Op 18 april 2024 kreeg Roel Binnendijk, medewerker van Animal Rights, die voor Varkens in Nood undercover ging bij horror-slachthuis Gosschalk, te horen van het Openbaar Ministerie dat hij verder niet vervolgd zou worden. Die beslissing is inmiddels onherroepelijk geworden.
Vanzelfsprekend, zou je zeggen, Roel deed dat werk immers om aan de buitenwacht te tonen welke misstanden zich achter de ondoorzichtige muren van dit slachthuis afspeelden. En met succes: het slachthuis werd tijdelijk gesloten en ging uiteindelijk failliet.
Naar mening van het Openbaar Ministerie, echter, was dat helemaal niet zo vanzelfsprekend, zo bleek bij een recente zaak over Roels kosten voor rechtsbijstand. Volgens het Openbaar Ministerie zou Roel “bij vervolging zeker zijn veroordeeld, in aanmerking genomen dat ook hij zich heeft schuldig gemaakt aan de vormen van dierenmishandeling die hij nu juist wilde filmen en aan de kaak stellen. Het sepot is in die optiek al een voldoende vorm van billijkheid naar verzoeker.”
Gelukkig dacht de rechtbank daar volstrekt anders over en dat mooie stukje jurisprudentie van de uitspraak van 4 september 2024 willen we je niet onthouden:
“De enige manier om aandacht te vragen voor deze structurele dierenmishandeling tegenwoordig is het maken van – soms schokkende – beeldopnames teneinde de verantwoordelijke autoriteiten zover te krijgen eindelijk in actie te komen. Dat kan vaak alleen via ‘undercover-operaties’ en in dat verband is het welhaast onontkoombaar zelf in zekere mate deel te nemen aan de bewuste handelingen. Verzoeker heeft dat gedaan, maar is er zelf ook van geschrokken achteraf. Bij vervolging is het bepaald niet denkbeeldig dat verzoeker met succes een beroep zou kunnen doen op de rechtvaardigingsgrond noodtoestand, die overmacht kan opleveren als verdachte bij een conflict van maatschappelijke plichten de gerechtvaardigde keuze maakt de wet te overtreden om een ander, zwaarwegend belang te dienen. In zekere heeft verzoeker het onderzoek gedaan dat de controlerende overheidsinstellingen voortdurend laten liggen (of niet aan toe komen door structurele onderbezetting).”1
Amen!
Update
Nadat de beelden uit Gosschalk naar buiten kwamen, werd het slachthuis op 28 juni 2021 onder verscherpt toezicht gesteld en kreeg het een dwangsom opgelegd. Met een besluit van 2 juli 2021 heeft de minister de slachthuiserkenning van de onderneming met ingang van zaterdag 3 juli 2021 geschorst. De minister heeft de onderneming met de brieven van 15 en 23 juli 2021 en van 13 augustus 2021 medegedeeld dat de eerste vier plannen van aanpak niet voldeden aan de eisen.
Gosschalk, nu Exportslachterij Family Beef B.V, kende zo weinig schaamte dat ze tegen al deze besluiten en brieven bezwaar maakte en toen de minister deze afwees, ging ze daartegen in beroep. Het horror slachthuis vond dat de schorsing buitenproportioneel was en dat de minister uitsluitend vanwege druk vanuit de Tweede Kamer tot schorsing van de erkenning was overgegaan.
Gelukkig rekent het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) daar op 18 november 2025 mee af: 2 “Het CBb oordeelt dat de situatie in het slachthuis ernstig genoeg was om de slachthuis-erkenning te schorsen. De eerder genomen maatregelen van verscherpt toezicht en beperkingen aan het aanvoeren en lossen van de dieren bleken namelijk niet effectief. Het CBb ziet geen aanwijzingen dat de minister zich heeft laten leiden door de maatschappelijke en politieke onrust die door de uitzending van de videobeelden was ontstaan. Het CBb ziet ook geen reden om de videobeelden niet betrouwbaar te achten. Verder oordeelt het CBb dat de betrokkenheid van de undercover-medewerker bij de overtredingen niet afdoet aan de verantwoordelijkheid van het bedrijf om dierenwelzijnsovertredingen te voorkomen. Bovendien waren er naast de undercover-medewerker nog andere medewerkers betrokken bij de overtredingen.” 3
Op 14 februari 2024 diende Animal Rights een verzoek in bij het college van Burgemeester en Wethouders van Ermelo om handhavend op te treden jegens eendenslachterTomassen Duck-To BV voor het structureel overtreden van de voorschriften uit de vigerende omgevingsvergunning. Het gaat er dan om dat bij Tomassen meer vervoersbewegingen van eendentransportvrachtwagens plaatsvinden dan toegestaan. Animal Rights heeft dit zelf geconstateerd via tellingen op de locatie van 5 t/m 7 november 2023, het is ook geconstateerd door omwonenden en door de omgevingsdienst, maar het blijkt ook uit de slachtgegevens. Dat leggen we hier verder uit.
Het vergunde aantal eendenaanvoervrachtwagens is 4 per dag. Dat kunnen enkele of dubbele vrachtwagens zijn. Dat blijkt uit de huidige milieuvergunning uit 2006, alsmede uit akoestisch onderzoek, als onderdeel van het vergunningenbestand uit 2001: “De eenden worden twee keer per dag voor 07:00 en twee keer per dag na 07:00 aangevoerd door middel van eigen vrachtwagens.”
Dit zijn die vergunde eendentransportbewegingen:
Akoestisch onderzoek, als onderdeel van het vergunningenbestand uit 2001
Akoestisch onderzoek, als onderdeel van het vergunningenbestand uit 2001
Actualisatie akoestisch onderzoek 29 april 2008
Een enkele vrachtwagen ziet er zo uit:
Een dubbele vrachtwagen zo:
Één container bevat 12 lades/kratten:
Er gaan maximaal 16 eenden per krat. Dat weet Animal Rights uit undercoverbeelden/werk, maar wordt, bijvoorbeeld, ook bevestigd door de NVWA tijdens een bedrijfsoverleg met Tomassen op donderdag 14 juli 2022: “[…] belading gisteren is niet gebeurd volgens eigen hitteprotocol. Per lade 14 eenden omschreven, echter zaten 16 eenden per lade in.”. Rapportnummer 106/23/0450 van 6 september 2023 over een inspectie in het slachthuis naar het handelen bij extreme temperaturen zegt: “Aantal vervoerde eenden = 2.388, geladen 12 per krat, Gebruikelijk = 16 per krat. Wegens hitteprotocol nu 25% minder geladen.” In een ander hitte-inspectierapport (nummer 2191/23/0151) van 20 juni 2023 staat: “Temperatuur 28.7 graden. 16 stuks eenden in een krat was teveel, aantal eenden hadden de bek los, …” Bij een transportcontrole onderweg (rapportnummer 2191/18/0162) van 10 september 2018 wordt vermeld: “Eendentransport, geladen in Lutten. 333 lades x 16 stuks per lade.”
In een brief aan de gemeenteraad van Ermelo van 5 december 2022 zegt de jurist van Tomassen Duck-To, Rob Scholten: “Raadslid Wilhelm stelde nog de vraag hoeveel dieren er in een krat gaan. Op dat moment kon geen concreet antwoord worden gegeven. Navraag leert het volgende antwoord op. De eenden worden geladen met of 12, of 14 of uiterlijk 16 eenden per krat. Dit hangt af van het gewicht van de dieren en de tempratuur.”
16 Eenden per lade is de standaard. Controlerende instanties kunnen dit dan ook makkelijk nagaan door de protocollen van de eendenslachter er op na te slaan.
Op een enkele vrachtwagen passen 22 containers in twee lagen van 11. Op een dubbele vrachtwagen passen 10 containers op de vrachtwagen zelf en 14 op de aanhanger (schamel).
22 containers x 12 kratten x 16 eenden = 4.224 eenden per enkele vrachtwagen. (10 + 14) containers x 12 kratten x 16 eenden = 4.608 eenden per dubbele vrachtwagen.
Als per dag maximaal 4 vrachtwagens met eenden mogen worden aangevoerd en er – grofweg – 5.000 eenden maximaal op een vrachtwagen passen, dan kunnen op het slachthuis maximaal 20.000 eenden per dag worden geslacht.
Uit openbare gegevens afkomstig van de NVWA is duidelijk te zien dat met grote regelmaat – structureel – meer dan 20.000 eenden per dag geslacht worden. Deze kunnen nooit aangevoerd zijn met 4 eendentransportvrachtwagens. Er moeten dus meer aanvoerwagens per dag rijden dan vergund, hetgeen ook de constatering is van de omwonenden en Animal Rights.
We zetten het aantal geslachte eenden per slachtdag voor 2023 en 2024 nog eens op een rij:
Aantal geslachte eenden januari t/m eerste helft van april 2023
Aantal geslachte eenden tweede helft van april en mei 2023
Aantal geslachte eenden juni en juli 2023
Aantal geslachte eenden augustus en september 2023
Aantal geslachte eenden oktober en november 2023
Aantal geslachte eenden december 2023
Aantal geslachte eenden januari t/m maart 2024
Aantal geslachte eenden april t/m juni 2024
Dit is een overtreding van de vergunning van het bedrijf. Het is een opzettelijk begaan economisch delict en daarmee een misdrijf.
Deze berekeningen zijn onderdeel van het handhavingsverzoek van Animal Rights bij het college van Ermelo over het overtreden van het aantal vergunde eendentransporten. Ondanks dat het handhavingsverzoek werd toegewezen, negeerde het college deze berekeningen. Dat accepteert Animal Rights niet en maakte bezwaar.
De gemeente Ermelo bedondert de zaak al jaren bewust. Ze rekent de werktijden van 07:00 uur tot 16:00 uur volgens de nu vigerende vergunning van Tomassen Duck-To als 9 slachturen: 9 x 3500 eenden (maximale productie per uur) = 31.500 eenden per dag. Ze negeert daarmee niet alleen bewust de beperkende factor van de 4 vergunde vrachtwagens, maar ook dat tijdens deze 9 uur niet continu geslacht kan worden ivm NVWA inspecties, verwerking van ‘product’, schoonmaken achteraf, etc.
Het komt er ook in deze zaak op neer dat de gemeente Ermelo alles in het werk stelt om de illegale activiteiten van de eendenslachter te verdoezelen en is daarmee een onmisbaar onderdeel van het criminele netwerk van Tomassen Duck-To.
Update
De gemeente Ermelo houdt zich zo dom mogelijk. In haar reactie op het bezwaarschrift van Animal Rights van 2 september stelt het college: “Voor zover het verzoek tot handhaving betrekking heeft op de slachtcapaciteit, is er geen sprake van een overtreding. In de vigerende milieuvergunning is de slachtcapaciteit namelijk niet begrensd.”
Het gaat er natuurlijk niet om of de slachtcapaciteit begrensd is. Het gaat er om dat de geslachte aantallen het bewijs vormen dat er meer eenden worden aangevoerd dan op de vier vergunde vrachtwagens passen. Het is een overduidelijk, direct bewijs dat het bedrijf structureel in overtreding is.
Dit zal Animal Rights, naast andere feiten, nader toelichten op een hoorzitting op 19 september.
Eendenslachter Tomassen Duck-To is niet het enige hoofdpijndossier in Ermelo. Ook pallet- en timmerbedrijf Ten Hove bezondigde zich aan illegale praktijken geruggesteund door de lokale politiek. Ermelo zou echter Ermelo niet zijn als er niet ook in dit corruptiedossier een verband was met de eendenindustrie.
Voor het legaliseren van de uitbreiding van Ten Hove, het bouwen van 42 woningen en de uitstoot van een nieuwe bio-energiecentrale wordt gebruik gemaakt van de stikstofrechten van een aantal voormalige eendenbedrijven aan de zogenoemde Haspelstrook. Die eenden zijn echter reeds jaren geleden verdwenen en daarmee de vergunde stikstofuitstoot. Dat deze rechten nu mogelijk worden gebruikt voor deze nieuwbouw- en legalisatie-activiteiten komt in de praktijk neer op nieuwe, extra stikstofuitstoot. Het kwetsbaar, overbelaste Natura 2000-gebied Veluwe ligt binnen 100 meter.
Het college van burgemeester en wethouders van Ermelo, weten we uit het Duck-To-dossier, is moreel erg flexibel: “De gemeente zegt niet precies te weten hoe lang daar al geen eenden meer worden gehouden en überhaupt niet zeker te weten of álle activiteiten zijn beëindigd. Maar op papier bestaan de bedrijven nog, zegt de gemeente. De rechten zijn er nog en dat is de juridische werkelijkheid waar de gemeente naar moet handelen,” berichtte de Stentor in mei 2024.
Op 19 juli 2024 wordt het bestemmingsplan Haspel 99-129 door de gemeenteraad vastgesteld. Maar als het aan Animal Rights en Mobilisation for the Environment ligt, komen de stikstofrechten van de voormalige eendenmesterijen ten goede aan de natuur en aan niets anders.
Intrekkingsverzoeken
Animal Rights en Mobilisation hebben de provincie Gelderland op 5 juni 2024 gevraagd om de vigerende natuurvergunning voor het bedrijf aan de Haspel 121-125 in te trekken. Dit bedrijf beschikt over een vergunning voor het houden van 24 paarden en 11.762 eenden, met een bijbehorende ammoniakemissie van 2.569,72 kg per jaar, wat resulteert in een maximale stikstofdepositie op de Veluwe van ruim 9 mol/ha/jaar. Het bedrijf ligt op 60 meter van natura 2000-gebied Veluwe.
Op diezelfde dag vroegen de twee organisaties de gemeente Ermelo om de vergunning in het kader van de Wet milieubeheer voor het houden van diezelfde 24 paarden en 11.762 eenden in te trekken.
Animal Rights en Mobilisation hebben de gemeente Ermelo op 17 september 2024 gevraagd om de vigerende milieuvergunning voor het bedrijf aan de Haspel 127-129 in te trekken; het bedrijf heeft geen natuurvergunning. Het betreft ook hier een vergunning voor het exploiteren van eendenhouderijen. Naar weten van de organisaties is de huidige vergunde situatie dat nog toestemming bestaat voor het houden van 5940 vleeseenden en 2039 ouderdieren van vleeseenden, met een bijbehorende totale ammoniakemissie van 1899,88 kg/jr. Het bedrijf ligt op 40 meter van natura 2000-gebied Veluwe.
De feitelijke situatie is kennelijk zo dat van deze vergunningen al aanzienlijke tijd geen gebruik meer wordt gemaakt, blijkens onderzoeksbronnen van de organisaties. Op het moment dat de bedrijven onverhoopt toch wel de bedrijfsvoering willen herstarten en er weer gebruik kan worden gemaakt van de natuur-/milieuvergunningen, of de stikstofrechten worden ingezet in het kader van externe of interne saldering, zal dat resulteren in een feitelijke toename van stikstofdepositie, wat verslechterende of significant verstorende gevolgen kan hebben voor omliggende natura 2000-gebieden, met name de reeds sterk overbelaste Veluwe.
In de uitzending van het programma Zembla van 10 maart 2024 is door een gedeputeerde van het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland de uitspraak gedaan met de strekking dat het niet wenselijk is om ‘slapende bedrijven’ in stand te houden. Onderhavige bedrijven zouden dergelijk ‘slapend bedrijven’ zijn. In dit kader achten de organisaties het passend dat de nog vigerende natuur/milieuvergunningen worden ingetrokken.
De organisaties baseren het intrekkingsverzoek op artikel 5.40, lid 2, sub b, van de Omgevingswet, dat bepaalt dat het bevoegd gezag een omgevingsvergunning kan intrekken als gedurende een jaar of een in de vergunning bepaalde langere termijn geen activiteiten zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning.
Animal Rights en Mobilisation verzoeken de colleges dan ook van deze bevoegdheid tot intrekking gebruik te maken. Zeker aangezien het ook zeer onwaarschijnlijk is dat in de toekomst nog van deze vergunningen gebruik kan worden gemaakt nu tevens het bestemmingsplan wordt gewijzigd door de gemeente.
Los van de omstandigheid dat de vergunningen niet meer worden gebruikt, achten de organisaties het ook nodig de vergunningen in te trekken in het belang van de bescherming van het milieu en de natuur, want stikstofdepositie wordt ook als groot knelpunt genoemd in de natuurdoelanalyse van de Veluwe.
Het is niet wenselijk om ongebruikte vergunningen en rechten in stand te laten; zeker wanneer het vergunningen betreft met een dergelijke aanzienlijke omvang als de onderhavige en de zwaarwegende natuur-milieubelangen die bij intrekking gebaat zijn.
Update
Op 25 september stellen de PvdD en SP er vragen over aan de Gedeputeerde Staten van Gelderland. Onder andere: Klopt het dat de provincie in juni verzoeken heeft ontvangen om de slapende vergunning in te trekken van een eendenhouderij in Ermelo? Zo ja, wanneer gaat u de vergunning intrekken? Waarom heeft u vorige week in antwoord op onze schriftelijke vraag over het bestemmingsplan Haspel niet naar deze intrekkingsverzoeken verwezen? Wist het college, op het moment dat de provincie haar goedkeuring verleende aan het bestemmingsplan Haspel, dat er werd gesaldeerd met slapende vergunningen van bedrijven die al tientallen jaren zijn gestopt? Zo ja, waarom heeft u niets met deze informatie gedaan? 1
De antwoorden van gedeputeerde Ans Mol, diezelfde dag, zijn ontwijkend: “Waarom hebben we niet eerder geantwoord dat bij de beantwoording hebben we niet… Ik wil het inkorten met de vraag. Dus daarom hakkel ik een beetje van… Waarom hebben we bij het bestemmingsplan Haspel niet naar deze intrekkingsverzoeken verwezen? Zoals in ons vorige antwoord ook uiteen is gezet, was het bestemmingsplan al vastgesteld. Het vaststellen van de bestemmingsplan is de bevoegdheid van de gemeente. Daarnaast zijn de vergunningen nog steeds van kracht. Enkel een verzoek van intrekking betekent nog niet dat de vergunning ook wordt ingetrokken en gebruikt kan worden. Wisten wij dat er met slapende vergunningen die al tientallen jaren zijn gestopt zijn gesaldeerd? Er was ten tijde van de toetsing door de provincie van dat bestemmingsplan Haspel nog een milieuvergunning actief van een agrarisch bedrijf wat is gevestigd in het plangebied. Dit bedrijf zou stoppen en op dat moment is de afspraak met de gemeente gemaakt om deze vergunning in te trekken, waarmee een grote stikstofbron zou worden verwijderd. Over het salderen met de stikstofrechten heeft GS de gemeente geadviseerd. GS adviseert om goed uit te zoeken of het salderen met de voormalige kalkoenhouderij in dit geval, wel mogelijk is.”2
Op 16 december schrijft de Stentor dat uit een bericht van wethouder Ronald van Veen aan de gemeenteraad blijkt dat met name de stikstofproblematiek nog voor onduidelijkheid zorgt. Om alle ontwikkelingen in de zogenoemde Haspelstrook mogelijk te maken worden stikstofrechten van niet meer bestaande eendenboerderijen gebruikt. 3
MOB en Animal Rights hebben intrekkingsverzoeken ingediend voor die vergunningen waarmee de voormalige eendenhouderijen stikstof mochten uitstoten. Daarmee wil het uitsluiten dat die oude rechten van ‘slapende’ bedrijven alsnog worden ingezet om andere ontwikkelingen mogelijk te maken die de natuur schaden.
Omdat de gemeente zelf niet genoeg stikstofkennis in huis heeft schakelde ze een advocatenkantoor in om te onderzoeken of de kritiek terecht is. Het advocatenkantoor heeft laten weten dat de stikstofonderbouwing inderdaad niet juist is en dat een nieuwe onderbouwing moet worden opgesteld. Aan de gemeenteraad meldt Van Veen dat de gemeente de door het bedrijf aangeleverde onderbouwing had laten controleren door een deskundige. ‘Die controle is niet goed gegaan’. Het negatieve advies van het advocatenkantoor is reden geweest om na te gaan hoe het proces is doorlopen, zegt hij. De conclusies brengt hij echter niet naar buiten. Op die evaluatie is geheimhouding gelegd.
Als een nieuwe onderbouwing volgens het advocatenkantoor wel door de beugel kan, kan het proces worden vlotgetrokken door een ‘herstelbesluit’ te nemen, geeft Van Veen aan.
De intrekkingsverzoeken zijn nog in behandeling, meldt de wethouder.
Op 9 januari 2025 meldt het Ermelo’s Weekblad dat het door de gemeente ingeschakeld bureau de conclusie heeft getrokken dat de stikstofberekening inderdaad onjuist is en een nieuwe onderbouwing moet worden vastgesteld. Daarmee is inmiddels begonnen waarbij het bureau meekijkt. Mobilisation for the Environment (MOB) heeft bezwaar aangetekend tegen de stikstofberekening. 4
Door middel van een herstelbesluit wil het college van burgemeester en wethouders vervolgens de huidige, onjuiste onderbouwing vervangen door een nieuwe onderbouwing in het bestemmingsplan. Indien nodig wordt de raad gevraagd hierover een besluit te nemen.
Het naast Ten Hove gelegen recreatiebedrijf Jacarja blijkt eveneens beroep ingesteld te hebben. Zij zijn het nog steeds niet eens met het landschappelijke inpassingsplan.
Een derde beroep tegen het bestemmingsplan, dat onder meer illegale activiteiten van de pallethandel en timmerfabriek moet legaliseren, is afkomstig van een omwonende. Hij vindt dat de drie meest noordelijke nieuw te bouwen woningen te dicht op zijn eigendom staan.
De intrekkingsverzoeken van Animal Rights en MOB zijn nog altijd in behandeling bij het Ermelose college.
Op 28 januari 2025 bericht de Stentor dat Ermelo externe kennis moet inhuren om duidelijkheid te krijgen over de gevolgen van een uitspraak over stikstof die de Raad van State vorige maand deed. 5 Tot die tijd durven burgemeester en wethouders niet te zeggen wat deze bijvoorbeeld voor woningbouwprojecten betekent. Het gaat maanden duren voor die duidelijkheid er is.
Naast het Hart van Horst (mogelijk 95 nieuwe woningen) gaat het om de vergunning om alle illegale omstandigheden bij eendenslachter Tomassen te legaliseren en de uitbreiding van Ten Hove met daarbij de bouw van 42 woningen. De raad heeft al een besluit genomen om niet mee te werken aan een vergunning voor de slachterij. Voor de Haspelstrook (Ten Hove) is een herstelbesluit in voorbereiding, maar lopen intrekkingsverzoeken van Animal Rights en Mobilisation om de gebruikte stikstof ruimte ten goede te laten komen aan de natuur.
Op 24 maart 2025 is er meer nieuws. 6 De Stentor bericht dat de gemeente Ermelo 500.000 euro aan dwangsommen van pallet- en timmerfabriek Ten Hove wil innen, omdat het zich niet aan de regels heeft gehouden. Ten Hove ging er vanuit dat de dwangsommen die de gemeente in 2021 alsnog had opgelegd, na jaren van niet handhaven onder burgemeester Baars, nooit zouden worden geïnd. Eind 2022 trok het bedrijf het beroep tegen de dwangsommen in. Dat deed Ten Hove volgens de onafhankelijke bezwarencommissie op eigen risico. Ermelo zet de invordering door, waardoor twee vennootschappen van Ten Hove elk 250.000 euro moeten betalen. Zes bouwwerken die Ten Hove zonder vergunning plaatste moesten worden verwijderd met 100.000 euro aan dwangsom per week als stok achter de deur. Na vijf weken was het maximum van een half miljoen euro bereikt. De gebouwen stonden er echter nog steeds. Na meerdere malen uitstel van betaling te hebben verleend, stuurden burgemeester en wethouders het bedrijf daarom in september 2024 een invorderingsbeschikking. De onafhankelijke bezwarencommissie vindt dat correct. Burgemeester en wethouders leggen de bezwaren van Ten Hove daarom naast zich neer. Ten Hove kan nog naar de Raad van State.
Uit een update in De Stentor 7 van 10 maart 2026 blijkt dat Ermelo voor 50.000 euro advocatenkantoor Hekkelman inhuurt om zich een weg te banen uit het stikstofdossier rondom het legaliseren van de illegale uitbreiding van palletfabriek Ten Hove. Ook blijken burgemeester en wethouders vorig jaar de dwangsom te hebben gehalveerd, geen 500.000 maar 250.000 euro, voor het illegaal plaatsen van 6 gebouwen door Ten Hove. Daarmee zeiden ze het bedrijf te belonen voor zijn “welwillende houding”. Ten Hove vocht dit aan bij de rechter en de zitting is deze week.
Op 12 maart 2026 ging de soap verder in de rechtszaal van Arnhem. Een samenvatting: Ten Hove moet dwangsommen betalen omdat het zonder vergunning zes gebouwen neerzette. Naastgelegen recreatiepark Jacarja vroeg de gemeente vanwege geluidsoverlast om daartegen op te treden. Toenmalig burgemeester André Baars weigerde dat. Baars stapte uiteindelijk op en de Raad van State beval de gemeente alsnog tot handhaving over te gaan, dwangsommen dus. Uiteindelijk werd een deal gemaakt ter legalisering van de illegale activiteiten van Ten Hove. Het nieuwe bestemmingsplan daarvoor is echter nog steeds niet definitief. Ten Hove trok het bezwaar tegen de dwangsommen in, ervan uitgaande dat het innen na de deal van de baan was. Ermelo zette echter door, al werd het bedrag van 500.000 euro gehalveerd. In de rechtbank komt Ten Hove aanzetten met een administratie fout, een vergeten initiaal. De gemeente houdt de rug voorlopig recht: Ten Hove had zichzelf dit bespaard als het geen gebouwen zonder vergunning had geplaatst. Nu de dwangsommen verschuldigd zijn, worden ze ook geïnd. “Anders zouden dwangsommen nooit meer serieus worden genomen.”
Op 27 mei 2026 stellen MOB en Animal Rights de provincie Gelderland en gemeente Ermelo ingebreke. Op 9 juni 2026 volgen dan al snel de negatieve, nauwelijks onderbouwde besluiten. Ermelo komt niet verder dan te stellen dat “het belang van de bescherming van het milieu en de natuur zich niet verzet tegen het niet intrekken van de milieutoestemmingen, omdat er afspraken zijn gemaakt met de initiatiefnemers dat de milieutoestemming(en), na realisatie van de ontwikkelingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt, worden ingetrokken en het (herstelde) bestemmingsplan bovendien door middel van voorwaardelijke verplichtingen ook voorziet in het intrekken van de milieutoestemming(en).”
Eind juni stemmen de partijen in de Ermelose gemeenteraad in met het herstelbesluit dat uitvoering van het bestemmingsplan Haspel 99-129 mogelijk moet maken: legalisering van de bestaande activiteiten van pallet- en timmerfabriek Ten Hove en de bouw van in totaal 42 woningen. Het bestemmingsplan is in het verleden al eens goedgekeurd door zowel het college van burgemeester en wethouders als de raad en er is nu alleen een herstelbesluit noodzakelijk om het plan te repareren.
Volgens het college volstaat het herstelbesluit, maar stikstofdeskundige Ton Brouwer uit Ermelo vindt dat het plan geen schijn van kans maakt bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Met name omdat gebruik wordt gemaakt van de stikstofrechten van een voormalige eendenhouderij waar al jaren geen eenden meer lopen. Er ligt het intrekkingsverzoek van Mobilisation en Animal Rights en de kans dat dit wordt toegewezen acht Brouwer honderd procent. Hij voorziet ook geen alternatief voor het bedrijf op de huidige locatie. Verplaatsing is naar zijn mening de enige oplossing. Dan kan de geplande woningbouw alsnog worden gerealiseerd.
Op 3 augustus 2026 reageerden Mobilisation en Animal Rights met een zienswijze op de afwijzing van het intrekkingsverzoek voor de natuurvergunning voor Haspel 121-125 bij de provincie Gelderland en met bezwaarschriften bij de gemeente Ermelo vanwege de weigering om de milieuvergunningen in te trekken voor de bedrijven aan Haspel 127-129 en Haspel 121-125 te Ermelo.
Deze vergunningen worden reeds lange tijd niet meer gebruikt. Ermelo verwijst naar een vermeende afspraak met de initiatiefnemers van een bouwproject op grond waarvan de milieuvergunning op een later moment zou worden ingetrokken. Deze afspraak is echter niet overgelegd, noch blijkt uit het besluit wat de inhoud daarvan precies is, welke partijen daarbij betrokken zijn, of deze juridisch afdwingbaar is en op welke wijze de nakoming daarvan is verzekerd. Het college lijkt de vergunning uitsluitend in stand te willen laten teneinde de daarin besloten emissieruimte op een later moment te kunnen benutten ten behoeve van de voorgenomen gebiedsontwikkeling. Daarmee wordt de ongebruikte vergunning feitelijk als “stikstofvoorraad” bewaard. Dergelijke loze vergunningen dienen niet ‘achter de hand’ te worden gehouden als zijnde een ‘stikstofspaarpot’ maar te worden ingetrokken, juist gelet op milieubelang dat is gediend met intrekking.
Het maatregelenpakket van Gelderland dat wordt voorgeschoteld als alternatief voor het intrekken van de natuurvergunning voldoet niet. Het ontwerpbesluit bevat geen toereikende ecologische beoordeling en steunt op maatregelen waarvan effect, omvang en tijdpad onvoldoende zeker zijn. Daarmee is onvoldoende gemotiveerd dat van intrekking van de natuurvergunning kan worden afgezien. Dat klemt te meer nu het vergunde project gekwalificeerd kan worden als zijnde piekbelaster en is gelegen op slechts 50 meter afstand van de Veluwe, en daarmee dus binnen de door Gelderland zelf vastgestelde ‘500 meter randzone’ van de Veluwe ligt. Intrekking van deze vergunning is daarmee geheel in lijn met het eigen voorgenomen beleid. De gevraagde intrekking is noodzakelijk om te voldoen aan de verplichtingen van de Habitatrichtlijn.
Op 2 juli 2024 heeft het college van gedeputeerde staten van Drenthe het ‘Faunabeheerplan vrijgestelde soorten Drenthe 2024-2029’ goedgekeurd. Op 15 juli maakten Animal Rights en Fauna4Life bezwaar tegen dit evident onrechtmatig besluit. Gelijktijdig vroegen de organisaties de rechtbank Noord-Nederland dit besluit te schorsen tot zes weken na de beslissing op het bezwaarschrift. Er is sprake van een spoedeisende belang omdat het doden van dieren nu eenmaal onomkeerbaar is.
Het faunabeheerplan maakt het vangen en doden van de Canadese gans, de zwarte kraai en de vos mogelijk.
Het is Nederland verboden om zonder omgevingsvergunning een activiteit met mogelijke gevolgen voor van nature in het wild levende dieren of planten te verrichten.
De minister heeft de mogelijkheid van een specifieke vrijstelling ten behoeve van de bestrijding door de grondgebruiker van diersoorten die landelijk schade veroorzaken en die een landelijk gelijke benadering vragen. Daaronder bevinden zich ook de Canadese gans, de zwarte kraai en de vos. De minister heeft dat ook gedaan.
Echter, op 19 april 2023 deed de Raad van State in hoger beroep uitspraak over de goedkeuring van het ‘Faunabeheerplan Algemene soorten 2017- 2023’ voor het grondgebied van de provincie Noord-Holland. De Afdeling was van oordeel dat er terecht bezwaar was gemaakt tegen dit faunabeheerplan omdat het was gebaseerd op de landelijke vrijstelling die onvoldoende was onderbouwd door de minister. Hierdoor voldeed de landelijke vrijstelling niet aan de wettelijke eisen en kon daar in het faunabeheerplan niet van worden uitgegaan.
“De door deze diersoorten [houtduif, zwarte kraai, kauw, konijn en vos] veroorzaakte schade bestond volgens deze toelichting op jaarbasis uit miljoenen euros, maar de stellingen hierover met bedragen en soorten schade zijn verder niet onderbouwd of van bronnen voorzien. Dit biedt naar het oordeel van de Afdeling onvoldoende onderbouwing voor de conclusie dat deze soorten belangrijke of ernstige schade veroorzaken.”
“Wat betreft de vraag of er andere bevredigende oplossingen zijn bij de landelijk vrijgestelde diersoorten de houtduif, het konijn, de vos, de zwarte kraai en de kauw staat in de nota van toelichting bij het Bnb zonder onderbouwing dat er – gezien hun kenmerken en de omvang van hun populaties – geen effectieve middelen zijn om schade te voorkomen zonder overtreding van de verbodsbepalingen. Dit biedt naar het oordeel van de Afdeling ook onvoldoende onderbouwing.”
“Over de vraag of de maatregelen uit het faunabeheerplan niet leiden tot verslechtering van de staat van instandhouding of er geen afbreuk wordt gedaan aan het streven de populaties van de betrokken soort in hun natuurlijke verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan stelt de nota van toelichting dat het in alle gevallen gaat om soorten die niet in hun voortbestaan zijn bedreigd en die dat gevaar ook niet lopen. Er is volgens de nota van toelichting sprake van stabiele populaties (zwarte kraai) of matig groeiende populaties (houtduif en kauw) en het konijn en de vos worden niet in hun voortbestaan bedreigd en zij lopen dat gevaar ook niet. Ook deze stellingen zijn verder niet onderbouwd of van bronnen voorzien.”
“Omdat de landelijke vrijstellingen van de houtduif, de zwarte kraai, de kauw, het konijn en de vos onvoldoende zijn onderbouwd, mochten het college en de faunabeheereenheid met het faunabeheerplan niet van de landelijke vrijstellingen uitgaan.”
Zelfs als het college wel van de landelijke vrijstellingen mocht uitgaan, had het bovendien nog steeds onderzoek toegespitst op het eigen grondgebied moeten doen. De conclusie was dan ook dat de besluitvorming wat betreft de landelijke vrijstellingen niet berust op een deugdelijke motivering en onzorgvuldig is.
De bewoording ‘landelijke vrijstelling’ is min of meer losgelaten onder de Omgevingswet; er wordt nu gesproken van een ‘door de minister aangewezen vergunningsvrij geval’. Aan deze aanwijzing van de Canadese gans, de zwarte kraai en de vos als vergunningvrij geval is nadrukkelijk geen andere informatie ten grondslag gelegd dan destijds aan de landelijke vrijstelling. In de ‘Nota van toelichting op het Aanvullingsbesluit natuur Omgevingswet’ vermeldt de minister: “Over de landelijke schadesoorten bestaan geen nieuwe inzichten.”
Dat is ook de mening van Faunabeheereenheid Noord-Holland. In een ‘Veel gestelde vragen’ van 21 maart 2024 schrijft ze: “Zolang de minister geen goede onderbouwing geeft voor het landelijk vrijstellen van genoemde soorten kan deze regeling niet worden gebruikt. Er is geen signaal dat de ontbrekende onderbouwing door de minister alsnog gegeven gaat worden.”
Het thans door de stichtingen betwiste faunabeheerplan en het goedkeuringsbesluit reppen met geen woord over deze gevolgen van uitspraak van de Afdeling. Het bestreden besluit bevat overigens überhaupt geen motivering.
Op 19 september 2024 doet de voorzieningenrechter uitspraak. Ook deze heeft gerede twijfel of de door minister gegeven toelichting en onderbouwing voor wat betreft de aanwijzing van vergunningsvrije gevallen thans, ook in het licht van voormelde uitspraak van de Raad van State, deugdelijk is. ”Hierbij neemt de voorzieningenrechter in aanmerking dat de Nota van toelichting op het Aanvullingsbesluit natuur Omgevingswet inhoudelijk niet verschilt van de door de AbRvS in voormelde uitspraak ontoereikend geachte onderbouwing van de landelijke vrijstelling in het Bnb. Dit brengt naar het oordeel van de voorzieningenrechter met zich dat er mogelijk een gebrek kleeft aan het bestreden besluit, dat op die aanwijzing van vergunningsvrije gevallen is gebaseerd.”
Een fijne conclusie, maar in de belangenafweging gaat het mis voor de vos. De voorzieningenrechter is van oordeel dat er aanleiding bestaat om de gevraagde voorlopige voorziening toe te wijzen. Het bestreden besluit wordt geschorst tot zes weken nadat door de provincie Drenthe is beslist op de bezwaren van de stichtingen met betrekking tot de maatregelen ten aanzien van Canadese gans en de zwarte kraai.
De voorzieningenrechter oordeelt echter dat het belang van de bescherming van de uiterst kwetsbare weidevogelpopulatie in Drenthe zwaarder dient te wegen dan de bescherming van de vos als algemeen voorkomende soort die zich in een gunstige staat van instandhouding bevindt; een onrechtvaardige ’baat het niet, schaadt het niet’-afweging.
De Canadese gans en de zwarte kraai zijn voorlopig even verlost van moordzuchtige jagers in Drenthe, de vos blijft vogelvrij.
Wat is een voorlopige voorziening en hoe werkt het?
Een voorlopige voorziening is een spoedmaatregel om te voorkomen dat er onomkeerbare dingen gebeuren als gevolg van een besluit, voordat op het bezwaar is beslist. In dit geval het doodschieten van Canadese gans, zwarte kraai en vos. Het is vergelijkbaar met een kort geding, maar waar een kort geding een ‘losse’ rechtszaak is, is een voorlopige voorziening onderdeel van een lopende zaak.
In deze zaak moet het college nog een beslissing nemen over de bezwaren die de stichtingen Animal Rights en Fauna4Life tegen het faunabeheerplan hebben gemaakt en het college moet heroverwegen of de vergunning in stand blijft.
De voorzieningenrechter toetst of de bezwaren van de stichtingen een redelijke kans van slagen hebben. Dat wordt ook wel de rechtmatigheidstoets genoemd. Voor deze toets kijkt de voorzieningenrechter naar wat de stichtingen hebben aangevoerd tegen her faunabeheerplan.
Na de rechtmatigheidstoets weegt zij de belangen van de stichtingen die pleiten vóór het treffen van een voorlopige voorziening en de belangen van het college die pleiten tegen het treffen daarvan.
Er bestaat in beginsel alleen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening als het faunabeheerplan zo gebrekkig is, dat deze in de heroverweging in bezwaar naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet of niet volledig in stand kan blijven.
Woensdagochtend 18 september protesteerde Animal Rights op de Grote Markt in Leuven tijdens de plechtige opening van het academiejaar. Het protest had een grote opkomst van ongeveer 30 activisten. Met borden met de slogan “Voor wetenschap, tegen dierproeven” vatten ze post langs de stoet der togati. Twee apen in een replica van een primatenstoel beeldden het apenleed aan de KU Leuven uit. Rowena Vanroy, campagnecoordinator Animal Rights: “De KU Leuven stimuleert alternatieven voor dierproeven amper. In plaats van een leider te zijn in alternatieven, gaan ze gewoon verder met dieren martelen.”
De KU Leuven is de grootste proefdiernemer van de Benelux. Onder andere wordt er experimenteel hersenonderzoek verricht op resusapen. Om hun hersenactiviteit te kunnen meten, worden via boorgaten in hun schedel elektroden geïmplanteerd in de hersenen. Met cement wordt een fixatie-staaf of ‘hoedje’ aan de schedel vastgehecht. Dit staafje dient om de kop van de apen te fixeren tijdens de latere hersenmetingen. De dieren worden gemiddeld 7 tot 10 jaar (her)gebruikt aan de KU Leuven. In totaal beschikt de KU Leuven over ongeveer 40 proefapen.
Reactie KU Leuven
Animal Rights stuurde een brandbrief naar de rector van de KU Leuven, Marc Sels waarin we vragen om een gesprek. We kregen enkel een teleurstellende reactie terug.
“In antwoord op uw brief van 26-7-2024 kan ik u melden dat onderzoek aan KU Leuven geheel conform de Europese wetgeving over proefdieronderzoek gebeurt. Dit houdt in dat dierproeven enkel mogen uitgevoerd worden als er geen volwaardig alternatief of proefdiervrije manier beschikbaar is om dezelfde vraag te beantwoorden. Het “Neen, tenzij… “-principe en het 4V principe (vermindering, vervanging, verfijning, en verantwoord(elijk) omgaan met dieren) staan daarbij steeds centraal, evenals het maximaliseren van dierenwelzijn. Verder gebruiken KU Leuven onderzoekers alternatieven als dat kan. Er wordt ook krachtig ingezet op de ontwikkeling van nieuwe alternatieven.”
Teleurgesteld Animal Rights voert actie
Animal Rights is absoluut voorstander van wetenschappelijke vooruitgang, maar niet ten koste van dieren. Het gebruik van dieren van dierproeven is een morele grens die niet overschreden zou mogen worden. Het immense aantal dierproeven aan de KU Leuven is het gevolg van een beleidskeuze om dierproeven te financieren en de implementatie van alternatieven onvoldoende te stimuleren. Immers, de meeste apenexperimenten worden uitgevoerd met subsidie van de KU Leuven.
Vanroy: “Met onze demonstratie willen we een statement maken: voor wetenschappelijke vooruitgang, maar niet ten koste van dieren.”
Er bestaan intussen talloze alternatieven, maar het duurt veel te lang voor deze alternatieven worden aanvaardt door dierproefnemers en zij er zich vertrouwd mee maken. De wetenschappelijke ontwikkelingen volgen zich snel op. Wie dierproeven echt wil vervangen, moet eerst een gedegen literatuurstudie doen alvorens een studie op te zetten, en dat ontbreekt momenteel.
Intussen gaat de postercampagne van Animal Rights in de Leuvense binnenstad verder. Daarmee informeren we studenten en Leuvenaars over de apenexperimenten.