Een belangrijke reden dat het soms moeilijk is mensen ervan te overtuigen dat dierproeven onethisch zijn en zouden moeten stoppen, is dat veel mensen denken dat deze experimenten medicijnen opleveren tegen dodelijke ziektes en daarmee mensenlevens redden. Dat is een illusie.
Er worden nog altijd dieren gemarteld en vermoord om de perverse nieuwsgierigheid van onderzoekers te bevredigen. Een voorbeeld daarvan is het project ‘Het beïnvloeden van angst middels lichamelijke inspanning’ (NTS-NL-692581 v.1, 17-02-2023). 1
Elektrocutie & Angst
In dit project willen de onderzoekers nagaan “of lichamelijke inspanning nog te vormen en reeds ontwikkelde angsten beïnvloedt.” Voor de aanvraag van een dergelijk project moet een vorm van rechtvaardiging worden gezocht. In dit geval claimen de onderzoekers dat zo’n 30% van volwassen mensen op enig moment in het leven een angststoornis heeft. De onderzoekers zeggen te willen begrijpen welke factoren invloed hebben op het ontstaan en voortbestaan van excessieve angsten en hoe ze kunnen worden voorkomen en worden behandeld.
De onderzoekers formuleren hun verwachtingen zo oppervlakkig dat deze nooit de rechtvaardiging zouden mogen vormen voor het terroriseren en vermoorden van dieren:
“Op de langere termijn zou het onderzoek aanknopingspunten kunnen bieden voor het verminderen van angstklachten. Dit zou voordelig zijn voor de grote hoeveelheid mensen die aan angststoornissen lijden, psychologen en psychiaters die mensen met een angststoornis proberen te behandelen en de maatschappij als geheel.”
Eerder onderzoek zou suggereren dat lichamelijke inspanning een effect heeft op dergelijke angst-gerelateerde veranderingen in de hersenen. Daarom hebben de onderzoekers bedacht om muizen angst aan te jagen door ze elektrische schokken toe te dienen.
Weken later worden zij blootgesteld aan een omgeving die dezelfde elementen bevat als de omgeving waarin zij eerder de schokken hebben gekregen. Deze blootstelling roept vervolgens angst op.
Lichamelijke inspanning wordt in het project toegepast door bij de dieren een tredmolen in de kooi te plaatsen, waarin ze uit zichzelf moeten gaan rennen. De helft van de dieren (de controlegroep) zal een geblokkeerde tredmolen in de kooi geplaatst krijgen en dus niet deze vorm van lichamelijke inspanning kunnen verrichten.
Wie verzint het?
Pijn via stroomstoten, injecties & operaties
Ook krijgen de dieren injecties toegediend om de aanmaak van hersencellen te meten en beïnvloeden, en om te meten en beïnvloeden hoe de angstige leerervaring is opgeslagen in het brein.
Een gedeelte van de dieren ondergaat ook een operatie om de representatie van de angstige leerervaring in het brein te bestuderen.
De dieren zullen pijn ervaren tijdens het krijgen van de elektrische schok(ken), op de plek waarop zij injecties krijgen toegediend en na de operatie. Ze zullen enkele weken later angst ervaren door blootstelling aan de omgeving waar ze eerder de stroomstoten kregen toegediend.
Er bestaat ook een kleine kans op een ernstige bloeding of ontsteking op de operatieplek. De dieren waarbij dit op zou treden worden onmiddellijk gedood.
De dieren zullen langdurig individueel worden gehuisvest om betrouwbare metingen van lichamelijke inspanning en angst te kunnen verrichten. Dit zal ongerief veroorzaken bij de dieren.
Aannames en de conclusie die je daaruit zou moeten trekken
De aannames van de onderzoekers zijn veelzeggend: muizen ervaren angst, pijn en stress en hebben een goed ontwikkeld lange termijn geheugen om deze ervaringen – en waar en hoe ze plaatsvonden – te onthouden.
Een fatsoenlijk mens zou hieruit de conclusie trekken dat het verkeerd is om muizen angst, pijn en stress aan te doen. Maar niet deze onderzoekers.
3370 muizen
In 60 maanden zullen maar liefst 3370 muizen op deze wijze gemarteld worden. Hoe komen de onderzoekers op dit aantal? Via “statistische berekeningen uitgevoerd op basis van eerder onderzoek waarin gelijksoortige procedures zijn uitgevoerd om in te schatten hoeveel dieren er nodig zijn om betrouwbare conclusies te trekken uit ons onderzoek.”
Opnieuw is de onderbouwing vaag en oncontroleerbaar.
En iedereen wordt afgemaakt
De dieren worden afgemaakt nadat het experiment is afgerond, “omdat het voor het onderzoek noodzakelijk is dat de breinen van de dieren worden bestudeerd om te onderzoeken wat de effecten zijn van lichamelijke inspanning op veranderingen van het brein als gevolg van een angstige leerervaring.”
Ziek & pervers
Dit experiment kan niet anders beschreven worden dan ziekelijk, het product van een perverse geest. Dat een experiment als dit wordt goedgekeurd, geeft aan dat het ‘nee tenzij’-principe en de drie-V’s (vervanging, vermindering, verfijning) in de praktijk een wassen neus zijn.
Animal Rights
Animal Rights heeft bezwaar gemaakt tegen de vergunning en zal de rechter om een oordeel vragen.
“Gij zult niet experimenteren op andere levende, voelende wezens,” is een morele nullijn. Wat ook het profijt is voor de mensheid, geen enkel sentient individu is een middel tot een bepaald doel, maar een doel in zichzelf.
Update
In april 2023 publiceerde Animal Rights dit artikel en tekende bezwaar aan tegen deze verwerpelijke experimenten.
De vergunningverlening was van 8 februari 2023 en het (negatieve) besluit op bezwaar van 11 oktober 2023. Animal Rights ging in beroep.
De zitting vond uiteindelijk op 17 juni 2025 plaats. Op 29 juli deed de rechter een tussenuitspraak, waarin deze zich grotendeels, gemakzuchtig aan de kant van de dierproevenindustrie schaart.
De dierenexperimentencommissie (DEC) heeft geadviseerd dat het onderzoek tot een matige aantasting van de integriteit en het welzijn van de dieren leidt, die gerechtvaardigd is gelet op het onderzoeksbelang.
De cumulatie van ongerief is echter onvoldoende onderbouwd, omdat door de vergunninghouder wordt verwezen naar eerdere onderzoeken, maar er onvoldoende duidelijk is of die onderzoeken vergelijkbaar waren met dit project. En daarom is niet inzichtelijk of de Centrale Commissie Dierproeven (CCD) op basis van het advies tot de conclusie kon komen dat er sprake is van matig ongerief door de cumulatie van ongerief.
De CCD kreeg 8 weken de gelegenheid om het gebrek aan het besluit over de cumulatie van ongerief te herstellen.
In haar reactie leunt de CCD vervolgens opnieuw volledig op de bewering van de vergunninghouder en de Instantie voor Dierenwelzijn (IVD) dat er geen sprake is van ernstig ongerief, zonder daadwerkelijk in te gaan op waarom dat zo is.
De CCD verwijst alleen naar verschillende gepubliceerde studies. Dat er meer gruwelijke experimenten worden gedaan zegt echter niets over de ernst-inschatting van die studies in verhouding tot deze studie. Bovendien is in bij bijna alle voorbeelden (behalve één) de sterkte van de schok lager dan wat nu vergund is.
Verder gaat de vergunninghouder er nog op in dat ze in de praktijk een lagere schok toedienen, maar ook dat is niet relevant; het gaat er nu juist om dat de (cumulatieve) inschatting gebaseerd is op wat is vergund.
Geen transparantie in de dierproevenindustrie
Een verdere schande in deze zaak is dat Animal Rights geen documenten verstrekt kreeg, tenzij we akkoord gingen met de geheimhouding daarvan:
”De vergunninghouder heeft ernstige bezwaren tegen het verstrekken van de bezwaarstukken, en wil dat de stukken enkel op het kantoor van de CCD ter inzage worden gelegd. De CCD ziet hier geen reden toe, mits u met een aantal geheimhoudingsafspraken instemt.“
Dat heeft Animal Rights onder voorwaarden en onder protest uiteindelijk gedaan en dat vervolgens meegenomen in de beroepsgronden.
Update 2
Op 22 december 2025, gepubliceerd op 13 januari 2026, oordeelt de Rechtbank Den Haag in haar einduitspraak 2 dat de aanvullende motivering van de Centrale Commissie Dierproeven niet voldoet. De CCD heeft “niet inzichtelijk gemaakt op basis waarvan is geconcludeerd dat uit eerder onderzoek door de vergunninghouder is op te maken dat de interventies in dit project, cumulatief beschouwd, een matig ongerief meebrengen.”
Het beroep is daarmee gegrond. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit. De CCD moet daarom een nieuw besluit nemen op het bezwaar, rekening houdend met deze uitspraak en de tussenuitspraak.
Update 3
Op 29 december 2023 heeft Animal Rights een beroepsschrift ingediend bij de Centrale Commissie Dierproeven (CCD), tegen haar besluit om een vergunning te verlenen voor een project met de titel “Het beïnvloeden van angst middels lichamelijke inspanning”. Muizen worden in dit experiment gemarteld en vermoord om de perverse nieuwsgierigheid van onderzoekers te bevredigen.
De CCD is het centrale orgaan dat in Nederland als enige bevoegd is om vergunningen voor dierproeven te verlenen. De commissie is samengesteld uit mensen die werkzaam zijn in of een band hebben met de dierproevenindustrie. De besluiten hebben dan ook een hoog ‘wij van wc-eend’-gehalte en het is niet verwonderlijk dat de CCD in 2025 167 van de 169 projectvergunningen toewees en in 97% van de projecten de DEC-adviezen opvolgde.
De Dierexperimentencommissies (DEC) treden op als adviseurs van de CCD. De helft van de leden mag werkzaam zijn bij de instelling over wiens aanvragen de DEC advies uitbrengt. De CCD heeft de wettelijke bevoegdheid om zelf een DEC te selecteren die gevraagd wordt advies uit te brengen over een vergunningaanvraag, maar van die mogelijkheid heeft de CCD in 2025 geen gebruik gemaakt. Er is in alle gevallen aangesloten bij de voorkeur van de dierproef-aanvrager.
Op deze wijze vormen de aanvragers van dierproeven, de instellingsvergunninghouders, de instanties voor dierenwelzijn (IvD’s), de DEC’s, de CCD en de NVWA als toezichthouder een incestueus ons-kent-ons clubje dat er gezamenlijk zorg voor draagt dat de dierproevenindustrie zonder noemenswaardige hindernissen haar gang kan gaan.
Op 11 oktober 2023 werd het bezwaar van Animal Rights door de CCD ongegrond verklaard, maar de rechtbank vernietigde deze beslissing op 22 december 2025, voor zover deze betrekking had op de motivering van de inschatting van het ‘ongerief’. De rechtbank heeft geoordeeld dat deze motivering ontoereikend was. De CCD nam op 7 mei 2026 een nieuwe beslissing op bezwaar, maar blijft erbij dat deze ongegrond is.
Ze vermeldt daar wel bij: “De CCD merkt volledigheidshalve op dat de vergunninghouder inmiddels heeft teruggekoppeld dat het project waarvoor de vergunning is verleend niet langer in uitvoering is en niet meer in gang zal worden gezet.”
Dat is mooi natuurlijk, maar ook in haar nieuwe beslissing blijft de CCD volhouden dat het op deze wijze martelen van muizen een nuttig doel dient en dat het met het ’ongerief’ van de dieren allemaal wel meevalt. De CCD tracht dat deze maal niet wetenschappelijk te onderbouwen, de onderbouwing die de rechter verwierp, maar presenteert het nu gewoon als haar mening.
Animal Rights bestudeert komende week welk juridisch vervolg dit moet krijgen.


















