Het intrekken van de natuurvergunning van varkensfabriek Straathof Koningsbosch

Aan het bedrijf van ‘varkensbaron’ Straathof aan de Kerkstraat in het Limburgse Koningsbosch is op 1 september 2016 een natuurvergunning verleend. De toegekende ontwikkelingsruimte zorgt voor een toename van de ammoniakemissie, die volgens deze natuurvergunning tot een toename van de stikstofdepositie leidt.

De vergunning is toegekend op basis van een ‘passende beoordeling’ die is gemaakt ten behoeve van het Programma Aanpak Stikstof (PAS). De PAS is echter door de rechter van tafel geveegd. Blijkens vaste jurisprudentie voldoet deze passende beoordeling niet aan de eisen uit de Habitatrichtlijn.

Tijdlijn

Op 22 december 2021 vragen Animal Rights en Mobilisation for the Environment om de natuurvergunning van 1 september 2016 in te trekken (of te wijzigen). Op 22 december 2022 besluit het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg het verzoek tot intrekking/wijziging van de natuurvergunning van Sebava BV af te wijzen. Op 9 februari 2023 tekenen beide organisaties beroep aan tegen dit besluit. Op 19 december 2024 verstuurt de provincie het verweer op de ingediende beroepsgronden. Op 4 januari 2025 geven de organisaties een reactie hierop. Het beroep wordt op 16 januari 2025 ter zitting behandeld in Roermond.

Natuurbescherming

De Habitatrichtlijn bepaalt dat lidstaten passende maatregelen treffen om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten in de speciale beschermingszones niet verslechtert. Het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg, in dit geval, heeft vervolgens beoordelingsruimte bij de keuze van de maatregelen die passend zijn. Als intrekking of wijziging van de natuurvergunning echter de enige passende maatregel is, moet de vergunning worden ingetrokken.

Door de toename van stikstofdepositie, welke de vergunning mogelijk maakt, is er (in ieder geval) ten aanzien van de Natura 2000-gebieden Roerdal en Meinweg sprake van een (dreigende) verslechtering of verstoring met significante gevolgen voor de natuurwaarden.

De alternatieve passende maatregelen waar het college in haar afwijzing naar verwijst, leiden niet tot de noodzakelijke daling van stikstofdepositie binnen een afzienbare termijn. Het is daarom noodzakelijk de door Animal Rights en Mobilisation gevraagde maatregel als aanvullende passende maatregel uit te voeren: de natuurvergunning moet worden ingetrokken. De conclusie is daarom dat het college het verzoek tot intrekken van de natuurvergunning ten onrechte heeft afgewezen.

Aanvullende motivatie van het beroep

Dat er sprake is van een dreigende verslechtering of verstoring met significante gevolgen voor soorten en/of habitattypes waarvoor een Natura 2000-gebied is aangewezen, hebben de organisaties aangetoond met als voorbeeld de Natura 2000-gebieden Roerdal en Meinweg. Maar dit geldt evengoed voor de overige nabijgelegen Natura 2000-gebieden Swalmdal, Geleenbeekdal, Brunssummerheide, Leudal, Bunder- en Elslooërbos, Geuldal, Kunderberg en Sarsven en de Banen.

Nu is vastgesteld dat verslechteringen of verstoringen met significante gevolgen dreigen, is het aan het college om maatregelen te treffen.

Uit recente uitspraken van de Afdeling, waaronder de uitspraak over de Amercentrale van 18 december 2024 (ECLI:NL:RVS:2024:4909) blijkt dat het toetsingskader, in kwesties als het voorliggende, volgens de Afdeling als volgt is:
“Hierbij is van belang dat het college onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt met welke maatregelen uitvoering wordt of zal worden gegeven aan de noodzakelijke daling van stikstofdepositie binnen een afzienbare termijn.”
Het moet dus gaan om een noodzakelijke daling binnen afzienbare termijn.

De toon van de beheerplannen, natuurdoelanalyses en toetsingen door de Ecologische Autoriteit van de verschillende genoemde Natura 2000-gebied is alarmerend. De sleutelfactor blijft de stikstofdepositie. Zolang deze onverminderd hoog blijft zullen de instandhoudingsdoelen niet worden gehaald.

Het rapport ‘Effecten van stikstofdepositie nu en in 2030: een analyse’ (2021)’ schetst het zelfde beeld van urgentie:
“De mogelijkheden om met herstelmaatregelen de verslechtering door stikstof te stoppen zijn immers voor veel habitattypen beperkt en/of al uitgevoerd, terwijl voor een aantal habitattypen überhaupt geen herstelmaatregelen mogelijk zijn – of bekend zijn – om negatieve effecten tegen te gaan. Daarom is bescherming van de meest gevoelige natuur via adequate en snelle reductie van de atmosferische stikstofdepositie cruciaal om de sluipende verslechtering – of zelfs het verdwijnen van habitats – te stoppen en om de degradatie in de toekomst nog te kunnen terugdraaien via herstelbeheer.”

Het klopt dat het college, zoals ze in het bestreden besluit opmerkt, een zekere beoordelingsvrijheid heeft bij het treffen van passende maatregelen. Die beoordelingsvrijheid wordt echter begrensd door de noodzaak dat verslechtering en significante verstoring moet worden voorkomen. Het pakket aan passende maatregelen moet dus preventief zijn. Verslechtering moet worden voorkomen. Wanneer verslechtering inmiddels optreedt, is er schending van artikel 6, tweede lid van de Habitatrichtlijn. Wanneer verslechtering dreigt, moeten passende maatregelen zonder uitstel worden getroffen.

Een verzoek om intrekking of beperking van stikstof veroorzakende activiteiten mag niet worden geweigerd, tenzij het college bewijst dat verslechtering daadwerkelijk wordt voorkomen. Dit vereist dat andere passende maatregelen zonder wetenschappelijke twijfel effectief zijn. Anders zijn aanvullende passende maatregelen nodig.

Het college moet aantonen dat maatregelen uitvoerbaar zijn en geschikt voor de benodigde stikstofreductie. Bij twijfel over uitvoering of effectiviteit is niet voldaan aan de motiveringsplicht.

Toegepast op onderhavige zaak stellen Animal Rights en Mobilisation dat het allerminst zeker is dat met de maatregelen waar het college in het verweerschrift (maar ook in het bestreden besluit) naar verwijst, de instandhoudingsdoelstellingen van de betrokken Natura 2000-gebieden wordt bereikt.

De organisaties verzoeken de rechtbank dan ook haar beroep gegrond te verklaren en het bestreden besluit te vernietigen.

Update – Uitspraak

Animal Rights en Mobilisation for the Environment hebben op 22 december 2021 verzocht om de natuurvergunning van de Straathof/Sebava varkensfabriek, nu opererend onder de naam Koningsbosch Exploitatie BV, van 1 september 2016 in te trekken of te wijzigen. De vergunning is verleend onder het PAS-systeem dat door de rechter in mei 2019 van tafel is geveegd. Daarmee staat vast dat de vergunning in strijd met de wettelijke voorschriften is verleend.

Op 22 december 2022 wijst de provincie Limburg het verzoek af. De organisaties hebben daartegen beroep ingesteld. De zitting vond plaats op 16 januari 2025. Op 26 maart 2025 deed de rechtbank uitspraak.

De rechtbank bevestigt dat de vergunning in strijd met de wettelijke voorschriften is verleend. En ook dat verslechtering of significante verstoringen van natuurwaarden dreigt. Volgens de rechtbank heeft de provincie in haar besluit verder niet inzichtelijk gemaakt hoe haar plannen bijdragen aan de noodzakelijke daling van de stikstofdepositie in Natura 2000-gebieden en is haar besluit daarmee niet deugdelijk gemotiveerd. Daarmee zijn de beroepen van Animal Rights en Mobilisation gegrond en worden de bestreden besluiten vernietigd.

De rechtbank laat echter de rechtsgevolgen van de bestreden besluiten in stand. Ze vindt dat de provincie met een aanvullende motivering in het verweerschrift alsnog deugdelijk heeft gemotiveerd waarom de intrekking van de natuurvergunning niet noodzakelijk is.

Op 6 mei 2025 zijn Animal Rights en Mobilisation in hoger beroep gegaan.

Update – hoger beroep

De derde week van juni droegen Mobilisation en Animal Rights de gronden aan voor het hoger beroep.

De rechtbank heeft getoetst of het maatregelenpakket “een bijdrage levert aan” de noodzakelijke daling van stikstofdepositie. Deze maatstaf is onvoldoende zwaar en daarmee onjuist. Er dient aannemelijk én inzichtelijk te zijn dat die noodzakelijke daling ook daadwerkelijk binnen afzienbare termijn wordt bereikt, zodat verslechtering van natuurwaarden wordt voorkomen. De enkele vaststelling dat maatregelen een bijdrage leveren, is daarvoor niet toereikend.

Een blijvende maar niet-gekwantificeerde daling is onvoldoende wanneer deze niet leidt tot het bereiken van de instandhoudingsdoelen en dat is ten aanzien van tenminste zes van de betrokken Natura 2000-gebieden zeker het geval.

Wat extra gewicht in de schaal legt, is de omstandigheid dat het hier gaat om een vergunning die is verleend op grond van het inmiddels vernietigde PAS. Dit betreft daardoor een vergunning die is verleend zonder geldige passende beoordeling. In dergelijke gevallen rust op het bevoegd gezag de verplichting om de eerdere schending van de Habitatrichtlijn ongedaan te maken. In die gevallen moeten hoge eisen worden gesteld aan het aannemelijk en inzichtelijk maken van de effectiviteit van alternatieve maatregelen, binnen een termijn die verslechtering voorkomt.

in het algemeen dient te gelden dat buiten redelijke wetenschappelijke twijfel vaststaat dat een passend maatregelenpakket verslechtering van habitats voorkomt. In ieder geval voor PAS-vergunningen moet dit criterium met volle strengheid worden toegepast.

De door de provincie gestelde daling leidt slechts tot een beperkte verschuiving van overbelasting van ‘sterk’ naar ‘matig’ bij meerdere relevante habitattypen in de tien betrokken Natura 2000-gebieden. Cruciaal is echter dat ook in 2030 nog steeds sprake is van een 100% overschrijding van de kritische depositiewaarde (KDW) bij tal van habitattypen. En dat ondanks alle reeds getroffen en aangekondigde maatregelen. Deze zijn daarmee aantoonbaar ontoereikend.

Uit natuurdoelanalyses, adviezen van de Ecologische Autoriteit en de AERIUS-Monitor volgt bovendien dat ook in de toekomst geen sprake zal zijn van de noodzakelijke substantiële daling.

Gelet hierop is het bestreden besluit terecht door de rechtbank vernietigd, maar de rechtbank had niet de rechtsgevolgen in stand mogen laten. Immers, ook met de nadere motivering in verweer is door het college niet aannemelijk en inzichtelijk gemaakt dat er een maatregelenpakket ligt waarmee uitvoering wordt of zal worden gegeven aan de noodzakelijke daling van stikstofdepositie binnen afzienbare termijn, zodat verdere verslechtering wordt gestopt. Gezien de jarenlange ernstige stikstofoverbelasting van deze Natura 2000-gebieden, dient een dergelijk maatregelenpakket te leiden tot een blijvende substantiële daling van stikstofdepositie op korte termijn en uitzicht te bieden op het tijdig bereiken van de KDW.
De rechtbank heeft er ten onrechte genoegen mee genomen dat het gepresenteerde maatregelenpakket (slechts) een bijdrage levert aan de noodzakelijke daling van de stikstofdepositie.

Animal Rights en Mobilisation komen tot de conclusie dat de bestreden uitspraak voor vernietiging in aanmerking komt voor zover daarin de rechtsgevolgen van het reeds vernietigde besluit in stand zijn gelaten. De rechtbank heeft een onjuist toetsingskader toegepast, relevante jurisprudentie onvoldoende betrokken en nagelaten te beoordelen of het college voldoende heeft gemotiveerd waarom intrekking van de onderhavige vergunning niet noodzakelijk is.
Het hoger beroep zou daarmee gegrond verklaard moeten worden.

Opnieuw Hartelust-apen overleden tijdens dierproeven in Zweden

Twee Hartelust-apen, gebruikt voor dierproeven aan het Karolinska Instituut (KI) in Zweden, zijn overleden. De apen, aangekocht in 2022, stierven door een combinatie van fysieke verwondingen en gezondheidsproblemen. Dit nieuws is bekendgemaakt door de Zweedse dierenrechtenorganisatie Djurrättsalliansen, na een verzoek tot openbaarmaking van bestuursdocumenten.

De overleden apen, geïdentificeerd als ID-nummers 1901012 en 1708002, werden in 2019 geboren op een fokkerij in Vietnam. In oktober 2022 werden zij via Hartelust in Nederland naar Stockholm vervoerd, waar ze werden misbruikt voor dierproeven.

ID 1901012: overleden door verwondingen na gevechten

Op 2 november ontdekte het laboratoriumpersoneel dat de aap met ID-nummer 1901012 ernstige verwondingen had opgelopen tijdens gevechten met andere apen. De situatie verergerde snel: uitgebreide wonden op haar staart, gezicht, nek, rug, hoofd en armen maakten behandeling noodzakelijk. Ondanks wondverzorging en een amputatie van een deel van de staart door necrose, bleef de fysieke en mentale toestand van de aap verslechteren. Het dier werd uiteindelijk op 13 november afgemaakt.

ID 1708002: overleden aan chronische darmontsteking

De aap met ID-nummer 1708002 overleed op 29 oktober aan de gevolgen van een chronische darmontsteking. De aap reageerde niet op behandelingen en leed aan ernstig ondergewicht, met een gewicht van slechts 2,42 kg. De exacte oorzaak van de ontsteking blijft onbekend. Opnieuw een voorbeeld van hoe dierproeven, niet alleen tijdens de proeven zelf, maar ook daarbuiten leiden tot ernstig dierenleed.

Sterftecijfers en dierenleed bij Karolinska Instituut

Sinds 2020 zijn maar liefst 51 apen gestorven tijdens dierproeven bij het Karolinska Instituut. De Zweedse dierenrechtenorganisatie Djurrättsalliansen pleit voor de vrijlating van de resterende apen.

De rol van Nederland in de apenhandel

Nederland speelt een centrale rol in de internationale handel in apen. Hoewel Nederlandse onderzoeksinstellingen geen apen afnemen van apenhandelaar Hartelust, profiteert deze handelaar fors van de import van apen uit Zuidoost-Azië en de export naar het buitenland. Animal Rights roept de Nederlandse overheid op om de handel in buitenlandse Java-apen te verbieden, deze dient immers uitsluitend de hebzucht van handelaren zoals Hartelust.

Aantal dierproeven in Vlaanderen werkelijk gedaald?

Minister van Dierenwelzijn, Ben Weyts stuurde goed nieuws de wereld in: in 2023 was het aantal dierproeven in Vlaanderen het laagste in een decennium, met 240.833 dierproeven. Ter vergelijking: in 2022 waren dat er nog 264.931. 1 2

Maar is er echt sprake van een duurzame daling? Rowena Vanroy van Animal Rights nuanceert: “Het is te vroeg om te spreken van een structurele afname. De aantallen schommelen sowieso. Het ene jaar vindt een grootschalige proef plaats, het andere jaar niet. Dat maakt het moeilijk om een blijvende trend vast te stellen.”

Leer hier meer over dierproeven:

Investeringen in alternatieven

De Vlaamse overheid benadrukt dat ze verdere stappen wil zetten om het aantal dierproeven te verminderen. Een voorbeeld hiervan is de subsidie van 160.000 euro aan de KU Leuven voor de ontwikkeling van tests met organoïden. Hoewel Animal Rights dit initiatief toejuicht, wijzen we er ook op dat losse initiatieven niet structureel genoeg zijn om een echte verandering teweeg te brengen.

Bovendien investeert de Vlaamse overheid nog steeds veel grotere bedragen in onderzoek met dierproeven dan in proefdiervrije methoden. Dit moet anders, de Vlaamse overheid zou enkel nog in proefdiervrij onderzoek moeten investeren.

Verder ontbreekt het aan een concrete strategie voor de overgang naar proefdiervrije wetenschap. Er wordt niet onderzocht op welke onderzoeksdomeinen de transitie al sneller kan en welke stappen nodig zijn om de transitie te kunnen versnellen.

Vanroy concludeert: “Met willekeurige investeringen in enkele alternatieven schakelt de wetenschap niet plots over op proefdiervrij. We zien nu al een tweedeling ontstaan: een stroming binnen onderzoekinstellingen die vasthoudt aan dierproeven en een apart spoor dat zich richt op alternatieven. Samenwerking tussen beide is essentieel, en daar moet de overheid een actieve rol in spelen.”

Leiderschap in Europa

Volgens minister Weyts wil Vlaanderen “een leidende rol spelen in Europa bij het afbouwen van dierproeven.” Mooie woorden, maar er is meer nodig dan dat. Vlaanderen kan bijvoorbeeld een voortrekkersrol spelen in de herziening van de Europese chemicaliënrichtlijn, die verantwoordelijk is voor tienduizenden dierproeven per jaar. Verder zou Vlaanderen, zoals buurland Nederland in 2024 deed, een aanzienlijk budget moeten vrijmaken voor het ontwikkelen en valideren van alternatieven. In Nederland maakte het Nationaal Groeifonds 124,5 miljoen euro euro vrij voor de transitie naar proefdiervrije innovatie. 3

Hoewel een lichte daling in het aantal dierproeven bemoedigend lijkt, is Vlaanderen ver verwijderd van een koploperspositie in proefdiervrije wetenschap. Dit heeft niets te maken met wetenschappelijke beperkingen, maar alles met een gebrek aan visie en daadkracht. Animal Rights gaat graag met de bevoegde ministers van Dierenwelzijn (Ben Weyts) en Innovatie (Matthias Diependaele) in gesprek.


  1. Statistieken dierproeven Vlaanderen 2023 ↩︎
  2. Statistieken dierproeven Vlaanderen 2022 ↩︎
  3. Nationaal Groeifonds investeert 124,5 miljoen euro in transitie naar proefdiervrije innovatie ↩︎

Landal en provincie liegen over ‘geïsoleerde populatie’ konijnen op vakantiepark Texel

Er is geen sprake van een afgesloten park waar geen konijn in of uit kan

Fauna4Life en Animal Rights hebben op 6 januari 2025 via hun advocaat bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.

De kwestie betreft een door het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland aan vakantiepark Landal Sluftervallei verleende ontheffing om konijnen te vangen en doden, later aangevuld met de toestemming om konijnen op het vakantiepark te vangen en uit te zetten in duingebieden op Texel.

Animal Rights en Fauna4Life dienden op 20 februari 2024 beroep in tegen het originele besluit en lieten op 20 augustus 2024 weten het ook niet eens te zijn met het aanvullende besluit.

Lees ook: WEL OF GEEN KOGEL VOOR DE KONIJNEN IN VAKANTIEPARK LANDAL SLUFTERVALLEI?

De zitting zou plaatsvinden op dinsdag 21 januari om 11:15 uur in Den Haag. Op 14 januari stelt Landal een verweer op. Men laat de Raad van State en Animal Rights zwart op wit weten dat er tot november 2025 geen konijnen zullen worden afgemaakt. Daarmee vervalt voor een rechter waarschijnlijk het spoedeisend belang dat voor een voorlopige voorziening noodzakelijk is, wat er op neer zou komen dat de zaak vervolgens niet meer inhoudelijk behandeld wordt. Daarom trekken Fauna4Life en Animal Rights het verzoek voorlopig in. Mocht het hoger beroep tegen deze schandelijke ontheffing niet voor de zomer ingepland worden, dan zullen de stichtingen ruim voor november het verzoek om een voorlopige voorziening opnieuw indienen.

Wij gaan hier wel op de inhoud in:

Het gaat slecht met het konijn

Het staat niet ter discussie dat het zeer slecht gaat met het konijn in Nederland. De regering heeft de jacht op het dier niets voor niets sinds 2022 gesloten.

Volgens het college heeft het vangen en doden van konijnen op het vakantiepark echter geen effect op de staat van instandhouding van het konijn in diens natuurlijke verspreidingsgebied, doordat de konijnen op het vakantiepark een op zichzelf staande populatie zijn. De konijnen op het vakantiepark zouden als het ware geïsoleerd zijn van hun soortgenoten buiten het vakantiepark:

“In 2020 is het vakantiepark door het plaatsen van een konijnwerend raster in combinatie met de aanwezigheid van de sloten en de veeroosters afgesloten en werd/wordt door deze maatregelen voorkomen dat nieuwe konijnen uit de omgeving het vakantiepark betreden.”

“Het konijnwerend raster, de veeroosters en de sloten om het vakantiepark zorgen er dan ook voor dat het vakantiepark geen nieuwe konijnen uit de omgeving aantrekt en zorgt er ook voor dat er geen impact is op de staat van instandhouding van het konijn in de duinen op Texel.”

Dit standpunt wordt vastgehouden in schriftelijke antwoorden op provinciale vragen:

“Zoals te lezen is in de ontheffing is er een konijnwerend raster aangelegd en zijn de toegangsplekken voorzien van een veerooster. Dit raster samen met de veeroosters sluiten vrijwel het gehele park af en voorkomen daarmee inloop van nieuwe konijnen uit de omgeving.”  1

Eigen onderzoek

Uit eigen onderzoek van Animal Rights blijkt, echter, dat konijnen het vakantiepark eenvoudig kunnen betreden en verlaten. Het eigen onderzoek is vastgelegd in een video en toont het (gebrek aan konijnwerend) hekwerk en diverse toegangen rondom het gehele park. 2

Dit betekent ten eerste dat niet alle andere (deels) bevredigende oplossingen om schade te voorkomen (zoals het plaatsen van een konijnwerend raster rondom) zijn uitgeput.

Ten tweede betekent het dat er geen sprake is van een op zichzelf staande/geïsoleerde populatie waardoor het doden en uitzetten een negatief effect hebben op de staat van instandhouding van het konijn.

Het betekent ook dat de ontheffing niet nodig is, omdat deze geen nut heeft. Het doden en uitzetten van konijnen terwijl andere konijnen eenvoudig naar binnen kunnen, is namelijk als dweilen met de kraan open. Het kan een afwijking van het verbod op het doden van konijnen niet rechtvaardigen en de afwijking is ook niet doeltreffend en effectief en alleen daarom al niet toegestaan.

“Vakantiepark-multinational Landal en de provincie Noord-Holland liegen over het afsluiten van het park voor konijnen,” zegt Animal Rights adviseur Erwin Vermeulen, “de video van 20 december jl. toont dat overduidelijk aan. Het is sowieso stuitend dat dit park zich eerst vestigde in een natuurgebied en vervolgens vraagt om een vergunning om de oorspronkelijke bewoners, de konijnen, af te laten maken, of verwijderen. Animal Rights roept natuur- en dierenliefhebbers op om de konijnenmoordenaars van Landal te mijden.”

Schade?

Er is, overigens, helemaal geen bewijs voor schade, maar eventuele schade dient onder het te verwachten normale bedrijfsrisico te vallen. Het vakantiepark heeft er immers zelf voor gekozen om een recreatiebedrijf te starten temidden van een duingebied dat het leefgebied is van konijnen.

Vangen en uitzetten?

Ook het vangen en uitzetten heeft een effect op de staat van instandhouding. Er is voldoende literatuur beschikbaar waaruit blijkt dat het vangen en uitzetten zeer stressvol is, hetgeen het college beaamt. Het is zeer aannemelijk dat hierbij (of later, als gevolg van) konijnen sterven en dat resulteert in een negatief effect op de staat van instandhouding. Vooral vergeleken met de optie van niets doen, ofwel co-existeren.

Conclusie

Het vakantiepark dient, volgens Animal Rights en Fauna4Life, konijnwerend gemaakt te worden, als Landal weigert samen te leven met de dieren. Het vangen en uitzetten van konijnen mag niet worden toegestaan en het opzettelijk doden van konijnen al helemaal niet.

UPDATE

Op 16 oktober 2025 is de zitting voor het hoger beroep in de zaak waarin een Landal vakantiepark op Texel liever konijnen dood laat schieten dan in harmonie met de dieren samen te leven en naar diervriendelijke oplossingen te zoeken.

Naar aanleiding van door Animal Rights en Fauna4Life verstrekte informatie heeft de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord een controle uitgevoerd op 15 januari 2025, waaruit bleek dat er ten zuiden van het ingegraven hekwerk graafsporen zijn waargenomen en daarom inmenging met met andere konijnenpopulaties niet meer was uit te sluiten.
De afschotvergunning gaat uit van een geïsoleerde populatie konijnen op het vakantiepark dat geen contact heeft met de populatie in de Texelse duinen.

Op 20 februari 2025 werd door de Omgevingsdienst een waarschuwingsbrief aan Landal gestuurd. Daarin is onder andere aangegeven dat veeroosters ontdaan moeten worden van zand en plantmateriaal en moet Landal aangeven hoe ze gaat voorkomen dat konijnen het park via de roosters kunnen betreden.
Ook moet Landal meer maatregelen treffen om de inloop van konijnen vanaf de duinzijde te voorkomen omdat – tegen de verwachting in 2023 in – langs het deel waar geen konijnenwerend raster is toch konijnen aanwezig zijn.
Verder moet Landal ecologisch gefundeerd onderbouwen dat ter hoogte van het Krimbos en de zuidzijde geen inloop van nieuwe konijnen is te verwachten.
Daarnaast zijn aan de oostzijde van het vakantiepark wissels van konijnen van en naar het vakantiepark waargenomen. Landal moet daarom van de Omgevingsdienst langs de oostzijde van het vakantiepark extra konijnenwerende maatregelen treffen dan wel een ecologische gefundeerde onderbouwing aanleveren dat er geen inloop van nieuwe konijnen van de oostzijde te verwachten is.

De ontheffing van 5 april 2023 mag pas weer gebruikt worden als de aanvullende maatregelen zijn getroffen, dan wel ecologisch gefundeerde onderbouwing is aangeleverd dat dat niet nodig zou zijn.

Animal Rights gaat er vanuit dat de Raad van State de hele ontheffing zal vernietigen.

Hieronder een kort verslag van de zaak bij de Raad van State:

Update – Teleurstellende Raad van State uitspraak, maar de strijd tegen Landals konijnenmoordlust gaat door

Rechters zijn net mensen en ook bij de Raad van State tonen ze met enige regelmaat aan in staat te zijn tot de meest stompzinnige uitspraken. Neem het geval van het vakantiepark Landal Sluftervallei op Texel. De eigenaren willen konijnen vermoorden, omdat ze schade aan zouden richten. Het gaat echter slecht met het konijn in Nederland. Om de moordplannen door te zetten beweert het park dat het om een geïsoleerde populatie konijnen gaat en dat de slachtpartij daarom geen invloed zal hebben op de staat van instandhouding van de konijnenpopulatie in de duinen en velden rondom het park.

Animal Rights en Fauna4Life hebben altijd betoogd dat het niet om een geïsoleerde populatie gaat en hebben dat ook aangetoond met filmbeelden. Uiteindelijk ziet ook de omgevingsdienst dat in, na een controle op 15 januari 2025 en geven ook park en provincie dat toe op de rechtszitting.

Ook de rechters bevestigen ons gelijk: “Het is daardoor niet langer uit te sluiten dat konijnenpopulaties binnen en buiten het vakantiepark zich met elkaar vermengen.”

Het absurde van de uitspraak van 17 december 2025 3 is echter dat de rechters menen “dat de feitelijke situatie is veranderd sinds het moment waarop de ontheffing is verleend.” Alsof er ooit degelijke rasters rondom het park hebben gestaan, maar die nu ineens verdwenen zijn. Een kleuter kan zien dat konijnen in en uit het park kunnen en dat dat ook altijd al mogelijk was. Wat een aanfluiting.

In plaats van dat deze rechters hun werk naar behoren doen en het hoger beroep gegrond verklaren, komen ze met de suggestie: “Als de stichtingen menen dat Landal heeft nagelaten om maatregelen te nemen tegen de vermenging van konijnenpopulaties, kunnen zij het college verzoeken om handhavend op te treden of om de ontheffing in te trekken of te wijzigen.”

De vergunning loopt nog door tot en met 1 februari 2028 ook al wordt deze op het moment niet gebruikt omdat het aantal konijnen is gedecimeerd vanwege ziekte uitbraken én omdat de opdracht van de omgevingsdienst nog altijd geldt dat de ontheffing pas weer mag worden gebruikt als de aanvullende maatregelen getroffen zijn dan wel een ecologische onderbouwing is aangeleverd waaruit blijkt dat geen inloop van nieuwe konijnen van buiten het vakantiepark is te verwachten.

We zullen het ‘advies’ van de Raad van State dan ook opvolgen en een handhavingsverzoek indienen.

Update – September 2026

Het blijkt nog steeds niet nodig om een handhavingsverzoek in te dienen. Navraag bij de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord leert dat de ontheffing op dit moment niet gebruikt mag worden:
“Op het moment dat wij hebben geconstateerd dat Landal heeft voldaan aan al het gestelde in de door ons op 20 februari 2025 aan Landal verzonden waarschuwingsbrief, zenden wij wederom een brief aan Landal waarin wij aangeven dat gebruik gemaakt mag worden van de ontheffing.
Wij zullen u – conform afspraak – van deze brief op de hoogte stellen.”


  1. Schriftelijke Vragen Ontheffing Wnb voor het doden van konijnen op vakantiepark Texel ↩︎
  2. LANDAL TEXEL EN DE PROVINCIE LIEGEN OVER ‘GEÏSOLEERDE POPULATIE’ KONIJNEN OP VAKANTIEPARK ↩︎

Animal Rights woedend over intrekken beroep door Openbaar Ministerie

Op woensdag 8 januari 2025 was Animal Rights in de het Hof van Beroep Antwerpen aanwezig voor de pleidooien in de Animal Rights rechtszaak tegen kalverslachters VanDrie Hasselt. Zowel het Openbaar Ministerie als burgerlijke partij Animal Rights gingen in beroep tegen het eerste vonnis van de correctionele rechtbank van oktober 2023.

De gruwelijke beelden die Animal Rights in 2018 in het Hasseltse slachthuis maakte zijn door de rechter eerste aanleg als “onrechtmatig verkregen bewijs verklaard” en daarom uit het dossier verwijderd in 2023.

 Tijdens de zitting op 8 januari 2025 kondigde het Openbaar Ministerie – tegen alle verwachtingen in – aan dat ze afstand neemt van het door hen aangetekende beroep. Dat betekent concreet dat er geen veroordeling meer kan uitgesproken worden. Animal Rights ziet dit als een morele corruptie van het Openbaar Ministerie: Dit getuigt van totale desinteresse in de martelingen die de dieren ondergingen in slachthuis VanDrie Hasselt.
Het gaat nu dus alleen nog om het burgerlijke luik van de zaak: de ontvankelijkheid van Animal Rights als burgerlijke partij.

Animal Rights campagneleider Els Van Campenhout: “Wat eigen is aan alle rechtszaken die Animal Rights tegen slachthuizen voert, is dat de dierenmishandelaars in de rechtbank zich enerzijds beroepen op privacy en de legaliteit van het bewijsmateriaal, terwijl ze anderzijds Animal Rights’ grondwettelijke recht om op te mogen komen voor dieren in de rechtbank aanvechten. Dat alles om het maar niet te hoeven hebben over het vreselijke leed dat de dieren is aangedaan. Dat het Openbaar Ministerie daar nu plots in mee gaat is gewoon schandalig.”

De uitspraak staat gepland op 5 februari 2025.

Morele corruptie van Openbaar Ministerie

Animal Rights is woedend over de lafheid van het Openbaar Ministerie en het gebrek aan rechtvaardigheidsgevoel bij de rechtbank. Ja, eventuele opgelegde straffen zouden sowieso stuitend laag geweest zijn. Maar naast de publieke veroordeling van deze praktijken verwachten we in een democratische rechtsstaat dat ook het Openbaar Ministerie en de rechtbanken getuigen een moreel kompas te bezitten. Daar waar de letter van de wet belangrijker wordt geacht dan het streven naar rechtvaardigheid, zegeviert het onrecht. Als ons juridisch systeem dierenmishandelaars een carte blanche geeft, is dit land op ethisch vlak een regelrechte schijndemocratie. Het is tijd voor een politiek oordeel over de walgelijke staat van ons rechtssysteem waar het het beschermen van dieren betreft.

“Wat eigen is aan alle rechtszaken die Animal Rights tegen slachthuizen voert, is dat de dierenmishandelaars in de rechtbank zich enerzijds beroepen op privacy en de legaliteit van het bewijsmateriaal, terwijl ze anderzijds Animal Rights’ grondwettelijke recht om op te mogen komen voor dieren in de rechtbank aanvechten. Dat alles om het maar niet te hoeven hebben over het vreselijke leed dat de dieren is aangedaan. Dat het Openbaar Ministerie daar nu plots in mee gaat is gewoon schandalig.”

Els Van Campenhout, Animal Rights

De beelden in de rechtszaal

Bij aanvang van de zitting wilde Animal Rights de undercoverbeelden uit het Hasseltse slachthuis opnieuw tonen aan de rechter, maar deze vraag werd afgewezen door het Hof, omdat de inhoud van de zaak plots niet meer behandeld wordt doordat het Openbaar Ministerie afstand nam van haar aangetekende beroep.

Animal Rights wilde met het tonen van de beelden alle aanwezigen in de zaal herinneren aan de enige échte grond van de zaak: de afschuwelijke mishandelingen die de dieren moesten ondergaan tijdens hun laatste levensmomenten in het slachthuis.

Meester Godfroid, de advocaat van Animal Rights, naast Els van Campenhout, campagneleider Stop de Slacht en Animal Rights directeur Susan Hartland

De gruwel bij VanDrie Hasselt

In de beelden is te zien hoe kalveren routinematig worden bewerkt met een elektrische veedrijver: op het hoofd – zelfs richting de ogen, het lichaam en tegen de anus. Dieren worden natgespoten om de intensiteit van de schok te vergroten en zelfs met de veedrijver bewerkt als ze onmogelijk vooruit kunnen bewegen.

Daarnaast worden dieren met drijfstokken in het gezicht geslagen en in de anus gepord. Onwillige kalveren worden aan hun oren en hun staart getrokken, en ze worden geschopt.

Zich verzettende runderen worden mishandeld met het pneumatische penschiettoestel. Het toestel wordt regelmatig verkeerd geplaatst, zodat de dieren ‘enkel’ verwond worden wat herhaald schieten noodzakelijk maakt voor bedwelming.

De overduidelijke angst, paniek en stress van de kalveren is in de ogen van de dieren af te lezen en in hun pogingen tot verzet.

Uit de houding en routinematige handelingen van de VanDrie werknemers in de beelden valt op te maken dat deze praktijken gangbaar en ‘normaal’ zijn binnen dit bedrijf en dat er niet tegen wordt opgetreden.

Lees hier alles over de lijst van misstanden bij VanDrie Hasselt

Meester Godfroid, de advocaat van Animal Rights, aan het woord bij TV Limburg

Niemand kan dierenmishandeling ontkennen

Ongeacht wat de uitkomst van deze zaak wordt op 5 februari 2025, Animal Rights heeft dit allang gewonnen in het hof van de publieke opinie. Niemand kan ontkennen dat deze dieren mishandeld zijn, want dat bewijzen de beelden zwart op wit.

De beelden opnieuw te zien in heel België

De rechters weigeren naar de beelden te kijken, maar heel België heeft ze opnieuw kunnen zien. Hier zijn de links: