Lees ook:

Ook tbc bij apenhandelaar Hartelust

De Tilburgse apenhandelaar Hartelust koopt apen bij een andere Vietnamese fokker: Vina Mekong Group uit Thanh Hiep hamlet. Tuberculose besmettingen zijn dus niet beperkt tot een fokker of regio. Er zijn ook onbevestigde berichten over tuberculose uitbraken onder apen in Mauritius, een voormalige leverancier van Hartelust.

In mei 2023 worden in Spanje op 40 apen, geleverd door Hartelust en afkomstig uit twee verschillende studies, necropsies uitgevoerd. Alle apen hadden in quarantaine een tuberculine skin test (TST) ondergaan en testten negatief. Vijf van hen (12%) bleken toch tuberculosis te hebben, zo bleek uit de necropsies.

Hieruit blijkt dat de standaard tuberculose test regelmatig vals-negatieve resultaten oplevert en daarmee onbetrouwbaar is. Wat houdt dit in voor het gevaar voor de volksgezondheid dat de doorvoer van proefapen in Nederland betekent?

Animal Rights is van mening dat alle apenimporten stil gelegd moeten worden.

Bron: CDC. 2024. Outbreak of Mycobacterium orygis in a Shipment of Cynomolgus Macaques Imported from Southeast Asia

Wacht eendenslachter Tomassen een nieuwe last onder dwangsom voor problemen in het slachtproces?

Uit een recent gepubliceerd informatieverzoek in het kader van de Wet open overheid (Woo) blijkt dat de Nederlandse voedsel- en waren autoriteit (NVWA) haar voornemen van 10 mei 2023 tot het opleggen van een last onder dwangsom (LOD) aan eendenslachter Tomassen Duck-To op 18 juli 2023 heeft doorgezet. De LOD wordt opgelegd omdat in het eendenslachthuis het tijdsinterval tussen het bedwelmen van eenden in het elektrisch waterbad en het doden van eenden door verbloeding te lang is.

Het lijkt er op dat de NVWA ook een ander steeds terugkerend ‘mankement’ in het slachtproces gaat aanpakken. Het gaat dan om het steeds weer falende automatische mes dat de eenden de keel moet doorsnijden zodat ze leegbloeden.

Lees ook: OPNIEUW LAST ONDER DWANGSOM VOOR EENDENSLACHTER TOMASSEN

Eenden worden aan de poten opgehangen aan de slachtlijn. Deze voert hen naar het elektrisch waterbad, waarin eenden verdoofd worden via een elektrische schok. Na het waterbad dient vervolgens de keel te worden doorgesneden door een automatisch mes. Als een eend dit mes mist of het automatische mes niet functioneert, moet de nasnijder – een man met een mes – de kelen handmatig doorsnijden. Als het automatisch mes te vaak faalt, is de kans dat de nasnijder een eend mist, of het het slachtproces eenvoudigweg niet kan bijhouden aanwezig.

Op zowel 19 juni als 3 juli 2023 meldt de NVWA-inspecteur van dienst op het inspectieformulier dat voor het niet doorsnijden/aansnijden van beide slagaders reeds een Rapport van Bevindingen – een soort bestuurlijk proces verbaal dat NVWA-inspecteurs opstellen bij grove misstanden – in behandeling is. Dit zou de opmaat kunnen zijn naar een nieuwe LOD.

Navraag bij de NVWA bevestigt dit vermoeden: “Er is geen rapport van bevindingen opgesteld maar wel een LOD traject in gang gezet.” Het Team Bestuurlijke maatregelen (TBM) van de NVWA zal echter een Rapport van Bevindingen nodig hebben om een bestuurlijke boete en/of een last onder dwangsom te kunnen opleggen.

De slachtlijn beweegt als een lopende band onverbiddelijk verder. Als eenden niet, of niet goed, worden aangesneden, verdwijnen ze verdoofd, maar nog levend in het hete broeibad, dat bedoeld is om de veren los te weken. Vervolgens verdrinken ze. Door de al bestaande misstand van de te lange stun-to-stick tijd wordt de kans op het bij bewustzijn komen van de eenden nog eens extra vergroot. Hoe dan ook een verschrikkelijke dood. Deze eenden zijn te herkennen aan de rode kleur van het karkas; het zit nog vol met bloed.

Dat deze nieuwe LOD spoedig opgelegd zal worden, staat nu vrijwel vast. En dat is volgens Animal Rights ook de hoogste tijd. De dierenrechtenorganisatie stelde aan de hand van de NVWA-inspectierapporten een lange lijst op van inbreuken op dit vlak:

2023
4 januari: automatisch mes mist te veel eenden.
8 februari: meer dan 10% van de eenden is niet correct aangesneden (minder dan 4 bloedvaten opengesneden). De instelling van de automatische mes en de controle daarop is onvoldoende.
24 april: halsslagaders of toevoerende vaten worden niet goed aangesneden.
26 april: halsslagaders of toevoerende vaten worden niet goed aangesneden.
19 juni: halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden.
3 juli: halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden.

2022
12 januari: ”Nasnijder mist eend. Deze is vervolgens goed gekeurd door bankeurder. Karkas alsnog afgekeurd.”
24 januari: ”Nasnijder door bedrijf op aangesproken aan de hand van niet aangesneden eenden (is geen welzijnsissue).”
23 juni: ”Niet aangesneden eenden (niet verbloed) op keurbordes afwaarderen, niet in bak met te kleine eendjes deponeren.”
20 juli: ”snijden en verbloeden worden niet correct toegepast. halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden. Eend was afgekeurd.”
18 augustus: ”snijden en verbloeden worden niet correct toegepast. halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden. Chef AV geprobeerd halssnijder beter af te stellen. Niet gelukt, 17 Niet of slecht verbloede eenden. Morgen wordt apparaat veranderd.”
26 augustus: ”3 niet verbloede eenden gezien over gehele dag.”
8 september: ”snijden en verbloeden worden niet correct toegepast. halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden. Medewerker heeft geprobeerd machine af te stellen.”
9 september: ”snijden en verbloeden worden niet correct toegepast. halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden. Afstelling machine is niet meer verder te optimaliseren dus nasnijder probeert alles nogmaals te snijden.”
26 september: ”snijden en verbloeden worden niet correct toegepast. halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden. Omstreeks 11:35 meerdere eenden handmatig na de aansnijder gesneden . Bedrijfsleider laten weten en gevraagd om de aansnijder te controleren.”
28 september: ”snijden en verbloeden worden niet correct toegepast. halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden. Bedrijfsleider gewaarschuwd dat de automatische mes te veel fouten maakt. Automatische mes continu monitoren, risico van te veel werk voor de nasnijder. Bij waterbadbedwelming moeten alle bloedvaten worden opengesneden per dier.”
30 september: ”snijden en verbloeden worden niet correct toegepast. halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden. 12% van eenden wordt niet door automatisch mes gesneden. De nasnijder snijdt de gemiste dieren goed, maar tussen verdoving en snijden zit 30 seconden. Machine is niet anders af te stellen en nasnijder doet het goed.”
7 oktober: ”snijden en verbloeden worden niet correct toegepast. halsslagaders / toevoerende vaten worden niet (allebei) goed aangesneden. automatisch mes snijdt in 15% niet de halsslagaders. Nasnijder doet zijn werk goed, maar die eenden worden pas na 34-40 seconden gesneden. automatisch mes niet kunnen verbeteren, bij tweede koppel grote eenden, beter afgesteld.”
15 november: ”beide halsslagaders worden niet altijd aangesneden.”

Er werd hiervoor in 2022 geen enkel Rapport van Bevindingen opgemaakt. De NVWA-inspecteurs accepteerden dat het slachthuis niet in staat is de problemen in het slachtproces te verhelpen en traden hier niet tegen op. De misstanden duren zo jaar na jaar voort met de eenden als slachtoffer.

De dierenrechtenorganisatie is dan ook voorzichtig tevreden dat er eindelijk actie ondernomen lijkt te worden. Er is echter nog veel meer te doen voor de NVWA.
Animal Rights rapporteert al jaren over de vele, steeds terugkerende, misstanden in het eendenslachthuis. Deze zouden stuk voor stuk voor boetes en een LOD in aanmerking komen. Ook in de inspectierapporten van 1 juni tot 31 juli 2023 is weer sprake van hittestress bij aangevoerde eenden, loslopende eenden in het slachthuis, en ‘rugliggers’ – eenden die bij het vangen en laden op hun rug terecht komen, niet zelf overeind kunnen en door het slachthuis personeel niet opgemerkt worden.

Als de NVWA deze zaken niet zelf oppakt zal Animal Rights dat via handhavingsverzoeken trachten af te dwingen.

Ziekte, hittestress, massale sterfte en onnoemelijk lijden op Nederlandse eendenhouderijen

In november 2021, vroeg Animal Rights via de Wet open overheid (Woo) de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) informatie openbaar te maken over alle in Nederland gevestigde eendenhouderijen voor de periode vanaf 1 september 2017. De NVWA deed er een jaar over om de 90 inspectie documenten bij elkaar te zoeken.
Tussen november 2021 en juni 2023 vonden helemaal geen inspecties meer plaats.

Wat onmiddellijk opvalt is dat er weinig reguliere controles plaatsvinden op het gebied van dierenwelzijn.

Ruim eenderde van alle documenten bestaat uit inspecties met betrekking tot genomen maatregelen ter preventie van vogelgriep en gaan dan over strooisel, bezoekers, afscheidingen, etc., maar zeker niet over eendenwelzijn.

Een kwart van de pagina’s betreffen de zogenaamde ‘1% selectie cross compliance’, en gaan over de randvoorwaarden waaraan landbouwers moeten voldoen om voor EU steunverlening in aanmerking te komen. Elk jaar moet de overheid ten minste één procent van alle landbouwers die een premie aanvragen controleren op alle randvoorwaarden. Daar zitten dus ook eendenhouders bij, maar over dierenwelzijn gaat het zeker niet.

Administratief geknoei

Daarnaast worden bedrijven bezocht als op het eendenslachthuis blijkt dat administratieve verplichtingen niet op orde zijn. De NVWA voert een VKI-inspectie (VKI = voedselketeninformatie) uit als de toezichthoudende dierenarts op het slachthuis twijfelt over de juistheid en volledigheid van de informatie die de veehouder op het VKI-formulier heeft vermeld. Een voorbeeld: “De houder was onvoldoende op de hoogte over het juist invullen van de mortaliteit op het VKI. Door een misverstand heeft hij niet op de juiste wijze maar vermoedelijk wel waarheidsgetrouw gemeld. Daarnaast verkeert hij in persoonlijke omstandigheden waardoor hij onder druk staat. De houder is uitleg gegeven over de juiste wijze van registratie van de mortaliteit op de VKI en juiste wijze van melden verplaatsingen in Avined (inclusief de mogelijkheid tot interne verplaatsingen).”

“De eendenhouderijen kunnen dierenwelzijn niet waarborgen, vooral met betrekking tot de noodzaak om normaal gedrag te vertonen, zoals zwemmen, toegang tot buitenlucht, natuurlijke groepssamenstellingen, tot bloei komen, etcetera.”

Susan Hartland, directeur Animal Rights

Er doen zich nog veel meer administratieve missers voor:
De verplaatsingen van koppels eenden worden niet binnen de wettelijk gestelde termijn van vijf werkdagen gemeld.
Of de afvoer van eenden wordt helemaal niet gemeld, terwijl de broederij wel aanvoer meldt.
Diergeneesmiddelen worden niet binnen 14 dagen gemeld in de database.
Fosfaatgebruiksnormen worden overschreden.
Het niet op voorgeschreven wijze laten bemonsteren en analyseren van 2 percelen grond door het laboratorium, levert een boete op in het kader van de mestwetgeving.

Ook hier gaat het zelden direct over dierenwelzijn.

Animal Rights undercover beelden

In 2018 hebben diverse controles plaatsgevonden naar aanleiding van de op 5 juni dat jaar gepubliceerde Animal Rights undercoverbeelden van het vangen van eenden, direct en indirect. Hierover hebben we reeds gepubliceerd. Undercoveronderzoek stuurt hier dus de inspecties en handhaving.

Vangletsel

We weten allemaal dat er niemand door het rood rijdt als er een agent naast het stoplicht staat. Zo gaat het ook als de NVWA aanwezig is bij het vangen van eenden. Toch blijven er “aandachtspunten”. Zoals op 26 november 2018: “Kleine dieren/achterblijvers werden apart in een kleine vangkooi naast de roldeur opgevangen. Pluimveehouder gaf aan, dat een deel geselecteerd en gedood en de rest wordt verder afgemest. Pluimveehouder is er op aangesproken op te letten dat niet te veel dieren in de vangkooi te gelijke tijd zijn. Omdat anders het gevaar bestond dat dieren zich in hoeken drukken en over elkaar heen lopen.”
In alle uitingen van de eendenhouders én NVWA-werknemers komt deze kille zakelijkheid met betrekking tot het vermoorden van levende, voelende wezens naar voren. De kreet “boeren houden van dieren”, is klinklare onzin!

“Geen enkele welzijnsnorm of inspectieregime kan voorkomen dat welzijnsproblemen zich regelmatig voordoen op eendenhouderijen. Animal rights zal dan ook niet rusten, totdat de eendenindustrie uit Nederland is verdwenen.”

Susan Hartland, directeur Animal Rights

Controles worden verder alleen uitgevoerd als er meldingen van “afwijkingen” uit het slachthuis komen. Het slachthuis heeft hierbij als belang dat het de boer een lagere prijs kan geven voor ‘inferieure’ eenden.

In april 2019 bijvoorbeeld gaat de NVWA bij een eendenboer langs na “afwijkende bevindingen inzake overbelading, vangletsel en DOA op slachthuis.” De veeboer wijt het aan de onervaren vangploeg, maar kan zich “niet voorstellen dat het in deze mate is geweest. Was er zelf bij aanwezig met opdrijven en als ik wat had gezien had ik zeker ingegrepen.” Het bagatelliseren van misstanden is ook een steeds terugkerend fenomeen.

Voetzoollaesies I

Op 12 juli 2018 vindt er op het eendenslachthuis en een opfok/vermeerderingsbedrijf van Tomassen een inspectie plaats die gaat over voetzoollaesies (VZL) – ontstekingen van de huid van de voetzool van pluimvee. Bij het slachthuis beweert men zonder onderbouwing: “Volgens ons zijn de voetzoollaesies geen welzijnsprobleem.”

Volgens de inspecteur hebben zij gezien dat voetzoollaesies al op jonge leeftijd aanwezig zijn. Bij alle leeftijdsgroepen waren de voetzolen aangetast. Er was een duidelijk effect van leeftijd te zien. Hoe ouder de eenden, hoe meer aantasting. “Ook bij de 1 week oude eenden zagen we al zeer lichte aantastingen.”

Bij Tomassen zegt men dat de fokkerij organisaties de voetzolen niet als prioriteit hebben: “Het overgrote deel van de eenden wordt bij de fokkerij organisatie [Cherry Valley] namelijk geproduceerd voor andere landen, waar VZL of dierenwelzijn nauwelijks tot niet van belang zijn. Dus indien we genetisch gezien willen sleutelen dan wordt dat erg lastig.”

De NVWA-inspecteur vraagt zijn meerderen wat te doen, maar wil zeker niet “sanctionerend optreden”. Een antwoord op die vraag zit niet bij de documenten.

Vangen aan de nek

Op 8 december 2018, bezoekt een toezichthoudend dierenarts van de NVWA vergezeld door een NVWA-inspecteur ook het eendenslachthuis. De dierenarts stelt een veterinair rapport op:

“Ik heb van ongeveer 100 – 120 verdoofde eenden de distale nek, net achter de kop gepalpeerd en onderzocht op crepitus. Dit is het deel van de nek waar ik kneuzingen en/of fracturen zou verwachten als gevolg van ruw handelen/vangen, maar het is precies het deel waar na het verdoven de neksnede wordt gemaakt. Het is dus vrijwel onmogelijk hier kneuzingsletsel vast te stellen […] Op deze locatie (tussen verdoven en aansnijden) wordt door de slachterij/NVWA niet op vangschade gecontroleerd.”

Het lijkt Animal Rights overduidelijk dat een dier aan de nek optillen sowieso tot stress leidt en waarschijnlijk ook verwondingen.

Voetzoollaesies II

Er wordt ook weer gekeken naar de voetzoollaesies: “Het overgrote deel van de pootjes (80 tot 90%) vertoonden verandering.” De conclusie is opnieuw ontwijkend: “Het is naar mijn mening zonder aanvullend wetenschappelijk onderzoek niet mogelijk te zeggen in hoeverre de afwijkingen aan de poten bij slachteenden tot een leeftijd van zes tot zeven weken een welzijnsaantasting zijn.”

“Het bedrijf is van mening dat de veranderingen aan de voetzolen van de slachteendjes geen aantasting van het welzijn veroorzaken. Zij zien geen kreupelen of pijnuitingen op de primaire bedrijven.” Vreemd, want Animal Rights filmt al kreupelheid en pijn in eendenschuren sinds 2016.

Ziekte en hoge sterfte

Op 26 augustus 2019 meldt de NVWA-dierenarts op de slachterij dat er bij een eendenhouder een veel hoger ‘uitval’ is, gebaseerd op het aantal aangevoerde dieren vergeleken met de ‘uitval’ op het VKI-formulier. De uitval op het VKI was 6.5%, uiteindelijk was er 24% uitval!

Uit de opmerkingen van de geïnspecteerde boer valt goed op te maken met welke mentaliteit dit volk werkt: “Op donderdag 22/8/2019 heb ik het VKI ingevuld voor de eenden die geslacht zouden worden op maandag 26 aug. Mijn broer kwam uit de stal en gaf aan dat er aanzienlijk uitval was, ik heb het toen nog aangepast naar 6,5%. Dierenarts is erbij gehaald, hij vermoedde Riemerella. De volgende dag met NVWA-dierenarts, eigen dierenarts en GD monsters genomen om AI uit te sluiten. De 24-ste bleek het gelukkig geen AI te zijn. Het uitval liep op. We haalden per keer wel 200 dode eenden uit de stal. Ze vielen om waar je bij stond. Ze zijn 26 aug. geslacht. Uiteindelijk was het uitval meer dan 20%, veel afkeur bij de slachterij, alle eenden zijn afgewaardeerd naar lagere klasse. We hadden graag op vrijdag willen slachten, maar dan slachten ze niet.”
Met andere woorden: Het is gelukkig geen vogelgriep dus de overlevenden mogen naar het slachthuis, maar ik had liever een paar dagen eerder geslacht dan had ik meer dieren levend bij het slachthuis gekregen en dus meer profijt gehad.

Riemerella anatipestifer is een bacteriële infectie. De symptomen omvatten diarree, koorts, anorexia, groeiachterstand, ademhalingssymptomen (bijv. hoesten), neurologische afwijkingen (bijv. convulsies) en oculaire symptomen, bij veel vogels snel gevolgd door de dood.

Dezelfde mentaliteit heerst ook bij de dierenartsen die in de vee-industrie werkzaam zijn. De eigen dierenarts verklaard: ”Huidig koppel vleeseenden vertoont verhoogde uitval (>7%) tgv acute uitbraak Riemerella. […] Ai-negatief. Het bedrijf is weer vrijgegeven en mogen de dieren maandag 26-08-2019 weer voor de slacht aangeboden worden.”
Geen woord over het behandelen van de dieren, pijnverlichting, euthanasie… niets!

Uiteindelijk worden 3250 dieren aangevoerd op het slachthuis Tomassen Duck-To. 27 daarvan komen dood aan, 434 eenden (13,47%) worden post mortem (PM) afgekeurd als te ziek voor humane consumptie.
De verklaring van de eigen dierenarts is van 24 augustus en zegt >7% uitval; toch vult de veeboer 2 dagen later 6,5% in. Er zijn volgens de VKI 4300 eenden opgezet in de stal en ‘maar’ 3250 eenden afgeleverd bij het slachthuis, een verschil van 1050 eenden. Dat is een uitval van 24,4%. De eendenboer fraudeert dus.
Bijna een kwart van de eenden crepeerden in de stal, 27 sterven tijdens het transport en nog eens 434 eenden zijn te ziek om te verkopen.
De inspecteur in het slachthuis vraagt zich af: “Is die 15 tot 17 % meer dode dieren een welzijn falen of is dit inherent aan de ziekte Riemerella uitbraak?”

Op 12 december 2018 bleek ook een ander bedrijf Riemerella-problemen te hebben: “Op de hokkaarten is te zien dat het uitvalspercentage soms meer dan 3% per week is. Hiervoor was een verklaring van de dierenarts aanwezig dat het uitval en selectie betrof a.g.v. riemerella. Verhoogde uitval bestond volgens de houders voor het grootste gedeelte uit selectie van achterblijvers. Na overleg met NVIC [NVWA Incident en Crisiscentrum] besloten deze controle als akkoord af te doen, omdat het ‘uitval’ met name selectie van achterblijvers betrof en geen sterfte zoals bedoeld in art. 84 lid 1 van de Regeling preventie, ook was al bekend welke ziekte het betrof.” Zo werkt dat.

Weigeren zieke dieren te behandelen

Op 8 juni 2018 vindt een inspectie plaats nadat op vrijdag 1 juni vleeseenden zijn geslacht met een afkeurpercentage van 18%! De dieren waren ziek van een Colibacillose besmetting (ziekte door E.coli-infectie). Er was al hoge sterfte in de stallen. Het blijkt dat een dierenarts de eenden voor afvoer nog heeft voorgeselecteerd; het afkeur percentage zou anders dus nog hoger zijn geweest. De dieren werden niet behandeld met antibiotica, omdat de houder de wachttermijn van 28 dagen (voordat de dieren geslacht mogen worden na antibioticagebruik) niet wilde aanvaarden. De NVWA vindt het allemaal prima en tekent voor ‘akkoord’.

Dit lijkt de gangbare praktijk te zijn. Zie januari 2021: “Dit waren eendenkuikens van jonge moederdieren, ik heb de hele ronde meer uitval gehad dan normaal. Ik kon hier met evt. medicijnen niets aan doen het betrof vooral selectie. Ook op het laatst liep de uitval nog wat op maar de slachtdatum stond al vast dus ook geen medicijnen vooral ook weer selectie. Ik heb dit niet ingevuld op het VKI omdat ik geen medicijnen heb gebruikt.”
Ook hier weigert de eendenhouder zieke dieren te behandelen omdat hij de geplande slachtdatum wil halen. En de NVWA-inspecteur tekent voor akkoord.

Colibacillose uit zich bij jonge dieren vaak in een acute, algehele infectie, waardoor het dier in korte tijd erg ziek wordt en uiteindelijk kan overlijden. Dieren die de acute fase overleven hebben vaak restverschijnselen als gevolg van ontstekingsprocessen in het lichaam, onder andere in de luchtzakken (wat zich uit door bemoeilijkte ademhaling) en het buikvlies. Door de ontsteking van het buikvlies kunnen verklevingen optreden, die het dier in de rest van zijn leven kunnen hinderen in het normale functioneren. Bij vrouwtjes kan ook het legapparaat (eierstokken, eileiders en baarmoeder) aangetast worden door de bacterie.

Eenden creperen door hittestress

Op 25 juli 2019 komen 1.200 van de 10.800 eenden – aan “het einde van mijn ronde,” aldus de veeboer – om vanwege de hitte in de stallen. De eendenhouder: “Met extra ventilatoren heb ik extra luchtbeweging in de stal proberen te krijgen. Daarnaast het ik het dak besproeid met water. Het was zo extreem dat ik uitval heb gehad.” Ja, maar liefst 11% van de dieren crepeerden.

De reactie van de NVWA-Inspecteur: “Een natuurlijk geventileerde stal is niet optimaal in deze situaties.” Er wordt verder niets mee gedaan. Mei 2019 krijgt een andere eendenboer wel een aanmerking omdat er geen noodsysteem aanwezig is voor als de ventilatie in de eendenstallen uitvalt. Als je, echter, helemaal geen ventilatie systeem hebt (“natuurlijke ventilatie”) – is er niets aan de hand voor de NVWA.

Op een andere lokatie komen op diezelfde 25 juli ook veel eenden – “6 weken oud, rond de 3kg, slachtrijp” – om. De veeboer: “Uit voorzorg, op advies van onze dierenarts hebben we de eenden vanaf ongeveer 10.00uur geen voer gegeven tot einde van de middag zodat ze het niet nog warmer zouden krijgen. We hebben als extra maatregelen ten tijde van de hitte het dak gekoeld met water, de grote deuren open gezet met ventilatoren ervoor en verneveling hiervoor gezet. Alleen werkte dit averechts, de eenden zijn bovenop elkaar gaan zitten en kwamen in de verdrukking, dit zorgde voor de zeer hoge uitval. Samen met mijn vrouw en 3 kinderen hebben we de eenden steeds terug in de stal gezet, maar ze liepen gelijk weer naar de ventilator. Ik heb gebeld met mijn dierenarts die zei dat ik alles al had gedaan wat ik kon doen. […] Ik heb er zelfs over gedacht om de eenden naar buiten te jagen, maar daar lopen ze in de volle zon in 40C, kunnen ze weg en zelfs vogelgriep oplopen.”
De inspecteur van de NVWA gaat niet eens kijken: “Melding hoge uitval door hittestress bij vleeseenden. Telefonisch opgepakt aangezien de eenden al geslacht zijn en de reden van uitval bekend is.”

Dat blijkt geen uitzondering te zijn. Ook een dag later creperen eenden van de hitte op weer een ander bedrijf. Opmerking inspecteur: “telefonisch contact gehad met mevrouw.” Op het bedrijf zijn de waterlijnen uitgevallen, “alarm heeft niet gewerkt, was wel regelmatig getest. De hitte heeft de uitval nog hoger opgedreven. […] zijn nu druk doende om de dode dieren eruit te halen en de overgebleven dieren te redden.”

De NVWA ziet dit blijkbaar allemaal als overmacht in plaats van als bewijs van een ondeugdelijk houderijsysteem.

Levende eenden bij de kadavers

Op 26 november 2018, wordt tijdens een controle van het vangen van eenden “1 levend eend in kadaverton tussen meerdere andere eendenkadavers” aangetroffen. Ook hier is de reactie van de veeboer veelzeggend: “Ik dacht dat de eend dood was. De kadaverton stond nog niet aan de weg om geleegd te worden van Rendac. Had ik later gezien dat de eend toch nog leefde had ik ze alsnog dood gemaakt.” Er werd proces-verbaal opgemaakt. Of dat tot een boete heeft geleid is onbekend.

Ook Rendac komt levende eenden tegen in de kadavertonnen: “Op 14 februari 2020 omstreeks 12:12 uur is door […] een aantal levende eenden in een aangeboden kadaverton aangetroffen, waarbij bij deze eenden pijn is veroorzaakt dan wel het welzijn is benadeeld zonder dat hiervoor een redelijk doel was.” De oorspronkelijke melding is die van een chauffeur van Rendac: “Bij het ophalen van de kadaver tonnen 4 a 5 nog levende dieren aangetroffen.” Er volgt een schriftelijke waarschuwing. De veeboer: “Ik vind dit heel vervelend. Bij het afleveren van de eenden zijn er altijd een aantal die niet geschikt zijn voor de slacht, deze worden volgens de regels gedood en in de ton gedaan. We schrokken dan ook heel erg toen Rendac belde dat er nog levende dieren in de ton zaten. Dit was ons nog niet eerder overkomen en dit hoort ook niet. Ik zal in het vervolg nog beter controleren of de doding goed heeft plaats gevonden.”

Illegaal eendenslachthuis

Op 24 juni 2019 blijkt tijdens een inspectie dat een onderneming “meer dan 250 stuks ‘vleeseenden’” hield zonder zich als pluimveehouder te hebben gemeld. Daarnaast exploiteerde het bedrijf een niet-geregistreerde broederij en slachthuis! Het spreekt voor zich dat dus ook de verplaatsingen van de vleeseenden niet werden gemeld. De NVWA geeft een schriftelijke waarschuwing…

Animal Rights

De afgelopen 6 jaar, dus tenminste sinds 2017, hebben er geen structurele inspecties plaatsgevonden op eendenhouderijen. Aansluitend op het Wob-verzoek om informatie van 2017-2021, waar de NVWA een jaar deed over de verstrekking, vroeg Animal Rights ook om recentere inspectierapporten, namelijk van 4 november 2021 tot 3 oktober 2022. De NVWA beslist hier 10 februari 2023 op. In een jaar tijd bleek slechts één document opgesteld te zijn. Dit betreft een proces-verbaal van bevindingen dat “deel uit van een strafdossier dat ter terechtzitting is aangebracht” en de NVWA daarom niet openbaar wil maken. Ook in 2022 hebben dus geen inspecties plaatsgevonden op eendenhouderijen. Tussen november 2021 en februari 2023 – Animal Rights meest recente informatie verzoek – vonden helemaal geen inspecties meer plaats. De NVWA bevestigt vervolgens per email dat er tot juni nog steeds geen nieuwe inspecties hebben plaatsgevonden.

Omdat er alleen inspecties worden uitgevoerd na in het slachthuis geconstateerde misstanden en er geen structurele controles plaats vinden, lijkt het Animal Rights aannemelijk dat het dierenleed op eendenhouderijen nog vele malen groter is dan uit deze rapporten al blijkt. Animal Rights eist dat de NVWA structureel gaat controleren. Dit is niet alleen een sector waarin undercoverbeelden al veel dierenmishandelingen aan het licht hebben gebracht, maar ook een dat in handen is van één ketenregisseur, Tomassen Duck-To BV, die aantoonbaar, keer op keer, illegaal handelt.

“De eendenhouderijen kunnen dierenwelzijn niet waarborgen, vooral met betrekking tot de noodzaak om natuurlijk gedrag te vertonen, zoals zwemmen, toegang tot buitenlucht, natuurlijke groepssamenstellingen, tot bloei komen, etc.,” zegt Animal Rights directeur Susan Hartland. “Geen enkele welzijnsnorm of inspectieregime kan voorkomen dat welzijnsproblemen zich regelmatig voordoen op eendenhouderijen. Animal rights zal dan ook niet rusten, totdat de eendenindustrie uit Nederland is verdwenen.”

Update – Er vinden nog altijd nauwelijks inspecties plaats op eendenbedrijven

In 2023 zijn in totaal 8 dierenwelzijnsinspecties uitgevoerd bij primaire bedrijven met eenden. Van de 8 inspecties die in 2023 hebben plaatsgevonden, waren 2 inspecties gebaseerd op meldingen en vonden 6 inspecties plaats op basis van een handhavingsverzoek. Dit naar aanleiding van de Animal Rights undercoverbeelden uit 2018 en het bezwaar tegen de oorspronkelijke weigering om dit te beboeten.

Op het onderwerp dierenwelzijn hebben er twee inspectie plaatsgevonden in de eendenhouderij in 2024.

In 2025 en het eerste kwartaal van 2026 zijn er geen inspecties uitgevoerd bij eendenhouderijen in het kader van welzijn op het primaire bedrijf. Er zijn in 2025/26 wel 12 inspecties uitgevoerd bij eendenhouderijen in het kader van vangen en laden van eenden. Dit naar aanleiding van de Animal Rights (drone) vangbeelden.