Op 27 februari 2025 diende Animal Rights haar reactie in op het procesdossier/beroepschrift in de zaak van het voorgenomen besluit van de gemeente Halderberge tot weigering van een vergunning aan Hoeven Exploitatie BV na een onderzoek in het kader van de Wet Bibob.
De Wet Bibob (Bevordering integriteitsbeoordeling door het openbaar bestuur) geeft gemeenten en andere bestuursorganen de mogelijkheid onderzoek te doen naar de integriteit van de aanvrager van een vergunning, subsidie, of van inschrijvers bij een aanbesteding.
Hoeven Exploitatie BV is een varkensfabriek van de ‘beruchte varkensbaron’ Adriaan Straathof, voortgezet onder een andere naam met een stroman aan het roer.
De inhoud van het advies van het Landelijk Bureau Bibob wordt geheim gehouden, maar uit het verweer van de gemeente in de beroepszaak valt op te maken dat door Sebava B.V., de rechtsvoorganger van Hoeven Exploitatie, meerdere strafbare feiten zijn gepleegd wegens handelen in strijd met de Meststoffenwet, het Varkensbesluit, de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, de Regeling varkenssperma en de Wet milieubeheer. Ook bestaat een ernstig vermoeden dat Sebava betrokken is geweest bij handelen in strijd met de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de wet die de omgevingsvergunning regelt. Ter zake van Sebava B.V. is onder meer sprake van drie onherroepelijke strafbeschikkingen gepleegd In 2015, 2016 en 2018 voor in totaal vijf strafbare feiten.
Lees ook: OOK DE VARKENSFABRIEK VAN STRAATHOF IN HOEVEN MOET WEG
De verdediging
Op alle overgebleven locaties van het Straathof varkensimperium waar provincie, gemeente en/of Animal Rights aanvoeren dat de vigerende of aangevraagde vergunningen gebruikt zullen worden voor criminele activiteiten, komt de verdediging met drie punten:
Straathof heeft niets meer te zeggen binnen het bedrijf;
Er is een duidelijke ‘knip’ geweest in augustus 2020, waar Maarten Verdoorn de bedrijfsvoering overnam van Adriaan Straathof en de misstanden dateren van voor die datum;
En het weigeren en intrekken van vergunningen is onevenredig.
Adriaan Straathof heeft nog steeds zeggenschap binnen het bedrijf
Met betrekking tot de betrokkenheid van Adriaan Straathof geldt in grote lijnen dat hij eigenaar is van de grond en de gebouwen. Dat moet de verdediging ook in de zaak Hoeven toegeven:
”Juist is, zoals In het Bibob-advies staat, dat A. Straathof uiteindelijk via een tweetal andere vennootschappen nog steeds middellijk formele zeggenschap heeft, …”
En: ”Erkend wordt dat er nog altijd sprake is van een formele concernrelatie, …”
Ook in de zaak Creil oordeelde de rechter aldus:
”Gezien de structuur van het concern en de financiële betrokkenheid van Straathof bij de exploitatie van de varkenshouderij van eiseres sub 1, volgt de rechtbank het college in zijn standpunt dat Straathof zeggenschap heeft over eiseres sub 1 en tot haar in een zakelijk samenwerkingsverband staat.”
Ook misstanden na de ‘knip’
De verdediging beweert dat er ”na de ingrijpende wijzigingen van de bedrijfsvoering per 28 augustus 2020 op de bewuste locatie door de bewuste exploitant geen overtredingen meer hebben plaats gevonden.”
En: “er is niets dat dateert van na 28 augustus 2020.”
Dat klopt niet.
Animal Rights heeft eerder al aangetoond dat de misstanden, ook na de ‘knip’, op de locatie Lierop, waar ook Verdoorn de scepter zwaait, zo groot waren dat het bedrijf moest worden ‘leeg gedraaid’.
Lees: ANIMAL RIGHTS VERZOEKT OM INTREKKING VERGUNNING STRAATHOF VARKENSFABRIEK IN LIEROP
Het verweer ”dat hetgeen hier is gepleegd niet is gepleegd door Hoeven Exploitatie BV” werd al door de rechter in de zaak Creil onderuit gehaald:
”Niet is vereist dat de strafbare feiten moeten zijn begaan bij dezelfde inrichting om deze te mogen betrekken bij het vaststellen van de mate van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de Wet bibob. Het college heeft daarom ook de overtredingen van andere locaties bij de beoordeling van het gevaar mogen betrekken en die overtredingen ook aan eiseres sub 1 kunnen tegenwerpen op grond van artikel 3, vierde lid, aanhef en onder c, van de Wet bibob.”
Maar ook in Hoeven zelf zijn er diverse misstanden geconstateerd sinds 2020.
Op 14 februari 2022 wordt aan het bedrijf een last onder dwangsom opgelegd vanwege het niet tijdig melden van ongewone voorvallen. De meest recente aanleiding hiertoe betrof de controle op 18 oktober 2021 waarbij uit de analyse van de aangeleverde gegevens van de binnen de inrichting aanwezige luchtwasser ten behoeve van stal 2 is gebleken dat de pH van het waswater vanaf 1 oktober 2021 schommelt rond een waarde van 8. Deze waarde is te hoog en er dienen maatregelen getroffen te worden om de pH te verlagen.
Op 1 juni 2023 volgt een nieuw voornemen tot het opleggen van 8 lasten onder dwangsom. Dit naar aanleiding van een ‘integrale milieucontrole’ uitgevoerd op 5 december 2022 gevolgd door administratieve controles uitgevoerd op 12 december 2022, 4 januari 2023 en 31 januari 2023.
Er loopt sinds 18 december 2019 een procedure voor een nieuwe omgevingsvergunning voor het veranderen van de inrichting. Vooruitlopend op de nog te vergunnen aanvraag omgevingsvergunning, zijn er intern al wijzigingen doorgevoerd. Er worden geen vleesvarkens meer gehouden, maar er worden meer zeugen en gespeende biggen gehouden. In de stallen zijn hiervoor de benodigde veranderingen doorgevoerd aan de hokindelingen, maar de aangevraagde emissiearme stalsystemen (luchtwassers) zijn niet gerealiseerd. Hierdoor wordt er in meerdere stallen niet voldaan aan het Besluit emissiearme huisvesting.
Vanwege de interne verbouwingen en het houden van andere dieren in de stallen dan vergund, voldoet de feitelijke bedrijfsvoering niet aan de maximale emissie-eisen (ook niet met interne salderen).
De voorgenomen dwangsommen gaan over de volgende overtredingen:
Het veranderen van een inrichting of de werking daarvan zonder een daartoe noodzakelijke omgevingsvergunning.
Het niet voldoen van de feitelijke bedrijfsvoering aan de maximale emissie-eisen.
Gebreken aan de luchtwasser.
Onvoldoende capaciteit van de binnen de inrichting aanwezige luchtwasser voor het aantal dieren wat momenteel wordt gehouden in stal 2. De luchtwasser is gebouwd voor een capaciteit van 45.000 lucht/uur. Op basis van de feitelijke bezetting van de stal is echter 62.320 lucht/uur benodigd.
Er is geen opleveringsverklaring van de biologische luchtwasser aanwezig.
Er zijn geen gedragsvoorschriften ten aanzien van het gebruik van en de controle op de werking van de biologische luchtwasser aanwezig in het logboek.
Vaste mest en resten van agrarische bedrijfsstoffen worden niet conform de hiervoor geldende voorschriften opgeslagen. Op een hoek van de betonnen wand van de opslagvoorziening zit een scheur. Bovendien is de betonnen wand aan ten minste een zijde deels omhoog gekomen waardoor mestvocht uit de opslagvoorziening raakt.
Het aanwezige noodstroomaggregaat heeft voor het laatst een SCIOS-keuring ondergaan op 16 maart 2018. Deze keuring dient echter ten minste eenmaal per twee jaar plaats te vinden.
De acht dwangsommen samen kunnen oplopen tot € 255.000.
Dit alles toont volgens Animal Rights aan dat er sprake is van onverbeterlijkheid van het concern in brede zin en de betrokkenen, zowel A. Straathof als M. Verdoorn. De administratieve ‘knip’ van 28 augustus 2020 van Straathof naar Verdoorn maakt dan ook geen verschil voor de ‘criminele’ bedrijfsvoering. Volgens Animal Rights is terecht tot de conclusie gekomen dat er sprake is van een ernstig gevaar voor nieuwe strafbare feiten.
Evenredigheid
De verdediging meent: ”Tenslotte is van belang dat de voorgenomen weigering apert onevenredig is. Weigering van de vergunning leidt tot forse schade.” Om in een adem te zeggen ”dat de aanvraag geen betrekking heeft op een uitbreiding van het bedrijf, maar juist op aanpassing van bestaande stallen waarbij de grootste ingreep ziet op het voorzien van stallen van luchtwassers in verband met aangescherpte emissie-eisen.”
Onduidelijk is waar de ‘forse schade’ en ‘grote bedrijfseconomische gevolgen‘ dan uit zouden bestaan. Zeker aangezien er volgens henzelf geen sprake is van een bedrijfsuitbreiding.
Slotsom
Gelet op het voorgaande komt Animal Rights tot de conclusie dat het beroep van Hoeven Exploitatie geen stand kan houden. Voor iedere overtreding lijkt er wel een excuus te kunnen worden gevonden; het nemen van verantwoordelijkheid lijkt uit de weg te worden gegaan.
Er vinden aan de lopende band overtredingen plaats in alle (oud)vestigingen van Straathof, de locatie in Hoeven niet uitgezonderd. De gewijzigde bedrijfsstructuur doet daar niet aan af. Immers, er is een sterk zakelijk samenwerkingsverband tussen Verdoorn en Straathof, gelet op hun reeds 30 jaar durende werkrelatie.
De aangevraagde wijziging van de omgevingsvergunning is dus terecht geweigerd. Animal Rights voegt hier bovendien aan toe dat ook voor de vigerende vergunningen geldt dat deze kunnen/zullen worden gebruikt voor criminele activiteiten en ingetrokken dienen te worden, net als in Creil te Flevoland is gedaan.
Animal Rights verzoekt de Rechtbank Zeeland–West-Brabant derhalve het beroep van Hoeven Exploitatie ongegrond te verklaren en het besluit van de gemeente Halderberge, om de aangevraagde omgevingsvergunning te weigeren, in stand te laten.

Update – Nieuwe last onder dwangsom
Dat Hoeven Exploitatie BV onverbeterlijk is, blijkt wel uit het feit dat Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant op 26 november 2025 (opnieuw) voorgenomen lasten onder dwangsom aan het bedrijf kenbaar heeft gemaakt in verband met een aantal afwijkingen van de vergunde situatie. Dit naar aanleiding van een integrale milieucontrole uitgevoerd door de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant op 25 februari 2025.
Er zijn 2 serieuze lasten, deels al in 2022 geconstateerd, met bijbehorende dwangsommen waaraan het bedrijf niet wil voldoen:
1) De varkenshouder dient, ter beëindiging van de overtreding, alle interne wijzigingen die afwijken van de vigerende omgevingsvergunning ongedaan te maken. Het bedrijf dient volledig te worden teruggebracht in overeenstemming met de geldende vergunningen van 10 november 2009 en 16 juli 2014.
Hier staat een dwangsom van € 10.000 per week voor tot een maximaal te verbeuren bedrag van € 50.000.
2) Het bedrijf dient daarnaast, ter beëindiging van de overtreding, te waarborgen dat uitsluitend dieren worden gehouden in stallen met een volledig functionerend emissiearm huisvestingssysteem – en dat is alleen stal 4. Alle overige stallen dienen volledig te worden leeggedraaid en onklaar gemaakt te worden voor dierhuisvesting, waaronder het uitschakelen van ventilatie en het afdekken van de putten. Deze overtreding kan eveneens worden beëindigd door de totale veebezetting te reduceren tot maximaal 20 gespeende biggen en maximaal 15 opfokzeugen, guste en dragende zeugen, en kraamzeugen gezamenlijk.
Hier staat € 15.000 per week op, tot een maximaal te verbeuren bedrag van € 75.000.
Aan deze lasten wil Hoeven Exploitatie BV niet voldoen. Ze stelt daar een legalisatieaanvraag tegenover, maar die is nog niet in behandeling genomen.
Er zitten ook nog twee stevige milieuovertredingen tussen de 7 punten van de voorgenomen lasten onder dwangsom:
6) Op 3 februari 2025 is via de Milieuklachtencentrale een ongewoon voorval gemeld, bestaande uit het lozen van ruwe sojaolie op het erf en in het oppervlaktewater.
7) Tijdens het controlebezoek is vastgesteld dat de ondergrondse mestleiding eind 2024 wegens een verstopping is opengemaakt en doorgezaagd. Sindsdien stroomt drijfmest in het uitgegraven gat en wordt deze vanuit dat gat overgepompt naar de mestsilo. Hiermee vindt een voortdurende lozing van drijfmest op de bodem plaats.
De zitting vindt plaats op 22 januari 2026 in Breda.
Update – de beroepszitting
Er zijn enkele nieuwe ontwikkelingen die bleken uit de beroepszitting van 22 januari 2026:
Net als de Straathof varkensfabriek in Creil staat de varkenshouderij in Hoeven te koop. Deze laatste sinds het najaar van 2025.
De ‘stroman’ van Adriaan Straathof, Maarten Verdoorn, is eind 2025 uit het bedrijf gezet/gestapt.
Alle aandelen die oorspronkelijk rustten in de Vastgoed BV van Adriaan Straathof zijn ondergebracht in een STAK (Stichting Administratiekantoor), een juridische constructie die het stemrecht van aandelen scheidt van het winstrecht, door de aandelen te beheren en daarvoor certificaten uit te geven die enkel recht geven op winst, terwijl het bestuur van de STAK het stemrecht uitoefent. Theoretisch vergroot dit verder de juridische afstand tussen het bedrijf enerzijds en het stigma dat Straathof (en Verdoorn) vormen, anderzijds. In hoeverre het bestuur van de STAK naar de pijpen van Straathof danst is en daarmee enkel een rookgordijn is, is nog onbekend. Wel werd het beroep van Verdoorn en de vastgoed BV (Straathof) tegen het weigeren van de aangevraagde vergunning ingetrokken en bleef alleen het beroep van Hoeven Exploitatie BV (de varkenshouderij) over.
Over 6 weken volgt de uitspraak over de aangevraagde en geweigerde vergunning. Dan zien we weer verder. Zoals hierboven te lezen, loopt er ook een last onder dwangsom tegen het bedrijf.
Update – Vernietigende uitspraak voor Straathof / Sebava / Verdoorn
De Rechtbank Zeeland-West-Brabant deed op 5 maart, gepubliceerd op 17 maart, uitspraak in deze zaak. 1 De uitspraak is vernietigend voor de Straathof-kliek. Het beroep van Hoeven Exploitatie BV, een afsplitsing van Sebava BV, wordt ongegrond verklaard:
“De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het college de vergunning mocht weigeren, omdat er een ernstig gevaar bestaat dat de vergunning zal worden gebruikt voor het plegen van strafbare feiten.”
Op geen enkel punt krijgt Hoeven Exploitatie gelijk. Zo komt de rechtbank tot de conclusie dat Straathof nog altijd zeggenschap heeft over het bedrijf:
“Gezien de structuur van het concern en de financiële betrokkenheid van [persoon 3] bij de exploitatie van de varkenshouderij van eiseres, volgt de rechtbank het college in zijn standpunt dat [persoon 3] zeggenschap heeft over eiseres en tot haar in een zakelijk samenwerkingsverband staat.”
En dus kunnen de misdaden van Straathof, ook die in Duitsland, bij de zaak betrokken worden:
“De vergunning is niet alleen geweigerd om te voorkomen dat uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen voordelen worden benut (a-grond), maar ook om te voorkomen dat nieuwe strafbare feiten worden gepleegd (b-grond). Het college heeft daarom ook de overtredingen van andere locaties waarbij [persoon 3] betrokken is, inclusief locaties in Duitsland, bij de beoordeling van het gevaar mogen betrekken en die overtredingen ook aan eiseres kunnen tegenwerpen…”
Ook de strafbare feiten gepleegd door het varkensbedrijf Hoeven Exploitatie BV zelf en Maarten Verdoorn als stroman-bedrijfsleider van Straathof mochten worden meegewogen:
“Naar het oordeel van de rechtbank heeft het college op basis van de strafbare feiten van [persoon 3] , eiseres, [BV 1] en [persoon 1] kunnen concluderen dat er sprake is van een ernstig gevaar voor nieuwe strafbare feiten. Het college mocht nog steeds uitgaan van een zakelijk samenwerkingsverband en heeft in de gewijzigde structuur geen aanleiding hoeven zien om een zodanig verminderde mate van gevaar aan te nemen dat de vergunning niet meer geweigerd kon worden.”
Ook liegen op het Bibob formulier door Verdoorn acht de rechtbank aannemelijk:
“De rechtbank is van oordeel dat het college uit mocht gaan van het vermoeden van valsheid in geschrifte bij het invullen van het Bibob-vragenformulier. De rechtbank acht het onwaarschijnlijk dat de bestuurder van [BV 1] niet op de hoogte was van een strafbeschikking die onder zijn bestuur aan de B.V. is opgelegd.”
Het gaat om het niet vermelden van een een strafbeschikking van €7.500.- van september 2019.
De rechtbank acht ook de misstanden bij de vestigingen in Creil en Lierop relevant:
“Aan de gevaarzetting op de b-grond heeft het Bureau Bibob ten grondslag gelegd dat [persoon 3] en de vennootschappen die tot zijn concern behoren, waaronder [BV 1] , als ook de vennootschappen die behoren tot het concern van eiseres in [plaats 3] en in [plaats 4] tussen 2009 en 2018 veelvuldig strafbare feiten hebben gepleegd op het gebied van dierenwelzijn en dat aan hen boetes zijn opgelegd wegens het (herhaaldelijk) overtreden van diverse wettelijke regels op het gebied van dierenwelzijn en milieu. Deze overtredingen rechtvaardigen volgens het Bibob-advies een gegronde vrees voor het plegen van nieuwe strafbare feiten.”
Tenslotte komt de rechtbank tot de conclusie dat het weigeren van de vergunning niet onevenredig is:
“Het is evident dat het weigeren van de vergunning gevolgen heeft. Eiseres heeft echter niet onderbouwd dat de gevolgen in dit geval onevenredig zijn en op welke wijze een ander besluit tot hetzelfde doel zou leiden, terwijl het bedrijf daar minder onder lijdt. De rechtbank is van oordeel dat toepassing van de Wet Bibob in beginsel tot weigering van de vergunning mocht leiden en ziet geen gronden die aanleiding geven voor het oordeel dat daar in dit geval in het kader van evenredigheid van afgeweken moet worden.”
Update – Hoeven Exploitatie BV gaat in hoger beroep
Op 20 april 2026 krijgt Animal Rights bericht van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State dat Hoeven Exploitatie BV in hoger beroep is gegaan. Ze deed dit op 16 april met als enige grond dat men nog altijd van mening is dat het weigeren van de vergunning onevenredige gevolgen heeft. De redenering daarachter is absurdistisch: het bedrijf heeft vooruitlopend op de vergunning al illegaal wijzigingen doorgevoerd. Door de weigering van de vergunning vervalt zicht op legalisatie daarvan en daarop kan gehandhaafd worden met kostbare dwangsommen. Hoe de negatieve gevolgen van je eigen illegale activiteiten onevenredig zouden zijn, ontgaat Animal Rights, die ook in hoger beroep belanghebbende is. Hoeven Exploitatie BV heeft de gronden in mei niet verder aangevuld.
In deze zaak gaat het om dezelfde ‘poppetjes’ als bij Creil Exploitatie BV. Na de uitspraak van de Afdeling op 20 mei 2026 in de zaak van Creil, lijkt ook dit hoger beroep bij voorbaat kansloos. Lees:




















